Zij was de erfgename van Hecket en werd vrouwe tot Itlingen en Knippenberg genoemd. In 1559 werd haar huwelijksovereenkomst afgesloten met ridder Melchior von en zu Dellwig, drost van Bochum 1578. Hij was een zoon van Christoph van en tot Delwig en van ... van Plettenberg tot Leenhuijsen. Hij overleed in 1587.
In 1592 vijf jaar later overleed ook Anna, haar kwartieren staan te Osterfeld (bij Qverhus ?): Knippenburg-Westerholt en Herborn- Busche. (1)
Delwig is een riddergoed in het kerspel Lütkedortmund, De stamhouder was Hereman nus de Dalewick, ridder 1238. ( Wapen : Schild in zilver, beladen met een rechter schuinbalk, die in de lengte gewolkt gedeeld is, langs de onderzijde van de balk rood en aan de bovenzijde blauw. Op de gekroonde helm een zilveren en een blauwe struisveder en daarom is deze fa milie van dezelfde stam als Adorp, Pad berg,enz.(2)
Kinderen van Delwig:
a. Melchior van en tot Delwig, ridder en heer van Delwig. Hij huwde met Catrina van Ascheberg, dochter van Johan, heer van Ichterloe en van Agnes van Thye zu Bustede. Hun kwartieren werden opgezworen te Munster.
Zij waren in 1585 op de Gulikse bruiloft, alwaar Melchior genoemd werd met acht kwartieren: links - Delwig, Werminkhausen, Plettenberg, Wendt en rechts- Knippenberg, Westerholt, Her born, Bussche.
Hun zoon Melchior van en te Delwig huwde met Hellenberg Sibille van Gisenberg, dochter van Johan, heer van Gisenberg en van Hellenberg van Romberg, De andere zoon ... van Delwig, ridder was commandeur van de Duitse orde te Wellem.
b. Christoph van Delwig, ridder van de Duitse orde, 1567.
c. Evert van Delwig, pastoor te Lutgendortmund, was kanunnik te Xanten in 1599.
d. Margret Francisca trouwde met Adolf von Nagel, heer van Itlingen.
e. Johan van Delwig, heer van Hecket, huwde met Agnes van Palant «i»zu «/i»Eyl, erfgename van Hordel, dochter van Frederik, heer van Voorst en Keppel en van Sandrina van Raesvelt tot Hamern en Eyl.
Kinderen van Johan van Delwig en Agnes van Palant (e)
1. Maria Elisabeth van Delwig huwde met Johan Bernd van Dobbe tot Lier, 1633. Hun kwartieren werden opgezworen in 1668. Hij was een zoon van Bernd van Dobbe tot Lier 1625 en van Anna van Korff, genoemd Schmising. Maria Elisabeth van Delwig werd de erfgename van Hecket, Hordel en Knippenburg.
De naam Dobbe schijnt aan een voor naam ontleend te zijn, Voor het eerst vindt men ze als bur gemeester en raadsheren te Dortmund en reeds in 1230 komt een Johannes Dobbo voor (het woord wordt in het Latijn verbogen). ( Wapen: Zij voeren een rad in hun wapen met vijf spaken en zijn zoals Berchem af-stammelingen van Sieberg.)
Hun zoon Johan Bernd van Dobbe tot Lier, Hecket, Hordel en Knippenburg 1668, huwde met Anna Wilmine Grete vor, Asbeck zu Gahr, doch ter van Berndt Henrich von Asbeck en van Agnes von Rechteren zu Almeloe. De broeder van Anne Wilmine, nl Adolph Joachim Adrian von Asbeck huwde met Sophia Anna Catharina von Bellinghausen.(3)
2. Rorich Alexander van Delwig;
3. Johan van Delwig, heer van Hordel en van Knippenburg, drost te Werden en te Blankenstein, erfmaarschalk en raad van het stift Essen huwde met Helena van Heiden zu Schönau, weduwe van Dietrich van Loe, heer van Knippenburg en Sodingen, dochter van Diderik, heer van Schönau en van Hermanna van Horde, Helena van Heiden overleed in 1625. Op 9.4.1627 overleed ook Johan van Delwig zu Hordel, Hecht en Knippenburg, Na zijn dood verzoekt zijn minderjarige zoon Johan Christoph van Delwig op 20.5.1627 aan de abt van het klooster Deutz«i» «/i»om de belening van het schoutenhof "Brüning", in het kerspel Steele van Essen stad.
Omdat hij nog minderjarig is, zal hij de werkelijke belening ten gepaste tijde aanvragen; intussen hoopt hij dat de abt zijn rechten zal erkennen en hem voorlopig een verklaring in dien zin zal laten geworden.
Op 30.4.1648 vragen Johan von und zu Brabeck en Gaspar Lypper heidt zum Stein, als drosten van Brabeck en als voogden van de jonge Johan Christoph von Delwig s alsmede de weigeleerde Henric Piper, rentmeester van het huis Knippenburg, aan de prelaat van het klooster Deutz om de investituur voor de 2de mei a.s. van het hof Bruning in naam van Johan Christoph. Dit hof is na de dood van zijn vader, opnieuw leenroerig ge worden.
Omtrent 1642 heeft Johan Christoph legerdienst verricht in het buitenland. Wegens oorlogsomstandigheden is hij waarschijn lijk aldaar overleden, want hij heeft sedert meer dan twintig jaar geen teken van leven meer gegeven.
Om die reden vraagt zijn neef Wilhelm Christoffer von Dobbe zu Horll op 24.10.1662 de belening van het goed. In een brief van 3.8.1662 steunt de vorstelijke abdis van het stift te Essen, Anna Salome, gravin van Salm en Reiferscheid, het verzoek van Wilhelm Christoph van Dobbe, omdat hij het naaste familielid is van Johan Christoph van Delwig, Hij blijkt verwant via dezelfde vader, maar van een andere moeder. (4)
4. Anna Catrina van Delwig huwde met Hans Georg van Bernsau, heer van Bellinghausen zu Alten-Bernsau en van Anna Maria von Mül lenbach. Het geslacht van Bellinghausen behoorde tot de Bergische adel (Her togdom Berg). In 1348 verpandde Emmerich von Bernsau zijn burcht Alten-Bernsau aan de Agger, aan de abdij Sigburg voor 100 Mark en terzelfder tijd wordt Wilhelm von Bellinghausen voor zijn deel met dezelfde burcht beleend. ( Wapen: Schild in zilver, beladen met een antiek molenijzer in rood. Op de helm een zilveren vlucht, waarop het molenijzer herhaald wordt. (5)
Anna Catrina en Hans Georg hadden twee zonen. Bertram Raban von Bel linghausen was abt te Sigburg en postulerende vorst te Fulda. Hij werd op 4,9.1653 begraven te Sig burg in de stiftskerk. Hij schonk voor St.Cyriar een kostbaar bewerkt marmeren altaar, dat in de kerk van Marialinden staat.
Hun andere zoon Johan Degenhard von Bellinghausen huwde met Janna Hadewich von Comberg zu Auberg en zij hadden doch ter Sophia Anna Catharina, die de erfgename werd van Knippen burg en Heckede.
Op 18.7.1697 verkreeg zij door een brief van de vikaris-gene raal Dr.Jur. Johannes Werner van Veyder uit Keulen, tezamen met haar toekomende man Joachim Adolf von Asbeck, als paro chianen van Gelsenkirchen de vrijstelling van de huwelijks beletsels voor hun huwelijk, voor zijn of haar pastoor.
Adolph Joachim Adrian von Asbeck ober wachtmeister", was de zoon van Berndt Heinrich von Asbeck zu Gahr (= Goor) en Agnes von Rechteren zu Almeloe. Asbeck: de eerst gekende was Suether von Asbeck, die samen met zijn zonen in 1154 getuige was in een oorkonde van Friedrich, bisschop van Munster, Zij stammen af van de gelijknamige plaats in het bisdom Munster. ( Wapen: schild in zilver, beladen met twee rijen schuinrechts geplaatste ruiten. Op de helm een hand, die een pauwenstaart omhoog houdt. (6)
Op 29.3.1705 doet Adolph Joachim Adrian von Asbeck zur Knip penburg in zijn naam en in deze van zijn echtgenote Sophia Anna Catharina, geboren von Bellinghausen zur Knippenborg, afstand van het erfrecht op Delwigs Kamp, dat zij in 1698 aan wijlen burgemeester Dr.Leimgart verkocht hadden en dat nu de eigendom is van oud-burgemeester Doctor Krupp en zijn echtgenote Anna Gerdrut Burchard. (7)
Het echtpaar Adolph Joachim Adrian von Asbeck en Sophia Anna Catharina von Bellinghausen hadden zeven kinderen. Hun oudste zoon Hermann Otto von Asbeck zu Gahr und Knippenburg was kamerheer van de keurvorst van Keulen, Hij werd in 1740 wegens Gahr bij de ridderschap van Mark opgezworen en in 1720 wegens Knippenburg bij de ridderschap van Recklinghau sen. Hij was de laatste telg van de familie Asbeck, die de Knippenburg in zijn bezit had.(8)
«i»(1) Staatsarchiv Munster, Sammlung Spiessen; Fahne, Gesch.Westf. Geschl, p.117, 251; Vranken, Limb.Jrb. 1897, p. 5; H. R, A. col, v.d.Lely, inv.nr. paars 530; J svan Schuier, Kwartieren v. d. deelnemers Gulikse Bruiloft p,182-183; coll.van Spaen, inv. nr.204, p. 237;
(2) Fahne, Gesch .Geschl . p. 116, 117;
(3) Fahne, Gesch «Westph . Geschl . p, 124, 125;
(4) Histor.Archiv Köln, Akten des Klosters Deutz, nr.13;
(5) Fahne, Gesch . Cöln. Jül .u .Berg , Geschl . p. 23;
(6) Fahne, Gesch Westph , Geschl . p25-26;
(7) Stadtarchiv Essen, Rep. 100, 324, p7;
(8) Ed.Schulte, Regesten von Asbeck zu Gohr 1527-1791.«/i»
Zij is getrouwd met Melchior von en zu Dellwig.
Zij zijn getrouwd in het jaar 1559, zij was toen 25 jaar oud.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Anna von der Knippenburg | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1559 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Melchior von en zu Dellwig | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.