(1) Hij is getrouwd met Tryn.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Haringh.
Zij zijn getrouwd voor 1609.
Kind(eren):
https://pnieuwland.nl/humogen/family/2/F45115?main_person=I26537
http://www.simonwierstra.nl/Jacob%20Ates.htm
zie genealogysk jierboek 2021 blz 145
Boer te Nes (1580), later op Visbuurt onder Ternaard, op Leliastate; WED 80 (Q4) fol. 333 d.d. 14 okt. 1618: invent. sterfhuis van Gerben Minnoltzn, Ternaard bij de Vischbuyren, ten verzoeke van Minnolt en Sippe Gerbezonen; Alle Feyezn, man van Jantzen Gerbedr; Wibe Petersz (man van Rieme Gerbedr); Sibe Hessels (man van Aeff Gerbedr); Hette Petersz (man van Tziets Gerbedr, alle vrouwen zijn ook present, allen meerderjarig); Haring Jeltziedr, de weduwe, doet de aangeving, onder protest dat deze inventarisatie haar onschadelijk zal zijn; zij heeft bij Gerben Minnoltsz twee kinderen: Trijn (in het 10de jaar oud) en Hylck (8 jaar). Het huis (16 vak) bestaat uit "voorhuys, keucken, peuskeuclen, achterhuys, schuyre 6 fack, drie fack molckenkamer, besijden ten noorden het huys". Er zijn 17 melkkoeien, "nochtans eene drooch".
Q4 fol. 338 d.d. 8 dec. 1618: scheiding tussen de kinderen uit het eerste huweijk met Haringh Jeltziedr; Herman Jacobs en Benedix Syds zijn voor dit doel curatoren over haar kinderen; e.e.a. bij "tusschenspreecken" van Gerryt Romckes te Scheltema, Jan Jansz te Bornwird, Marten Agges te Cleffens en Bocke Gosses te Ternaard. Haring staat alle goederen, incl. de ontruiming van de landen, af aan de kinderen uit het eerste huwelijk; zij krijgt haar inbreng terug en daarboven ƒ 1000; ze mag tot 1 mei 1619 in het sterfhuis blijven wonen. Akte wordt door iedereen getekend, voor Haringh door haar zoon Jeltse Andersz; Aeff Gerbedr schrijft bij haar handtekening: "ynt 27 yar".
Q4 fol. 341 d.d. 12 maart 1619 (dat is na het boelgoed in januari 1619, zie Q5 fol. 8): afrekening en scheiding; de waarde van de huizinge en ontruiming is ƒ 5100, het boelgoed heeft ƒ 1260 opgebracht. Er is ƒ 7713 positief saldo, maar incl. hetgeen de verschillende erfgenamen al hebben ontvangen valt er ƒ 13.563 te verdelen, waarvan de weduwe Haring eerst ƒ 1000 toekomt. Behalve haar zoon Jeltzie wordt nu ook Douwe Andriesz genoemd, hij tekent 1620 voor ontvangst
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.