Hij is getrouwd met ? ?.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
In 1434 op Sint Lijsbethdach voor Jacob Spruut, scout int Wael voor Ghijsbert Scout, compareert Ghijsbert Scout voorschreven met Henric zijn outste soen, en transporteert 4½ morgen streckend uijt Waelrewetering int Dijnster aan Dirc van der Weijde Jacob Spruutsoen. Op 14 maart 1435 âmaendach na St. Gregoriusdachâ voor Jacob Spruut, schout van Wael voor Ghijsbert Scout, compareert Dirc van der Weijde Jacob Spruutsoen, en transporteert 4½ morgen int Wael aan Goijert Goeijertssoen van Gheer.Ghijsbert Scout verklaart geen rechten meer te zullen doen gelden aen deze 4½ morgen.
Op 26 april 1439 is Dirk van der Weide beleend met 8 morgen bij de hofstede ter Weide, met lijftocht van Machteld zijn dochter.
Op 8 juni 1440 So plach in voortijden te houden van den hofstat van Loenresloot Gerrit van Oestrum Philipss die tiende int Wale tusschen de hofstede Johan Kroecken etc, die Gerit te houden plach van Jfr van IJsendoern. Doe dede Gerit de nahand aen Dirc van der Weijde. Dirc transporteert op Jfr Alijde Gijsbertsdr van Raephorst en na haer dood op Johan van Lantscroen haer oudste zoon.
In 1443 âop sondach post Margareteâ handelt een zaak tussen Willam van der Weide ende Deric van der Weijde. Getuigenis van Gerit Mathijsz,heeft 40 jaar 6 oft 7 booschschoten van de hofstede ter Weijde gewoondwelke nooit tijns of tiend gaf. Gherrit van der Coppel is geboren ten naeste lande van de voorschreven hofstede en woonde er 18 jaar en toefde er vaak, wel 50 jaar lang, zo ook Johan Willemsz.
Op 4 augustus 1448 is Dirk van der Weide beleend met de hofstede ter Weide buiten de St. Katharijnepoort te Utrecht bij de Berden brug aan de Hoge Weide, waar Dirk van der Weide, die leenman is, op woont, 6 morgen, tijns, tiende, getimmerte, gerecht en toebehoren in het kerspel Vleuten, bij overdracht door Willem van der Weide. Op 29 december 1453 Bernard Grawart voor Adriaan, zijn zoon, bij overdracht door Dirk van der Weide en op 30 december 1453 diens lijfotcht. In 1459 op St. Aechtendach zijn de huwelijkse voorwaarden opgesteld tusschen Erst van Draeckenborch en Jfr Joest Jansdr van der Haer. Zij krijgt onder andere mee van haar vader 3 morgen gelegen bij de hofstede ter Weijde daer Dirck van der Weijde plach te wonen, leen van de proest van Oudmunster.
In ca 1460 Henrick Trant, Dirck van der Weijde en Mechtelt Herman Coevoets wijf was hebben een vicarie gesticht in de kerck te Honswijck daer Gherijt heer tot Culenborch collator af is. Heer Jan van Bloemesteijn, ridder, had lang verleden in Honswijck een cappelle gesticht staende aen de Leckendijck bij de Bloemensteijnsen Nijenwech. Heer Jan van de Velde is besitter van de capelrie nu ter tijt. Heer Gerrit Jacobsz en Dirck van der Weijde gebroeders, geboeren van Bloemesteijn, kinderen van Jacob Spruut, willen beijde samenvoegen. Zij melden dat hun vader alsmedeJan die Heelt, Huijghe die Heelt, Aernt Stulinx sone en meer andere oude buerluijden in Honswijck beleefd hadden de oorlog tusschen Arckel enVijanen toen was de kerck verbrant en een man door het raem van de kerck doot geschoten en vele huijslieden gevangen meegevoerd. Zij hadden 100 oude scilden ontvangen ter reparatie, maar dit was te weinig etc.
In 1470 morgengeld Tull ent Wael: Dirck van der Weijde, nu âdie Oudeâ 2 morgen. Dirc van der Weijde senior 10 morgen en Dirc van der Weijde 11 morgen.
In 1471 âOpten Palmavontâ voor Jacob van Rossom, scout ten Waell, compareert Jan van Zulen die ontving van Claes Gherijtss in erfpacht 4 morgen streckende uut Waelrewetering. Over waren Dirc van der Weijde, Dirck van der Weijde Dircs soen voorschreven, en Herman van den Berghe.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.