Zij droeg op 15-1-1414 twee stukken land, nl. 4 morgen 45 roede gelegen in 'Scildemanskinderen Ambacht' en 8 morgen al daar op 'Waelnisse' over aan Floris van Kijfhoek . Met betrekking tot deze lenen werden een aantal aanvullingen en correcties gepubliceerd, waaruit blijkt dat de voornoemde Yde een dochter was van Loukin Florisz. Terwijl haar moeder Christina de lenen in 1407 nog bezat, waarbij Dirk van Loo hulde voor haar deed. Voor Yde was het haar tweede huwelijk want op 17-6-1398 werd zij door Willem van Lynden 'getocht' aan de tienden van 'Achthoeve' gelegen in het ambacht Wieldrecht. In 1381 werd Loukin Florisz. genoemd met zijn vrouw Kerstine Jan die Blondedr. Zij kan een dochter gewees t zijn van Jan die Blonde, knaap, raadslid van Holland 1345 -1348, 1355 leenman van Putten 1331-1359 en van Arkel 1357 -1366. Mogelijk is zijn zoon, eveneens genaamd Jan die Blonde, die vermeld wordt in 1392 en wiens zegel bewaard is geb leven De familie waaruit Loukin Florisz. stamt wordt ons eerst duidelijk bij beschouwing van de tienden van Boeikoop, leenroerig aan Vianen . Namelijk eind veertiende eeuw werden Loukin Florisz. en Zegher Florisz. ieder voor de helft beleend met de tiende van Boeikoop nà opdracht van Heer Sweder van Bloemesteyn . Deze inschrijving is eveneens bekend uit een afschrift in het handschrift Buchel, die de exacte datum geeft, nl. 7-12-1382. Op 4-3-1388 droeg Lourens Florisz. zijn helft op aan Ghijsbrecht van Loen Zeghersz. en Hend ik Ye Zeghersz., beiden voor een vierde deel . Vervolgens is er een aantekening, dat in 1391 Zegher Florisz. de halve tiende hield, onverdeeld met zijn zonen Ghijsbert van Loen en Henric Yensoen, die samen de andere helft hadden . En tenslotte werd op dinsdag na H. Sacrementsdach 1400 (= 22-6-1400) Floris van Kijfhoek Zegersz. beleend met de rechte helft van de koren- en smaltienden van Boeikoop, onverdeeld met Ghysbrecht van Loen en Henrick Ydensoon zijn broers , zoals Zeger Florisz. zijn vader in leen hield. Indien we in Loukin (of Laurens) Florisz. en Zeger Florisz. broers zien, dan wordt verklaarbaar, dat Yde Loukin Florisd r. in 1414 haar lenen overdroeg aan Floris van Kijfhoek. Hij was haar volle neef. Met deze wetenschap gewapend zou men verwachten dat het dan nog 'slechts' aankomt op het opzoeken van de genealogie van de familie Van Kijfhoek in de literatuur en het een 'kwestie' is van overschrijven. Doch dan komt men bedrogen uit.
Zij is getrouwd met Lodewijck van Ghiessen.
Zij zijn getrouwd rond 1400.Bron 1
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Yde Loukin Florisdr | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1400 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
Lodewijck van Ghiessen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||