De Rk Kerk
Het Rk Kerkhof
(1) Zij is getrouwd met Johan Arnold Barhorst.
Zij zijn getrouwd op 9 juni 1893 te Oudeschild, Texel, zij was toen 32 jaar oud.
Kind(eren):
(2) Zij is getrouwd met Jacob Schaatsenberg.
Zij zijn op 10/27-04-1881 te Texel in ondertrouw gegaan.
Getuigen bij het huwelijk: Simon Zijm, 34 jaar, veehouder; Hendrik Dijt, 34 jaar, veehouder; Pieter Jansz Zijm, 32 jaar, broodbakker en Bernardus Adolf Smit, 25 jaar, arbeider; alle wonende op Texel.
Zij zijn getrouwd op 5 mei 1881 te (Texel), Nederland, zij was toen 20 jaar oud.
Kind(eren):
Gebeurtenis (Death of Spouse).
(3) Zij had een relatie met Reijer Buijsman.
Kind(eren):
Gebeurtenis (MYHERITAGE:REL_PARTNERS).
Zij is geboren om 05.00u; aangifte overl op 21 mrt 1871 door de vader; getuigen bij de aangifte: Sijbrand Keijser, 30 jaar, koopman en Barend Gorter, 47 jaar, arbeider; beide wonende op Texel.
Zij is overleden na voorzien te zijn van de H.H. Sacramenten der Stervenden; zij is overleden om 01.00u; aangifte overl op 4 juli 1931 door Arie Schaatsenberg, 49 jaar, landarbeider, zoon van de overledene en Willem Halsema, 53 jaar, koopman; beide wonende op Texel.
Proces Verbaal inzake Marretje Gomes.
Oudeschild, den 19 juni 1896
Aan den Heer Burgemeester van Texel
In antwoord op Uwe nota dd 16 dezer en onder terugzending van de daarbij gevoegde bijlage, heb ik de eer Uedelachtbare het volgende meede te deelen:
Johan Arnold Barhorst, oud 41 jaar, arbeider, wonende in de polder "Het Noorden" te Texel, is vader van 10 kinderen, waarvan de jongste eenige dagen - en het oudste 16 jaar oud is.
Bij deze kinderen treft men 5 soorten aan.
Uit zijn eerste huwelijk heeft Barhorst één kind (een meisje), thans 16 jaar oud en in dienst als dienstbode bij een landbouwer alhier.
Uit zijn tweede huwelijk heeft Barhorst twee kinderen (beide meisjes) nu respectievelijk 12 en 6 jaar oud. Na de dood van zijn tweede vrouw ging Barhorst bij zijn moeder inwonen. Daar had hij het best, en zijnen drie kinderen werden liefderijk verzorgd en netjes opgevoed. Zijn weekloon, omstreeks 5 gulden was voldoende om de onkosten hierop vallende, te dekken. En tenslotte werd ook nog zijn moeder - een nette oude vrouw - hierdoor ondersteund.
Barhorst en vooral de drie kinderen hebben mij meermalen verklaard, dat zij toen gelukkig waren; en al ging het er toen ook sjoveltjes langs, gebrek kende men niet, dank het beleidvolle huishouden van de oude weduwe Barhorst.
In dien tijd was Marretje Gomes weduwe van zekere Schaatsenberg. Uit haar huwelijk waren vier kinderen geboren, thans respectievelijk 14 - 12 - 10 en 7 jaar oud. Zij werd gedeeltelijk door hare familie en overigens door armenbestuur onderhouden.
Gomes was een vuile - luie - en zedeloze vrouw, die hare kinderen liet verwilderen en zich overgaf aan prostitutie en andere uitspattingen.
Als vrucht van dit liederlijke leven werd dan ook in 1891 een kind geboren, dat thans de ouderdom van 5 jaar telt.
Met deze vrouw nu, kwam Barhorst in aanraking en niettegenstaande alle smekelingen en waarschuwingen van familieleden en kennissen, trad hij in Mei 1893 met Marretje Gomes in het huwelijk. Het geluk zijner kinderen werd hiermede verwoest. Dit liet Barhorst koud; hij offerde dat geluk graag op, alleen om aan een lage dierlijke behoefte te voldoen; immers andere redenen kunnen voor dit huwelijk niet bestaan hebben, dan het naar hartelust plegen van de coïtus.
Zijn oudste dochter weigerde de vader naar diens nieuwe woning te volgen.
Ook dat vond Barhorst goed. Het meisje bleef bij hare grootmoeder en dank de leiding van die oude vrouw, is zij nu een flinke deerne geworden, in staat om in haar eigen onderhoud te voorzien.
De beide andere kinderen van Barhorst waren al dadelijk ná het huwelijk, in het oog van Marretje Gomes, lastposten in het huisgezin. Van het oudste meisje (Jannetje) een lief, gewillig king, had zij veel hulp en daarom werd het kind nog al ontzien. Het jongste meisje (Vrouwtje) werd echter op eene afschuwelijke menschonteerende wijze door haar gemarteld zooals kan blijken uit het dossier van het tegen Marretje Gomes gevoerd proces.
Beide kinderen werden daarna door hunne grootouders van moeder's zijde, ter verpleging opgenomen, en werden daar thans nog verpleegd.
Uit het bestaande huwelijk van Barhorst werden twee kinderen geboren; één van 2 jaar is thuis en het andere verblijft bij de moeder in de strafgevangenis.
Van de kinderen van Gomes vaartde oudste (een jongen van 14 jaar) bij een Noordzeevisscher, verdient 2 gulden per week en de kost; en één knaapje van 7 jaar wordt verpleegd bij de ouders van Gomes.
Alzoo zijn er nog in het ouderlijk huis, 4 kinderen, respectievelijk 12 - 10 - 5 en 2 jaar oud. Geen dezer kinderen gaat naar school.
De oudste (een jongen) groeit geheel verwilderd op, is meestal thuis, behalve enkele dagen, waarop hij een kleinigheid verdient bij den boer met wieden.
Het 10 jarig kind is een meisje, dat dagelijks wat op de jongere kinderen past en eenig huiswerk verricht.
De twee andere kinderen zijn jongens, en zijn natuurlijk nog geheel en al hulpbehoevend. Voortdurend toezicht ontbreekt geheel en al.
Barhorst gaat dagelijks uit het werken bij den boer en is dan van 's morgens 5 tot des avovonds 7 uur buitenshuis.
Nu en dan blijft hij eenige dagen thuis, om te wasschen etcetera; en om zijn eigen tuin te onderhouden.
Dat er in het huisgezin vooral voor de zorg der kinderen, moederlijke hulp noodig is, lijdt geen twijfel; en toch wordt die moederlijke hulp niet aangebaa?? door het weder terug laten komen van de eigenlijk moeder (Marretje Gomes).
Tijdens mijn onderzoek naar de hiervoren besproken mishandeling en ook na dien tijd ben ik meermalen in de woning van Barhorst geweest. Altijd trof ik daar een onbeschrijfelijke wanorde en alles in een verregaande vervuilden toestand aan. Ook nu heb ik een bezoek aan die woning gebracht, waar ik Barhorst zelf thuis trof en niettegenstaande er alles nog vuil en vies uitziet is toch de toestand beter, dan toen de vrouw des huizes thuis was. Er heerscht wat meer orde en iets meer zindelijkheid of liever, iets minder vuilheid.
Barhorst zelf maakte eenbeteren indruk op mij dan vorig jaar. Hij schijnt de akelijke werkelijkheid van zijn toestand thans beter te begrijpen, van daar misschien ook, dat hij thuis zijn handen flink uit de mouwen steekt.
Hij verklaarde mij, zijn vrouw gaarne weer thuis te willen hebben, teneinde van de huiselijke werkzaamheden te worden ontheven, en ook voor de zorg zijner kinderen. Ik vrees echter dat het weerhetzelfde verlangen is, dan wat hem dreef tot het aangaan van zijn huwelijk; want naar vaderlijk gevoel of iets van dien aard, zocht men bij Barhorst tevergeefs. Hij is vader in de allerlaagste betekenis, zonder meer.
Dat ik hier niet te streng oordeel moge blijken uit het volgende:
Onderzoek doende inzake de mishandeling van zijn kind, hoorde ik ookop zekere morgen van het vorig jaar, Barhorst. Hij verscheen voor mij in het raadhuis te den Burg alhier. Na het verhoor bracht ik hem den waren toestand van zijn kind, dat toen elk oogenblik gevaar liep te sterven, onder het oog; en tevens dat hij hiervan grootendeels de schuld droeg. Dat hij het kind, dat gezond en gelukkig was, had overgeleverd aan een ware furie, bij wien het eene langdurige marteling had ondergaan.
Dit scheen Barhorst's gemoed zeer te schokken, althans hij begon te schreien als een kind.
Daar ik voor dienstzaken dienzelfden dag nog per stoomboot naar den Helder moest, zeide ik hem, dat hij nu wel kon vertrekken en toen hij hiertoe niet overging en steeds bleef zitten snikken, drong ik nogmaals op zijn heengaan en steeds bleef zitten snikken, drong ik nogmaals opzijn heengaan aan daarbij voegende, dat ik onmiddelijk op reis naar den Helder moest.
De naam "Den Helder" deed hem uit zijn bedrukten toestand ontwaken.
Lachend vertelde hij mij, hoe hij als milicien te Den Helder in garnizoen had gelegen en daar toen heel wat pret en plezier had gehad, enzovoorts.
Vaderlijk gevoel, het op sterven liggend kind, alles verdween, alles werd vergeten. Plotseling als in één ogenblik en dat enkel door het horen van een naam, wat hem herinnerde aan zijne uitspattingen gedurende zijn militairen dienstplicht.
Hieruit blijkt ten duidelijkst hoe weinig intelect er bij dezen man wordt aangetroffen.
Wat overigens de maatschappelijke orde en veiligheid aangaat, staat Barhorst noch zijne kinderen ongunstig bekend.
Indachtig aan al de hiervore omschreven feiten, geef ik als mijne mening te kenne, dat de terugkeer van Marretje Gomes in het huisgezin den daar heerschenden toestand niet zal verbeteren, integendeel zal verergeren en dat niet alleen, maar ook het onderhouden van het huisgezin zal bemoeilijken, daar dan toch het aantal te voeden personen, weder met twee wordt vermeerderd.
Ik ben mitsdien zo vrij U voor te stellen,afwijzend op het verzoek van Johan Arnold Barhorst te adviseren.
Een staat van het aantal kinderen van Barhorst gaat hierbij.
De Rijksveldwachter,
Brigadier - titulair.
A. Lok Jr.
Brigadier - titulair
Ingezonden door Linus Straub
Zij wordt tot 1888 in De Koog (Ruijgendijk 21) vermeld; zij woonde op Stenenplaats 5 in Den Burg (1888) en in De Oost op Texel.
Zij begon in 1888 haar relatie met Reijer Buisman.
Boerderij De Korverskooi aan de Ruigendijk 21
Texel
Boekartikel
bladzijde 859
Bewoners van de arbeiderswoning bij boerderij De Korverskooi werden onder andere: Jacob Arieszoon Schaatsenberg (1851-1888), trouwde in 1881 met Marretje Jansdochter Gomes (1861-1931). Als weduwe met drie kinderen verhuisde Marretje naar Den Burg, Stenenplaats 5.
Bidprentje Marretje Gomes
op zaterdag 4 juli 1931 Texel
Bidprentje
Collectie Bidprentjes
Ellendige dagen en droevige nachten heb ik geteld; mijn hulpelooze kwaal wilde niet genezen. Gij, Heer, hebt gehandeld volgens Uwen wil. Job VII. Jerem. XV. Met lankmoedigheid heb ik den Heer afgewacht, en hij heeft mij verlost. Ps. XXXIX: 1. Een geduldig mensch zal wel een tijd lijden, maar daarna met vreugde beloond worden. Eul. L. 19. Ontferm u mijner, tenminste gij mijne vrienden, want de hand des Heeren heeft mij geraakt. Job XVII. Mijne kinderen: dient God getrouw, leeft zoo, dat gij den dood nooit behoeft te vreezen, wanneer hij u ook verrasse. Dan zullen wij elkander eens wederzien. H. Antonius. Mijn Jezus, barmhartigheid. 100 d. afl. Onze Vader - Wees gegroet. R.I.P.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Marretje Gomes | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1893 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Johan Arnold Barhorst | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1881 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Jacob Schaatsenberg | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(3) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Reijer Buijsman | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||