Doopgetuige: Arie Cornelisz Witte (oom van vaderszijde)
Het Rk Kerkhof in Den Burg
Hij is getrouwd met Marretje Hendriks van der Wielen.
Zij zijn op 16 mei 1869 te Den Burg (Texel) in ondertrouw gegaan.
Zij zijn getrouwd op 6 juni 1869 te Den Burg (Texel), Nederland, hij was toen 31 jaar oud.
Kind(eren):
Hij is geboren om 09.30u; aangifte geb op 10 aug 1837 door de vader; getuigen bij de aangifte: Cornelis de Vries, 52 jaar, borstelwerker en Antony van Doorn, 23 jaar, notarisklerk; beide wonende in Den Burg.
Hij is overleden om 17.30u; aangifte overl op 16 sep 1925 door Jacob Witte, 54 jaar, koster en Johannes Cornelis Witte, 43 jaar, winkelier'beide zoon van de overledene; beide wonende op Texel.
Hij vertrok op 04-02-1867 van Texel om als zouaaf in het leger van de paus te gaan vechten, hij kwam op 17-02-1867 in Rome aan. Hij heeft in de slag van Mentana mee gevochten en was drager van het Mentanakruis. Hij is 2 jaar zouaaf geweest en was ca. 25 feb 1869 terug.
Hij is door het in dienst zijn van een buitenlandse mogendheid zijn Nederlandse Nationaliteit kwijt geraakt.
Hij was niet de enige.
Zes andere Texelse jongens - Cornelis Bakker, Willem Maas, Jacobus Smit, Nicolaas Smit, Reijer Witte en Cornelis Zoetelief - hadden ook gehoor gegeven aan de oproep van Pius IX om de pauselijke staat te verdedigen tegen belagers als Garibaldi en Victor Emanuel, die door het veroveren van vele staatjes uiteindelijk de Italiaanse eenheid bewerkstelligden.
Opmerkelijk
Dat maar liefst zeven jongens uit de kleine katholieke gemeenschap van Texel bereid waren vrijwillig huis en haard te verlaten en de omslachtige reis naar het verre en onbekende Italië te maken, is nogal opmerkelijk. Maar dat gold ook voor de jongens uit andere delen van het land die in het pauselijke leger dienden. Het kleine, overwegend protestantse Nederland leverde 3.181 zoeaven, het grote katholieke Frankrijk 'slechts' 2.964. België deed met 1.634 zoeaven ook nog flink mee, uit de overige landen kwamen er veel minder. Waarschijnlijk juist omdat ze een 'bedreigde' minderheid in eigen land vormden, waren de katholieken fervente aanhangers van de paus en wilden dat met daden laten zien, precies het omgekeerde van de tegenwoordige situatie. Ook de ijver waarmee de pastoors in de diverse parochies vanaf de preekstoel het jongvolk aanspoorden de Heilige Vader in zijn benarde positie te hulp te komen, moet een rol hebben gespeeld. Voor het geld deden de zoeaven het in elk geval niet, want de soldij was laag.
De kerkelijke staat - half zo groot als Nederland - hield op te bestaan toen Victor Emanuel op 20 september 1870 met 50.000 man Rome binnentrok, waartegen de slechts 8.000 verdedigers van de stad niets konden uitrichten.
Pius IX was niet meer tevens koning, maar alleen nog baas in zijn eigen paleis met directe omgeving. Daarin berustte hij niet, waardoor de 'Romeinse kwestie' een heikel punt bleef in de politiek. De zaak werd pas in den minne geschikt in februari 1929 toen paus Pius XI en de fascistische dictator Mussolini het Verdrag van Lateranen sloten. Dat kwam er op neer dat Italië en het Vaticaan (met een aantal kerken en het buitenverblijf Gastel Gandolfo - totaal 44 hectare) elkaar als souvereine staten erkenden en dat de paus een schadevergoeding kreeg.
Goede wijn
Hoewel de strijd om het behoud van de pauselijke staat dus werd verloren, genoten de teruggekeerde zoeaven groot maatschappelijk aanzien. Het begrip zoeaaf stond voor onbaatzuchtige edele moed en bereidheid het leven te riskeren voor een goede zaak. Tot in de jaren dertig werden de stokoude nog levende zouaven met hun merkwaardige uniformen ingeschakeld bij kerkelijke processies en menig rooms voetbalteam noemde zich Zoeaven. De zoeaven waren niet steeds in bloedige gevechten verwikkeld, integendeel. Blijkens reisverslag en brieven functioneerden ze als ordedienst en politieleger, patrouillerend door de bergen rond Rome, op zoek naar rovers, maar ook naar lekker eten, goede wijn en ander avontuur. Toch maakte Cornelis Witte diverse acties mee, waaronder de beslissende slag bij Mentana, die in een boek wordt beschreven door een andere Texelse zoeaaf, Nicolaas Smit. De kogels floten hem om de oren en hij was doof door het knallen van de geweren, maar kwam er goed af. Het aantal gesneuvelden onder de zoeaven was betrekkelijk klein. Besmettelijke ziekten zoals cholera eisten wel hun tol. Van de zeven Texelaars kwamen er zes behouden thuis.
Nicolaas Smit was op 8 februari 1869 als gevolg van 'hevige koorts' in het ziekenhuis van Monte Fiascone overleden. Wat hij betreurde was 'niet als martelaar des bloeds zijn leven te moeten laten'.
Bron: Peter Witte
29-12-1869 Cornelis Witte van den Burg verzoekt aan Zijne Majesteit den Koning, 'om het onderscheidingsteeken Fidei et Virtuti, hem na volbragte dienst bij het leger van ZH den Paus geschonken, alhier te mogen dragen.'
Ik heb de eer onder toezending van het adres te berigten, dat aan den adressant werkelijk het bedoelde eereteken is toegekend. Ik heb de eer te adviseren, het verzoek in gunstige overweging te nemen en aan Zijne Majesteit den Koning voortestellen, het dragen van genoemd onderscheidingsteeken aan Cornelis Witte toetestaan.
Bron: Irene Maas
Het uniform van Cornelis Witte is door de familie bewaard, op het laatst in een koffer onder het bed van Sjaak Schraag. Een paar jaar geleden is het pak naar het Cultuurhistorisch Musem in De Waal is gegaan. Daar staat nu een etalagepop verkleed als zouaaf, met wat toelichting.
Winkelier
Pauselijk Zouaaf
zie het Zouavenboek
Winkelier
Pauselijk Zouaaf
zie het Zouavenboek
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Cornelis Jacobszn Witte | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1869 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Marretje Hendriks van der Wielen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com
Familiesite: de Berk - Soeters Web Site
Stamboom: de berk