Stamboom Smith/Bais » Jakob

Persoonlijke gegevens Jakob 


Gezin van Jakob

Waarschuwing Let op: Echtgenote (Lea) is ook zijn nicht.

(1) Hij is getrouwd met (Niet openbaar).

Zij zijn getrouwd


Kind(eren):

  1. (Niet openbaar)
  2. (Niet openbaar)


(2) Hij is getrouwd met Lea.

Lea (Hebreeuws לֵאָה, Le'ah) wordt in de Tenach en in het Oude Testament vermeldt als de eerste vrouw van Jakob en de moeder van zes van Jacobs zonen die de stamvaders van zes van de twaalf stammen van Israël zijn, ze is dus de eerste van de twee stammoeders van Israël. Twee van de zes andere stamvaders, Jozef en Benjamin, kwamen uit het huwelijk van Jacob en Rachel, vier werden uit de bijvrouwen Bilha en Zilpa geboren. Lea had één dochter, Dina. De verstandhouding met haar jongere zuster Rachel was niet al te best.

Beschrijving in de Thora[bewerken]
Lea was de dochter van Laban en de oudere zuster van Rachel. Ze wordt in Genesis 29:17 beschreven als "Lea met de tedere ogen"[1] en in de Rijmbijbel van Jacob van Maerlant als “Soe was lelic en met sepelende[2] ogen". Over de betekenis van deze "tedere" ogen wordt door de exegeten nog steeds gediscuteerd. Sommigen interpreteren dit als "delicaat en zacht" anderen als "treurig" of "wenend", zoals bij van Maerlant. Rasji een gezaghebbende Franse Rabbijn uit de middeleeuwen, die tot vandaag wordt beschouwd als een van de meest gezaghebbende rabbi verklaarde de trieste ogen met het verhaal dat Lea was voorbestemd om te trouwen met Esau de oudere tweelingbroer van Jacob, een ruwe jager. Haar jongere zus Rachel zou dan trouwen met Jacob, de jongste van de tweeling, een godvrezende jonge man. Sedert Lea dit te weten kwam, bracht ze het grootste deel van haar tijd door met wenen en bidden tot God om haar lotsbestemming te wijzigen. Vandaar zou de Thora haar ogen beschreven hebben als "zacht" van het wenen.
Huwelijk[bewerken]
Jacob was op bevel van Isaac naar Haran getrokken om er een vrouw te zoeken bij de dochters van zijn oom Laban. Bij een bron ontmoet hij Rachel, die hem bij haar vader brengt. Die stelt Jacob voor om zeven jaar voor hem te werken en als loon zou hij dan Rachel tot vrouw krijgen (Genesis 29:15-19). Op het eind van die zeven jaar wordt er een feestmaal bereid en 's avonds brengt Laban zijn oudste dochter bij Jacob die pas 's morgens ontdekt dat hij bedrogen werd. Laban voert als excuus aan dat het bij zijn volk de gewoonte is om eerst de oudste dochter uit te huwen en pas daarna de tweede, maar hij belooft Jacob ook Rachel als vrouw als hij nogmaals zeven jaar voor hem blijft werken. Na een week, bij het einde van de huwelijksviering met Lea, krijgt Jacob dan ook Rachel tot vrouw (Genesis 29:26-30).
Nakomelingen[bewerken]
Omdat Lea gehaat werd maakt God haar vruchtbaar en Rachel onvruchtbaar. Lea krijgt na elkaar vier zonen Ruben, Simeon, Levi en Juda. Rachel die geen kinderen krijgt laat Jacob slapen met haar dienares Bilha die twee kinderen krijgt namelijk Dan en Naftali (Genesis 30:1-8). Lea die ondertussen ook niet meer zwanger was geworden doet hetzelfde en laat Jacob slapen met haar dienstmeid Zilpa die eveneens voor twee zonen zorgde: Gad en Aser (Genesis 30:9-12). Als Ruben, de zoon van Lea met een mandragora thuiskomt, ruilt Rachel haar beurt om met Jacob te slapen voor de mandragora en Lea wordt opnieuw zwanger en baart haar vijfde zoon Issachar (Genesis 30:14-18). Daarna krijgt ze nog een zesde zoon Zebulon en een dochter Dina.
Overlijden[bewerken]
Lea sterft blijkbaar voor Jacob, want op zijn doodsbed geeft hij zijn zonen opdracht om hem te begraven naast Lea in de spelonk van de akker van Efron (Genesis 49:29-31).

Zij zijn getrouwd


Kind(eren):

  1. (Niet openbaar)
  2. (Niet openbaar)
  3. (Niet openbaar)
  4. Juda   
  5. (Niet openbaar)
  6. (Niet openbaar)
  7. (Niet openbaar)


(3) Hij had een relatie met (Niet openbaar).


Kind(eren):

  1. (Niet openbaar)
  2. (Niet openbaar)

Gebeurtenis (MYHERITAGE:REL_PARTNERS).


(4) Hij had een relatie met (Niet openbaar).


Kind(eren):

  1. (Niet openbaar)
  2. (Niet openbaar)

Gebeurtenis (MYHERITAGE:REL_PARTNERS).


Notities over Jakob

Jakob, Jacob of Ja'akow (Hebreeuws: יעקב, Arabisch يعقوب Yaʿqūb), later ook Israël genoemd, is in de Tenach en de Bijbel de derde aartsvader, de kleinzoon van Abraham en de zoon van Isaak en Rebekka. Hij is de stamvader van de Israëlieten, waarvan de oorspronkelijke twaalf stammen uit zijn twaalf zoons ontstaan zijn. Later zijn er wat wijzigingen in de stammen geweest, waarbij onder meer de beide zoons van Jozef een eigen stam kregen. Het Bijbelboek Genesis bevat in de hoofdstukken 25-50 Jakobs volledige levensgeschiedenis, met een scherpe karaktertekening. Ook komt hij verschillende malen in de Koran voor.
Levensloop[bewerken]
Jakob was er een van een tweeling, de andere helft was zijn broer Esau, die als eerste ter wereld kwam. Jakob hield bij zijn geboorte de hiel van Esau vast en dat was de reden waarom hij Jakob werd genoemd, wat 'hij volgde' betekent en ook het woord 'hiel' bevat.
Alhoewel Esau als eerstgeborene was voorbestemd om Isaak op te volgen, had God van tevoren reeds meegedeeld dat de zaken anders lagen en Jakob de opvolger moest zijn.

De Bijbel vertelt twee episodes waarin Jakob zich met list de rechten van de eerstgeborene toe-eigende. Na afloop van een jachtpartij waaraan Esau had deelgenomen (Esau was in tegenstelling tot zijn broer een man die van jagen hield, Jakob was meer een huiselijk type), gaf Jakob zijn vermoeide en hongerige broer een kop linzensoep, op voorwaarde dat hij in ruil daarvoor het eerstgeboorterecht kreeg. Esau ging hiermee akkoord.

Later bedroog Jakob zijn slechtziende vader Isaak, door zich, met hulp van zijn moeder Rebekka, met geitenvellen te vermommen en zich uit te geven voor Esau, om zo de zegen te ontvangen die aan de eerstgeborene toekwam. Esau kwam hier later achter en werd zo woedend dat Jakob in allerijl moest vluchten naar zijn oom Laban in Paddan-Aram[1].

Op zijn vlucht had Jakob een droom waarin hij engelen van de aarde via een ladder naar de hemel zag opklimmen en weer afdalen, en waarin God, bovenaan de ladder staande, het land Kanaän aan hem en zijn nageslacht beloofde. Jakob noemde die plek daarom 'Bethel', hetgeen 'Huis van God' betekent[2].
In Mesopotamië trouwde Jakob met Lea, en later met Rachel, beiden dochters van zijn oom Laban. Dit ging echter niet zonder slag of stoot. Hij moest eerst zeven jaar werken voordat hij met Rachel mocht trouwen. Zijn oom bedroog hem echter en liet hem Lea huwen. Laban wenste dat Jakob eerst de bruiloftsweek met Lea zou doorbrengen. Daarna kreeg hij ook Rachel, maar alleen omdat hij zich ertoe verplichtte nog eens zeven jaar voor Laban te werken (Gen.29: 27)[3].
Hierna keerde hij terug naar Kanaän. Aangekomen bij de Jabbok, een zijrivier van de Jordaan, liet Jakob zijn familie en personeel de rivier oversteken. Zelf bleef hij achter om wat zaken te regelen. Ook zag hij ertegenop naar de overkant te gaan, omdat hij daar zijn broer Esau zou treffen en niet wist hoe deze hem zou ontvangen.

Jakob bleef daarom 's nachts op de oever achter. Daar vocht hij met een geheimzinnige man, misschien God of een engel. Dat gevecht duurde de hele nacht. Tegen het krieken van de dag liet Jakob, die als overwinnaar uit het gevecht tevoorschijn kwam, de man gaan, op voorwaarde dat hij hem zou zegenen. Aldus geschiedde. De man gaf hem de naam 'Israël', wat 'strijder van God' betekent (Genesis 32). In het vervolg van het verhaal wordt hij afwisselend als Jakob of Israël aangeduid, in tegenstelling tot zijn grootvader Abraham, die, nadat hij een nieuwe naam kreeg, geen enkele keer meer Abram werd genoemd[4].
De vraag is wie deze man was. Een gewoon mens was hij blijkbaar niet, maar wat was hij dan wel? Een christelijke opvatting is dat het of een engel van God is geweest of God Zelf in de zogeheten gedaante van de Engel van de HEER (dat is de Oud-Testamentische verschijning van Jezus Christus).
Het nageslacht van Jakob zou voortaan de naam 'Israël' dragen en daarom Israëlieten worden genoemd.
Met Esau werd uiteindelijk vrede gesloten. Later begroeven Jakob en Esau gezamenlijk hun vader Isaak.
Jakobs nageslacht[bewerken]
Jakob kreeg twaalf zonen en een dochter. Een zoon - Jozef genaamd - was zijn lievelingszoon. Uit jaloezie werd hij daarom door zijn broers aan slavenhandelaren verkocht. Jozef kwam in Egypte terecht, wist daar op te klimmen tot de positie van onderkoning en tijdens een periode van zware hongersnood kwamen zijn broers noodgedwongen in Egypte terecht alwaar Jozef zich uiteindelijk aan hen openbaarde. Jakob trok vervolgens met heel zijn huishouden naar Egypte, waar hij later overleed. Voordat hij de geest gaf maakte hij duidelijk dat hij niet definitief in Egypte, maar te zijner tijd in Kanaän begraven wilde worden.
De twaalf zoons van Jakob staan in volgorde van leeftijd in onderstaande stamboom. Uit elke zoon ontstond een stam van Israël met uitzondering van Simeon, Jozef splitste zich in de twee stammen Efraïm en Manasse.
Jakob had slechts een dochter: Dina.

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Jakob?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).



Visualiseer een andere verwantschap

De getoonde gegevens hebben geen bronnen.


De publicatie Stamboom Smith/Bais is opgesteld door .neem contact op
Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Samantha Smith, "Stamboom Smith/Bais", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-smith-bais/R22515.php : benaderd 17 januari 2026), "Jakob".