(1) Hij is getrouwd met Margaretha Gerardsdr van Maurik.
Zij zijn getrouwd in het jaar 1300 te .
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Agnes Pieternel Van Zuylen Van Abcoude.
Zij zijn getrouwd in het jaar 1308 te .
Jan (Johan) I van Beusichem, heer van Culemborg (ca.1277 - november 1321) was heer van Culemborg, Maurik en erfschenker van Utrecht.
Hij was een zoon van Hubert I van Culemborg en Elisabeth van Arkel, dochter van Jan I van Arkel. In 1310 droeg Jan het patroonsrecht op de Sint-Barbarakerk van Culemborg over aan het kapittel van Sint-Jan in Utrecht.
Op 6 december 1318 verleende Jan de eerste stadsrechten aan Culemborg, via een akte in overdracht aan de poorters van het district. De akte of oorkonde werd mede ondertekend door zijn zoon Hubert, zijn broer Zweder van Vianen, Gijsbrecht van Kaets,Johan van Lienden en Gerrit van Rossum.
Hij was getrouwd met Margaretha van Maurik, dochter van Gerard van Maurik.
Ze kregen de volgende kinderen:
Hubert II van Culemborg
Hij huwde een tweede maal in 1308 met zijn achternicht Agnes Pieternel (Petronella) van Zuylen van Abcoude, dochter van Gijsbrecht II van Zuylen van Abcoude.
Dit huwelijk werd met dispensatie van de paus verleend.
Ze kregen de volgende kinderen:
Clementia van Culemborg
Notities bij Johan I van Beusichem Heer van Culemborg
Heer van Culemborg. Hij beloofde op 19 okt. 1307 (na belening door de graaf van Gelre) de burcht Maurik als open huis te bewaren. Op 23 juni 1310 gaf Jan van Beusichem het patronaatsrecht van de kerk van Culemborg over aan het kapittel van St. Jan te Utrecht (J. W. Berkelbach van de Sprenkel, Regesten Bisschoppen van Utrecht, nr.190). In de betreffende acte wordt vermeld, dat Jan deze kerk (St. Barbara) gebouwd had op eigen grond. Tegelijk met schenking werd de parochie Culemborg afgesplitstvan het kerspel Beusichem. Op 'sente nicolausdach' (6 december) 1318 verleende Heer Jan een privilegebrief aan 'de poorters tot Culemborg', die als eerste stadsrecht mag gelden (Voet, blz. 607-617). Op 29 sept. 1319 werd hij door de bisschop van Utrecht met het gericht van Schalkwijk beleend.
Het 2e huwelijk vond plaats met pauselijke dispensatie van 11 juli 1308.
Eens gegeven blijft gegeven!
Een onderzoek naar de Stadsrechten van Culemborg.
door H.P.J.E. Merkelbach
'....sijn vader ende sine auder vader, die die stat van Culemborch ghemaeckt hebben...',
Zo schrijft Hubrecht Schenk van Culemborch in een brief uit 1343 aan de hertog van Gelre. Zijn vader was Johan van Bosinchem die de poorters van Culemborg op sinterklaasdag 1318 vrijheden had verleend; zijn 'auder vader' (grootvader) Hubrecht van Bosinchem, die evenals zijn vader en grootvader het schenkersambt van de bisschop van Utrecht had bekleed. Deze Hubrecht had in 1281 bij een ruil met de proost en het kapittel van Oudmunster te Utrecht de vrije eigendom verworven van de hoeve gelegen in 'Kulenburg' waarop zijn kasteel gebouwd was.
Op 6 December 1993 was het 675 jaar geleden dat aan Culemborg stadsrechten werden verleend. Het oorspronkelijke charter dat in het Stadsarchief wordt bewaard vermeldt als datum: "gegheven int jaer Ons Heren dusent driehondert ende achtiene up SenteNycolausdach".
In groene was zijn er aan bevestigd het zegel van de verlener van het stadsrecht, Jan van Bosinchem en de zegels van de mede-oorkonders: zijn zoon Hubrecht, Zweder van Vianen, Gijsbrecht van Kaets, Johan van Lienden en Gerrit van Rossum. De zegelstaarten of strookjes perkament waarmee de zegels van de oorkonders aan het charter zijn bevestigd, heeft men, zoals gebruikelijk was, gemaakt van een ouder, vervallen en voor dit doel versneden charter. Het opmerkelijke van deze zegelstaarten is echter dat de tekst die er op voorkomt gelijkluidend is aan gedeelten uit de privilegebrief zelf. Aan de brief is een charter gehecht (een zgn. transfix) van 5 februari 1416, waarbij Hubrecht heer van Culemborg de in de stadsbrief van 1318 voorkomenderechten bevestigt en uitbreidt. Volgens de aanhef van de privilegebrief worden de rechten en vrijheden verleend uit vrije wil en om de trouwe diensten en vriendschap die de Culemborgers aan hun heer hebben bewezen in verleden en toekomst. Dit stadsrecht waarbij bepaalde voorrechten aan de inwoners werden verleend moet gezien worden als een codificatie, het op schrift stellen, van reeds voor de stadsrechtverlening ter plaatse geldende, maar niet op schrift gestelde, rechtregels. Het Culemborgse stadsrecht bevat 38 artikelen betreffende bestuurlijke, economische en juridische aangelegenheden.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Jan I van Culemborg | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1300 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Margaretha Gerardsdr van Maurik | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1308 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.