Hij is getrouwd met Gerberga Van Gulik.
Zij zijn getrouwd in het jaar 945 te .
Kind(eren):
Megingoz (± 920 - 998/1001) (bijgenaamd de Bruine) was van onbekende afkomst. Hij speelde aan het einde van de 10e eeuw een rol in de geschiedenis van wat later het graafschap Gelderland ging heten. Rond 970 werd zijn dochter Adelheid in Geldern geboren.
Megingoz wordt genoemd als graaf van de Avalgouw.
Hij trouwde met Gerberga van Gulik. Zij was een dochter van Godfried van Gulik uit de familie van Matfrieden en Ermentrude, mogelijk de oudste dochter van koning Karel de Eenvoudige, die ook koning van Lotharingen was, maar in 923 werd afgezet. Vanvaderskant was zij een kleindochter van Gerard I van de Metzgau en Oda van Saksen, dochter van hertog Otto I van Saksen, de man die de basis legde voor de macht der Ottonen.
Toen zijn zoon Godfried in 977 werd gedood tijdens een veldtocht van Otto II in Bohemen, trok Megingoz IV zich terug en bestuurde zijn bezittingen.
Gerberga, de echtgenote van Megingoz, stichtte de abdij van Vilich, ten noordoosten van Bonn. Zij stierf in 995. Megingoz stierf kort daarop, na 998.
Samen met zijn vrouw Gerberga van Gulik kreeg hij de volgende kinderen
Godfried ( 977), Op jonge leeftijd gesneuveld in een veldtocht tegen de Bohemen
Ermentrude van Avalgouw (957), getrouwd met de veel oudere Heribert, graaf van de Kinziggouw, (Konradijnen)
Adelheid (960/970, 3 februari 1010/1021), abdis van Vilich
Alberada
Bertrada, ( 1000), abdis in Keulen,
Notities bij Megingoz van Avalgau
Stichte met zijn vrouw voor 973 het klooster Vilich, nabij Bonn.
Het grafelijk paar was - aldus een oude kroniek - materieel gesproken rijk. Maar toch probeerden zij hun kinderen in eer en deugd op te voeden. Dat moet wel gelukt zijn. Hun dochter, Adelheid, zou later abdis in Vilich en Keulen worden, en na haar dood als heilige worden vereerd.
Hun zoon Godfried sneuvelde in een slag tegen de Bohemers. Dat was voor Megingoz aanleiding om diens erfdeel te bestemmen voor de bouw van een klooster te Vilich. Zijn vrouw ging daar ook wonen, en leidde tot haar dood het leven van een kloosterlinge. Megingoz was genoodzaakt zijn graafschap te besturen. Hij hield zich daarbij - en dat schijnt voor die dagen bijzonder opvallend te zijn - aan de deugden die bij zijn christelijke levensovertuiging hoorden.
Na zijn dood werd hij door zijn dochter Adelheid bijgezet in het graf van zijn vrouw te Vilich.
Zij werd de eerste abdis van het klooster dat haar ouders te Vilich stichten ter nagedachtenis aan haar gesneuvelde broer Godfried. Moeder Gerberga trad er in en bracht de rest van haar leven door als vroom kloosterlinge.
Megingoz Iv van Avalgau | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
945 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Gerberga Van Gulik | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.