"'s Gravenhaghe den 11 October. Heden desen Middagh, ten half een uur, is de Sententie, by 't Hof uytghesproocken over den Ritmeester Buat, ter Executie ghestelt, sijnde denselven onthalst: in 't begin quamen de 4 Compagnien Paerden en 4 te Voet, hier Guarnisoen houdende, Inde Wapenen, welcke op het Binnen en Buyten Hof staen, tot ten 11 Uren, wanneer deselve marcheerden na de Plaets ende Vyver-bergh, uyt-ghesondert de Compagnie van Langevelt, die de Hooft-wacht hadde, en op 't Buyten-Hof bleef staen.
De andere dan naer de Plaets ende Vyver-bergh ghemarcheert zijnde, rangeerden haer om het Schavot, alwaer de Kist stont, met een swart Kleet overdeckt: oock lagh een groot swart KLeet op de Vloer van het Scavot, voor den Patient, om te knielen. Ten half twaelf uren wierdt den selven van de Voor-Poorte ghebracht naer de Rolle op het Hof, om zijn Sententie te hooren leesen, zijnde bewaert van veele Soldaten met halve Piecken, ende Dienaers met Hellebaerden. Hy selve gingh liber tusschen twee Staten Boden, ghekleedt in de Rouw, met een lange Mantel aen, en een Hoet met een lange Row-bandt op: achter hem volghden Do. Vollenhove en Monsr. Caree, Fransse Predikant alhier.
De Sententie ontfanghen hebbende, quam over 12 Uren soo wederom van t Hof, en wierdt geleyt naer 't Schavot, alwaar Do. Vollenhove een uytnement Gebedt dede, 't welk duurdre wel een half Uur: 't selve gedaen zijnde, knielden de Patient op 't voorsz. Swart Kleet, als wanneer hem den Beul een Muts voor de Oogen deede, en voort met een slagh het werck volvoerde, scheydende met eenen het Hooft van het Lichaem: hy wierds ontkleet van twee van zijn Dienaers, in 't Rouw-kleet gewonden en gebracht na de Voorpoort, werdende andere geholpen: men kan niet vernemen, dat sigh ergens anders mede heeft ghetracht te ontschuldigen, als met een goede Meeninge: maer wanneer zijne Sententie uytkomt, sal men klaerder konnen sien: Men spreeckt al of iets mede tegens zijn Vrou is gedaen."
Oorzaak: Onthoofd
Bijgezet in het graf van Jacob Cats
“Den 11 Oct. 1666 de Heer Ritmr. Buat”
Hij is getrouwd met Elisabeth Maria MUSCH.
Toestemming voor het huwelijk is 16 maart 1664 verkregen te Den Haag, Gemeente ’s-Gravenhage, Provincie Zuid-Holland, NederlandNieuwe Kerk.Bronnen 8, 9
Zij zijn getrouwd op 1 april 1664 te Naaldwijk, Gemeente Westland, South Holland, Nederland, hij was toen 42 jaar oud.
16 Maart 1664. Henry Fleury de Culan, Heer van Buat, met Elisabeth Mary Musch van Nieuveen, beide won. alhier.
Kind(eren):
Henri DE FLEURY DE COULAN | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
1664 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
Elisabeth Maria MUSCH | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
"De Saecke van den Ritmeester Buat, die dickmael ge-examineert is, soude seer slecht zijn gevonden, hoe eygentlijck weet men niet; maer men seght, sijne Correspondentie soude gestreckt hebben tot groote Prejuditie van dese Landen , en de Regeeringe deselfs; men segt, nu aen het Hof van Justitie is overgegeven, omme sijn Proces te maecken, waer aen al een aenvangh op Gisteren soude zijn gemaeckt."/ Delpher - gedigitaliseerde historische kranten
's Gravenhage den 14 October. De Sententie van den Ritmeester Buat, waer by hy gecondemneert is om onthooft te werden, en sijn Goederen geconfisqueert, is nu werelt kundigh,en daer uytgesien de Redenen oock van dien: waer uyt blijckt, de Regeeringe hier heeft qualijck verdacht gemaeckt, ons getracht van Vranckrijck af te sonderen, en verscheyde saecken meer: oock tweederhande Correspondentie onderhouden, d'eene met kennisse vandenStaet:en d'andere secretelijck en sonder kennisse, ja tegens expresseOrdre endeWaerschouwinge, en daer door genoegsaem oorsaeck geweest, dat den Oorlogh soo langh heeft geduurt; gelijck breder alsuus uyt de Sententie self is te sien. Het Lichaem van ghemelden Buat is indeKlooster- kerck by zijn Vrienden begraven./ Delpher - gedigitaliseerde historische kranten