Hij is getrouwd met Maria Rozendaal (alias Den Besten).
Zij zijn getrouwd op 8 mei 1897 te Sliedrecht, hij was toen 22 jaar oud.Bron 1
Kind(eren):
Rokus werd steenzetter bij waterwerken. Dit handmatig plaatsen van basaltblokken op een dijklichaam - meestal een hellend talud - betrof zeer zwaar lichamelijk werk. Het was seizoenswerk. In de ´zomerperiode´ werd men ingehuurd door een aannemer. Vaak werkte men buiten Sliedrecht en was men lange tijd - soms maanden - van huis. Rokus heeft onder meer gewerkt aan de de eerste Scheveningsepier, aan één van Moerdijkbruggen en aan de Zuiderzeewerken, zoals de Afsluitdijk en de Wieringermeer. Verder valt uit een brief van 21 mei 1941 aan zijn dochter Gerrie op te maken dat hij in die periode ook te Moordrecht aan het werk was. Zijn zonen Jan en Rook traden in zijn voetsporen.
In de winterperiode bleef Rokus in Sliedrecht. Dan werkte hij - samen met zijn lievelingsbroer Balt Willem - in de grienden van de Biesbosch als griendwerker. Griendwerkers gingen ’s maandagsmorgens vroeg per roeiboot op weg naar de Biesbosch met slechts een kist met de aller-noodzakelijkste kleding en proviand bij zich, om meestal tot vrijdagavond of zaterdagmiddag daar te blijven. Het hakken van een griend - vier- of vijfjarig wilgenhout - was eveneens zeer zwaar werk. Het gebeurde onafgebroken van de vroege morgen tot de late avond. Wanneer het heldere maan was en bij gunstig tij hakte men ook ’s nachts. Er werd dan op bepaalde uren overdag geslapen. Na het werk gingen de hakkers naar de rieten keet, waar in het midden een groot vuur gestookt werd voor het bereiden van eten en drinken. Aan het einde van de keet was de gemeenschappelijke slaapplaats, bestaande uit houten ‘kooien’, waarin men mannetje aan mannetje naast elkaar lag, meestal nachten lang geplaagd door de ratten. De keet stond meestal op een kunstmatige verhoging om gevrijwaard te blijven van het water. Het gehakte hout werd gebruikt in de hoepmakerij of om zinkstukken van te maken.
Rokus heeft tot zijn 75e jaar gewerkt. Het gezin heeft gewoond aan de Schoolsteeg, later zijn Rokus en Maria verhuisd naar Middeldiepstraat 57. Het huis met erf, buitenschuurtje en kippenhok is gekocht op 12 maart 1927 (Kadastraal Sectie G nr. 1565 (oud nr. 1504 gedeeltelijk) (bron: akte 869 van 19.2.1965). Aan de Zuiderzeewerken heeft hij zoveel verdiend dat hij dit huis kon kopen. Naar zeggen van zijn kleinzoon Arie Struijk liep ook de aflossing voorspoedig, binnen twee jaar was het huis schuldenvrij.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Rokus de Groot | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1897 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Maria Rozendaal (alias Den Besten) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||