Zij is getrouwd met Tjerk van der VEEN.
Zij zijn getrouwd op 11 augustus 1860 te Achtkarspelen, zij was toen 24 jaar oud.
In 1635 testeert hij met zijn vrouw het onder de (klein)kinderen te verdelen omvangrijke onroerend goed, bestaande uit: een huis met twee hofsteden en nog een huis aan de Voorstraat; een huis en hofstede op de Meent en land daarbij; de helft van het erf Groot Rumelaar; diverse stukken land daat in de buurt; een vijftal stukken land op ekeris (alles onder Woudenberg); het erf Loefs op het Heetveld (Leusden); land in de polder Selder en een huis en land in de polder de Haar (bij Amersfoort); land in Bunschoten.
In 1648 een aanvullend testament, in 1650 nogmaals (gememoreerd in 1652).
woont te Woudenberg aan de Voorstraat waar hij een herberg had.
Frans Adriaansz van Triest, herbergier, schout van Woudenberg, zoon van Adriaen van Triest, geboren ca. 1560 te Woudenberg, overleden 1652 te Woudenberg
In 1588 is Frans samen met zijn zus Petertje erfgenaam van zijn vader Adriaan. In 1599 heeft Frans in bruikleen '6 mergen land in Slappendel' en samen met Adriaan Timmerman en Claas Otten '11 mergen lands genaamd De Schilt en Doornheg'. Hij heeft in eigendom en gebruik een erf groot omtrent 30 mergen.
Op 18 maart 1635 testeren Frans en Jannichjen in Woudenberg om hun testament op te laten maken, bestaande uit een omvangrijk onroerend goed, te weten een huis met twee hofsteden en nog een huis aan de Voorstraat, een huis en hofstede op de Meent en land daarbij, de helft van het erf Groot Rumelaar, diverse stukken land daar in de buurt, een vijftal stukken land op Ekeris (alles onder Woudenberg), het erf Loefs op het Heetveld (Leusden), land in de polder Selder, een huis en land in de polder de Haar (Amersfoort) en land in Bunschoten. Uiteindelijk zal zijn dochter Gijsbertgen erven de helft van het erf Groot Rumelaar plus nog drie nader omschreven stukken land daar in de buurt. Zijn dochter Maijken erft het erf aan het Heetveld, Loefs genaamd. Op 27 april 1648 vermaakt Frans in een aanvullend testament aan zijn dochter Gijsbertgen van Triest, weduwe van Helmert Fransz, enig land te Zeldert. In een tweede aanvullend testament op 5 mei 1648 vermaakt hij nog aan haar de helft van vier morgen in de Caneel te Woudenberg.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Iebeltje van der BIJ | ||||||||||||||||||
1860 | ||||||||||||||||||
Tjerk van der VEEN | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.