Stamboom Luser Stasse » Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel (1442-1515)

Persoonlijke gegevens Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel 


Gezin van Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel

(1) Hij is getrouwd met Aefje Cornelis Haaske (Haaske (Aeskin)).

Zij zijn getrouwd


Kind(eren):



(2) Hij is getrouwd met Neeltje Wollebrand Jans Boot.

Zij zijn getrouwd


Kind(eren):

  1. Liedewij Doenen Doens  ????-1552 


Notities over Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel

Schepen van Poortugaal 1491-1507. Stichter van de grote memorielanden te Poortugaal. Hij werd op 28 januari 1485 beleend met de leengoederen van zijn vader.


Doen wordt in 1484 vermeld als Leenman van Putten. In 1491 en 1507 wordt hij genoemd als Schepen van Poortugaal.

Doen is de stichter van de grote memorielanden te Poortugaal.

Doen wordt op 28 Januari 1485 beleend met de leengoederen van zijn vader.

Op 13 Juni 1544 beloofde Roelof Pleunen aan Francois Doeijensz te vrijen met een halve boomgaard te Arkel, zoals Francois in Poortugaal Willem Doeijensz en zijn broer Beije Doeijensz heeft moeten vrijen in de Baljuwschap van Putten en aan Adriaan Willemsz.

In 1504 wordt Doen genoemd als belender. Hij vestigde zijn memorie op de helft van 3,5 lijn land.


0px 2px; padding: 10px;">Leenman van Putten(1484), schepen van Poortugaal(1491,1507), stichter van de grote memorielanden te Poortugaal.

Doen Beijensz werd op 28-1-1485 beleend door de Hofstad van Putten met de goederen van zijn vader. Hij testeerde op 6-1-1513. Doen Beijensz: “Disponeerende van syne goederen heeft gewild,dat op den oudsten en naasten van syne Descendenten tot een eeuwige memorie soude succederen seeckere omtrent een en twintig gemeten lants, geleegen in Poortugaal; Mitsgaarders nog seeckere omtrent veertien gemeten lants, geleegen als vooren, omme bij denselven als patroon of patronesse geconfereert te worden, aan yemand van de descendenten, van den voorgeschreven fondateur omme den zelven uit het innekomen viccary te laten stuydeeren, bequam te maken en onderhouden tot priester”. Op de secretarie van Poortugaal werd in de 17e en 18e eeuw en parenteelstaat (afstammingslijst) bijgehouden van bovengenoemde landerijen, de zogenaamde “Grote Memorielanden”. Aeskin stichtte voor zichzelf een memorie op een huis en erf, staande beneden het dorp Poortugaal, destijds bewoond door haar zoon Cornelis. Beijen zegelt op 1 Mei 1465 voor zijn neef Olaert Hendricksz. Hij vestigt samen met zijn oudste zoon Aert Beijensz een memorie op 2 gemet land in Vernellenhouck, te versterven op zijn zoon Doen.Hij vestigde zijn memorie op de helft van 3,5 lijn land.

Gorkum ORA 537/210, 13 Jun 1544: Roelof PLEUNEN beloofde Francois DOEIJENSZ te vrijen met een halve boomgaard te Arkel, zoals Francois in Poortugaal Willem DOEIJENSZ en zijn broer Beije DOEIJENSZ heeft moeten vrijen in de Baljuwschap van Putten en aan Adriaan WILLEMSZ. In 1504 genoemd als belender.

De heerlijkheid Albrandswaard was een polder en de meeste inwoners zullen boeren geweest zijn. De omvang werd in 1732 gerekend groot te zijn 434 gemeten en 285 roeden lands. Er stonden 26 huizen (een eeuw eerder in 1632 nog 34) en men telde erin 1795 ongeveer 160 inwoners. In 1848 woonden ertweehonderd mensen in 28 huizen. Toch beschikte deze kleine gemeenschap over een baljuw voor de criminele zaken en een schout voor de civiele zaken. Ook een dijkgraaf kon in deze polder uiteraard niet gemist worden. Als we de namen van deze functionarissen in de stukken tegenkomen, krijgen we de indruk dat in die kleine gemeenschap de taken tussen een paar families werden verdeeld. In een beschouwing over een bepaalde boerenfamilie in de contreien van Poortugaal, kwamen we de volgende woorden tegen: ‘Met het voortschrijden der jaren geraakte de familie geparenteerd aan de meeste plaatselijkelandbouwers families die omstreeks het midden van de achttiende eeuw als het ware één grote familiekring waren gaan vormen, in wier handen het dorps-, polder- en kerkbestuur lag. Wat inde steden plaatsvond onder de patriciërs vond op het platteland plaats onder de gezeten boerenfamilies in de omgeving van Poortugaal: hoogst gecompliceerde familieverhoudingen en ambten die in die kring bleven circuleren.’ (Ned. Leeuw 1983 – 351). Er is één man die door vrijwel alle boerenfamilies in deze streek als hun stamvader wordt aangewezen en bij hem zal ik dus ook maarbeginnen. Zijn naam was “Doen Beyenszoon” en hij leefde in het begin van de vijftiende eeuw. Toen in 1421 de beruchte Sint Elisabethsvloed een groot deel van Brabant en Zuid-Holland in een watervlakte had herschapen, waren de tijden blijkbaar dusdanig veranderd dat voor het herstel geen beroep werd gedaan op cisterciënzer monniken, maar op de poorters en boeren uit de omgeving. In 1436 werd een consortium gevormd met het doel zoveel mogelijk land te heroveren door bedijking en inpoldering. Tot de deelnemers behoorden ‘Pieter Renger Willems soon, “Doedijn Beijen soon” ende Heinric Olerts soon mit horen medegesellen uit Poortegael’. “Doen Beijensz” onderhield blijkbaar een goede relatie met zijn leenheer, want in een aantal oorkonden wordt hem land in leen gegeven, zoals in 1455: ‘eenen dijck gelegen an die Moelen binnen onsen lande ende herlicheit van Portegael mitten Zweerdijkcksen dijkck streckende totten ouden Rodensen Dijck’. Wie het huidige Albrandswaard kent, zal het beschreven leen herkennen als de noordgrens van de polder Albrandswaard. Dat was niet zo onbegrijpelijk want het is in deze polder dat we ook een deel van “Doen Beyensz” bezit moeten zoeken. Ik leid dat af uit het feit dat we in de volgende eeuwen zijn nakomelingen de bestuurlijke functies van Albrandswaard zien vervullen. Zijn Leenheer was waarschijnlijk de zoon Arent of 1 v.d. kleinzonen van Willem van Egmond, : In de veertiende en vijftiende eeuw wisselt de heerlijkheid voortdurend van eigenaar. In de Hollandse leenregisters komen we hun namen tegen in korte mededelingen zoals de volgende: ‘Heer Geryt van der Heyden wordt geconsenteert in sijnen ambacht van Harantswairrle eenen gewairden rechter te hebben, 1352’ (gewaard = gevolmachtigd). Korte tijd daarna blijkt Jacob van Rijsoort het goed te hebben verworven via zijn vrouw Maria Hendriksdochter van Montfoort. Na zijn dood erft Adriana van den Berge het goed, maar zij ziet er van af en geeft het over aan Gerrit van Zijl, heer van Purmerend. Maar deze vindt er al een paar jaar later een koper voor en die koper blijkt dan weer een telg uit het geslacht van Egmond te zijn. Het is Willem van Egmond, heer van IJsselstein, diede heerlijkheid Albrandswaard in 1437 koopt (3 – 74). Deze Willem van Egmond (1387 – 1451) was een broer van de beroemde Jan van Egmond, die ook wel Jan met de Bellen werd genoemd omdat hij altijd met bellen aan zijn gordel ten strijde trok. Jan was een der hoofden van de Kabeljauwse partij in die woelige dagen. Hij stond zijn bezit in IJsselstein af aan zijn broer Willem. Je vraagt je af, waarom deze er dan nog een heerlijkheid bij wilde kopen? Het antwoord op die vraag moeten we zoeken in zijn liefde voor Hillegonde, een dochter van de schout. Bij haar had heer Willem, die het grootste deel van zijn leven ongetrouwd is gebleven, twee kinderen, een zoon Arent en een dochter Yolente. Het is voor zijn bastaardzoon Arent dat hij de heerlijkheid Albrandswaard koopt. Mocht Arent kinderloos sterven, dan moest zijn zuster Yolente het goed erven, terwijl moeder Hillegonde voor de duur van haar leven het vruchtgebruik zou hebben. De heerlijkheid blijft dan enige tijd in dat geslacht, want Arent krijgt drie zonen, Willem, Cornelis en Christoffel. Die volgen de een na de ander elkaar op als heer van Albrandswaard. Uiteindelijk doet Christoffel er afstand van en in 1506 wordt de heerlijkheid eigendom van Willem van Wijngaarden. Daarmee begint een nieuw hoofdstuk in een nieuwe eeuw en dat voert ons naar de stad Breda. Bron: De vergeten geschiedenis van de hoge heerlijkheid Albrandswaard. door Ton Oosterhuis.
e>ica Neue', Helvetica, Arial, sans-serif; white-space: normal; word-spacing: 0px; text-transform: none; float: none; font-weight: 400; color: #333333; font-style: normal; orphans: 2; widows: 2; display: inline !important; letter-spacing: normal; background-color: #ffffff; text-indent: 0px; font-variant-ligatures: normal; font-variant-caps: normal; -webkit-text-stroke-width: 0px; text-decoration-style: initial; text-decoration-color: initial;">NATI Nederlandse
Doen (de Jonge) Beijensz, geboren voor 1485, overleden op 16-12-1515 te Poortugaal. Doen Beijensz. werd op 28-01-1485beleend door de Hofstad van Putten met de goederen van zijn vader. In 1491 en 1507 was hij schepen van Poortugaal. Hijwas de fondateur van de "Grote Memorielanden" aldaar. Hij testeerde op 06-01-1513. Doen Beyens: "Disponeerende van synegoederen heeft gewild, dat op den oudsten en naasten van syne Descendenten tot een eeuwige memorie soude succederenseeckere omtrent een en twintig gemeten lants, geleegen in Poortugaal; Mitsgaders nog seeckere omtrent veertien gemetenlants, geleegen als vooren, omme bij denselven als patroon of patronesse geconfereert te worden, aan yemand van dedescendenten, van den voorgeschreven fondateur omme den zelven uit het innekomen viccary te laten stuydeeren, bequam temaken en onderhouden tot een priester". Op de secretarie van Poortugaal werd in de 17e en 18e eeuw een parenteelstaat(afstammingslijst)bijgehouden van bovengenoemde landerijen, de zogenaamde "Grote Memorielanden". Hij trouwt 1e metNeeltgen Wollebrandt Jansd, ook wel "Boot" genoemd, dochter van Wollebrant Jan Bootsz en Lijsbeth NN Hij huwt 2e met:
Aeskin (Haesken) NN, Aeskin stichtte voor zichzelf een memorie op een huis en erf, staande beneden het dorp Poortugaal,destijds bewoond door haar zoon Cornelis. Eveneens met hem een memorie in de kerk vanPoortugaal.

Door de Hofstad van Putten beleend met goederen van zijn vader 28-1485; schepen van Poortugaal 1491 en 1507, fondateurvan de Grote Memorielanden te Poortugaal, beslist dat de opbrengs van dit land moet worden gebruikt om zijn nakomelingen"viccary te laten stuydeeren", testeert Poortugaal 6-1-1513, breidde zijn memorie uit met5 gemet land in Nieuw Rhoon,waarop zijn vader ook reeds een memorie had gevestigd.
Memorie nr. 142: "In nomine Domini , aemen, anno 1513 den 6e januarii. Ick Doen Beyensz wel bedocht mijn vijff sinnenende uyt mijn vrijen wille, maecke tot eeuwich testament ende tot vergiffenis van mijn sonden een eeuwige misse terweecke ter eeren van de Heylighe Drievoudicheyt, des woensdachs te doen in de kerck van Poortugael, istdattet pastoirnyet te zeer belast en is, die men syngen sal de Trinitate, onbelet van de keure. Ende is't dattet 'swoendachsheyligdach is, zoo sal men se op eenen anndere propysen dach doen. Dit alles staet eewich verseeckert op 5 gemeetenlants leggende in Nieuw Rhoon, aengelaent aen weerszijden Gerrit Adriaensz., getrout hebbende Maritge de dochter van JanCarre tot Rotterdam, ende noch opte helft van vierdalve (= 3 1/2) lijnen leggende in Sweerdijck metten Heyligen Geestende kercke van Poortugael gemeen. Dit sal dit lant tsamen melcanderen die memorie ende misse helpen dragen."

Door de eigendomsadministratie ("blaffaards") van deze Memorielanden zijn de mannelijke en vrouwelijke nazaten van DoenBeijens tot ver na de reformatie bekend. Doen Beijensz is de stamvader van vele grote boeren en bestuurders in de HoekseWaard en IJsselmonde. Doen en Haesje bestemden de opbrengst van de Grote Memorielanden "omme denzelven uit het innekomenviccary te laten studeren, bequam te maken en onderhouden tot een priester". Ze wilden het land, met alle plichtentegenover de kerk, voor eeuwig in de familie houden: "dat op den oudsten en naasten van syne Descendenten tot eeneeuwige memorie soude cuccederen". De eigendomsadministratie werd na de reformatie op het gemeentesecretarie vanPoortugaal voortgezet, possesseurs vermeld tot 1825!

In 1915 werd begonnen met de publicatie van deze gegevens en werden bovendien nog enkele oudere generaties opgespoord.Het echtpaar Arie Herweijer en Maria Kleinjan stamt via vier lijnen van Doen Beijens af. Arie 1x en Maria 3x.

Oud Rechterlijk Archief Poortugaal, inv.nr. 13.
fol. 115. 05-10-1615:
comp. Haasje Jans, oud81 jaar en Ariaantje Pieters, oud 65 jaar en verklaren op verzoek van Haasje Lambrechts dat BeijeDoensz., haar deposants oudoom in zijn leven gewoond heeft op de hofstede daar Huijg Jacobsz. tegenwoordig op woont,maar dat haar niet kennelijk is dat haar oudoom Beije Doensz. voorn nooit enige memorielanden heeft gemaakt oftegefondeerd, maar dat zij deposant haar grootmoeder wel heeft horen zeggen dat de oude Beije Doensz. enige memorielandenhad gemaakt ofte gefondeerd zonder gehoort te hebben waar dat dezelve landen gelegen zijn. Verklaart zij deposant ookdat de landen waar Haasje Lambrechts tegenwoordig possesseur af is en bezit, zo lang haar heugen mag malkandere hebbengevolgd. Ariaantje Pieters verklaart, dat haar kennelijk is dat Beije Doensz. in zijn leven gewoont heeft op de hofsteedaar tegenwoordig Huijg Jacobsz. op woont, maar dat haar deposant niet kennelijk is dat de voorsz. Beije Doensz. enigememorielanden heeft gemaakt of gefondeerd, maar dat de deposant haar moeder zal. menigmaal heeft horen zeggen dat deoude Beije Doensz. enige memorielanden had gemaakt en gefondeert, zonder dat zij deposant ooit heeft horen zeggen waardat de voorsz. memorielanden zijn gelegen, maar dat haar deposant wel kennelijk is dat de memorielanden, die HaasjeLambrechts voorn tegenwoordig bezit als possesseur, altijd malkander hebben gevolgd, zolang haar deposant heugen mag.

fol. 116. 05-10-1615:
comp. Jan Dirksz. Claer, oud 61 jaar en verklaart op verzoek van Haasje Lambrechts, dat hij zijn moeder zal wel heefthoren zeggen dat de jonge Beije Doensz. in zijn leven gewoond heeft op de hofstee waar tegenwoordig Huijg Jacobsz. opwoont en dat hij zijn moeder menigmaal heeft horen zeggen dat dezelfde Beije Doensz. nooit enige memorielanden heeftgemaakt of gefondeerd, maar dat de memorielanden, die Haasje Lambrechts tegenwoordig bezit, altijd malkander hebbengevolgd, zolange hem deposant heugen mag.

Gemeente Archief Schiedam, verzameling Handschriften,
inv.nr 114-115. legaat A. v.d. Poest Clement, ca 1860.
Register der memorielanden te Poortugaal
Dit schijnt een register te zijn waarin bijgehouden werd wie bezitter was van een memorielandin verband met de betalingvan de daarop rustende erfelijke rente.
fol. 2-3
worden onder Poortugaalmemorieland, gefondeert bij Doen Beijensz.
gevest 21 gemet 275 roede anno 1513
sijnde de volgende:
- 1. 1 gemet 100 roede zaailand, gelegen aan het Molenwegje onder P’gaal achter de kerk, genaamdde Huijnds(?)berg,belend: O. het Vernellewegje, W. Cornelis Philipsz. Vermaat, Z. Hendrik Kooijmans en N. Leendert Pietersz. Visser.
- 2. 2 gemet weiland, gelegen aan de Molenweg onder P’gaal, gemeen met Cornelis Philipsz. Vermaat, belend: O. de voorsz.weg, Z. de voorn Vermaat, W. en O. Adriaan Pals.
- 3. 2 gemet weiland, gelegen in Vernellehoek, aan de Noordzijde van de korte Verleweg onder P’gaal, belend: O. JohannesZandweg, Z. de Vernelleweg, W. Cornelis den Tol en N. het achterste gewent(?)
- 4. 2 gemet weiland, gelegen als voren achter de Vernelleweg 2 g, anex den ander
- 5. nog de helft van 4½ lijn weiland, gelegen in Sweerdijk onder P’gaal, gemeen met Leendert Pietersz. Visser, belend:O. Johannes Zandweg, W. Jan Gillisz. den Otter, Z. de voorn Leendert Visser en N. de Valckesteijnse dijk.
- 6. 2 gemet weiland, gelegen onder Hoogvliet aan de Sluisse kerkweg aan de zuidzijde, belend: O. Willem Hendriksz.Hoogwerf, Z. Maerten Kroeff, W. Jacob Cornelisz. de Groot en N. de Vernelleweg.
- 7. 2 gemet zaailand, gelegen tegen het kruis van de voorsz. Kerkweg onder Hoogvliet, belend: O. de erfgenamen vanKlaas Meesz. van den Engel, W. Cornelis Ariensz. Voogd, Z. de Vernelleweg en N. de Molenkade
- 8. 5 gemet wei- en zaailand, gelegen in de Huijters in Nieuw Roon, belend: O. Liedewij Bastiaans, Z. Bastiaan Fonkert,W. de Valckesteijnsedijk en N. Dirk Tol
- 9. 5 gemet wei- en zaailand, gelegen als voren in de Huijters onder Rhoon, belend: O. de grient van Cornelis Pietersz.Molenaar, Z. Pieter Zandweg, W. de Valkesteijnsedijk en N. Bastiaan Fonkert.

Doen wordt in 1484 vermeld als Leenman van Putten. In 1491 en 1507 wordt hij genoemd als Schepen van Poortugaal.

Doen is de stichter van de grote memorielanden te Poortugaal.

Doen wordt op 28 Januari 1485 beleend met de leengoederen van zijn vader.

Op 13 Juni 1544 beloofde Roelof Pleunen aan Francois Doeijensz te vrijen met een halve boomgaard te Arkel, zoalsFrancois in Poortugaal Willem Doeijensz en zijn broer Beije Doeijensz heeft moeten vrijen in de Baljuwschap van Puttenen aan Adriaan Willemsz.

In 1504 wordt Doen genoemd als belender. Hij vestigde zijn memorie op de helft van 3,5 lijn land.

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Voorouders (en nakomelingen) van Doen Beijensz (de Jonge) van Driel


Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).



Visualiseer een andere verwantschap

De getoonde gegevens hebben geen bronnen.

Aanknopingspunten in andere publicaties

Deze persoon komt ook voor in de publicatie:

Historische gebeurtenissen

  • Graaf Maximiliaan (Oostenrijks Huis) was van 1506 tot 1515 vorst van Nederland (ook wel Graafschap Holland genoemd)
  • Graaf Karel II (Oostenrijks Huis) was van 1515 tot 1555 vorst van Nederland (ook wel Graafschap Holland genoemd)
  • In het jaar 1515: Bron: Wikipedia
    • 10 september » Paus Leo X creëert één nieuwe kardinaal, de Engelse aartsbisschop van York Thomas Wolsey.
    • 14 september » Na de Slag bij Marignano verklaren de Zwitsers zich neutraal.


Dezelfde geboorte/sterftedag

Bron: Wikipedia


Over de familienaam Van Driel


Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Hans Stasse ev Lilly Stasse Luser, "Stamboom Luser Stasse", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-luser-stasse/I23632.php : benaderd 20 februari 2026), "Doen Beijensz (de Jonge) (Doen Beijensz (de Jonge)) van Driel (1442-1515)".