Stamboom Lobé en verwanten. » Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland (± 648-± 719)

Persoonlijke gegevens Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland 


Gezin van Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland

Hij is getrouwd met Aud Ivansdotter (Auda) van Denemarken van Holmgard.

Zij zijn getrouwd in het jaar 674 te Denemarken.


Kind(eren):

  1. Poppo van Friesland  674-736 
  2. Heila von Friesland  691-± 756 


Notities over Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland

De vroege geschiedenis van Radbod gaat over de samenleving in
het gebied tussen de mondingen van de Zwin en
de Wezer.


Natuurlijke factoren maakten dat dit
heel versnipperd was: enerzijds het gebied
bewesten de Vlie (zeg maar het latere graafschap
Holland), vervolgens het gebied van Westergo en
Oostergo (ofwel de huidige provincie Friesland),
tot slot het gebied ten oosten van de Lauwers, dus
ruwweg de provincie Groningen en het Duitse
Ostfriesland. Deze driedeling is herkenbaar in de
vroegmiddeleeuwse optekening van het Friese
recht, de Lex Frisionum, en is ook weer verder
onder te verdelen. Het westelijke deel kende
bijvoorbeeld bewoningskernen aan demonding
van de Maas en de Rijn, langs de Vecht, in het
Kennemerland, rond het huidige Medemblik en op
Wieringen en Tessel.
Het moge duidelijk zijn dat in dit versnipperde
gebied geen echt centraal gezag kon ontstaan en
dat lokale heersers de dienst zouden blijven
uitmaken. Dat Radbod desondanks toch enig
supraregionaal gezag lijkt te hebben gevestigd,
duidt erop dat de bewoners zich bedreigd hebben
gevoeld.


Radbods koninkrijk.


In deze jaren – we hebben het over pakweg 680
n.Chr. – verkeerde het machtige Frankische Rijk in
het zuiden in crisis. Het Merovingische
koningshuis had aan prestige ingeboet en was
verdeeld tussen een westelijke en een oostelijke
tak. Daardoor kon Radbod zijn macht uitbreiden
naar het Nederlandse rivierengebied, zodat hij ook
steden als Utrecht enDorestad beheerste. Hij
beheerste zeker ook de Vechtstreek (Nifterlake,
zoals het destijds heette) en vermoedelijk ook
andere delen van het westelijke kustgebied. Dit
valt af te leiden uit de kerkenbouw die na zijn dood
plaatsvond in wat zijn voormalige territoria zullen
zijn geweest: Vlaardingen en Naaldwijk in het
Maasland, Valkenburg en Oegstgeest in het
Rijnland, Heiloo en Petten in Kennemerland. Ook
was Radbod heerser op het eiland “Fositesland”,
waarvan de locatie onbekend is, al toont Van der
Tuuk aan dat de gangbare identificatie met
Helgoland onhoudbaar is.
Eén ding maakt het overzicht van Radbods
machtsbereik duidelijk: de historische Radbod was
geen Fries, althans geen bewoner van de huidige
provincie Friesland. Of hij een echte koning was, is
ook een goede vraag. Voor de bewoners van het
westelijke kustgebied zal hij een rijke aristocraat
zijn geweest met een aanzienlijke schare
volgelingen, die leiding gaf aan andere aristocraten
in tijden van oorlog. Zo iemand heette in het Oud
Germaans vermoedelijk kunungaz, wat weliswaar
verwant is met ons “koning” maar eerder een
functie aanduidt, oorlogsleider, dan dat het een
erfelijke soevereiniteit tot uitdrukking brengt. De
Franken beschouwden Radbod als een vazalvorst
en dat was niet ten onrechte, want Radbod
verkeerde in hoge Frankische kringen.


De slag bij Dorestad.


Dat hij daar ook vijanden had, bleek in ca. 689. De
Franken hadden weer één koning, Theuderic III,
met een capabele hofmeier, Pippijn van Herstal.
Eén van hun taken was het herstel van de
Frankische macht over het Nederlandse
rivierengebied, dat in handen was gekomen van
Radbod en waar de internationale handel
financieel viel af te tappen.In de omgeving van
Dorestad versloeg Pippijn Radbod. Die verloor het
gebied van de Kromme Rijn, zodat Dorestad en
Utrecht Frankisch werden. De Britse geleerde Beda
vermeldt het vervolg: “Pippijn gaf Willibrord een plaats voor
zijn bisschoppelijke zetel in de burcht die
in de oude volksnaam Wiltaburg heet,
dat is de stad van de Wilten, maar in de
Frankische taal Traiectum [Utrecht]. De
eerbiedwaardige priester heeft daar een
kerk gebouwd en heeft het evangelie ver
weg en dichtbij gepredikt.”
Zoals gezegd beschouwden de Franken Radbod
als vazal en het is aannemelijk dat hij, nu hij zijn
gezag in het rivierengebied was kwijtgeraakt,
inderdaad blijken van onderwerping heeft gegeven.
De Vechtstreek bleef echter in handen van Radbod,
die zijn greep daarop zelfs verstevigde en de lokale
leider Wursing dwong zijn heil te zoeken aan het
Frankische hof. Als de activiteiten van Willibrord
een aanwijzing bieden voor de verhoudingen,
strekte de Frankische invloed zich echter niet
noordelijker uit, want hij was vooral actief in
Zeeland en Brabant.


De kerstening.


Niet dat er geen christelijke missionering
plaatsvond in het rijkje van Radbod. Deze was ook
zelf bereid het doopritueel te ondergaan. Toen
bisschop Wulfram op het punt stond de heerser te
dopen besloot deze echter… “…liever naar de hel te
gaan waar mijn voorvaderen vertoeven dan naar de
hemel te gaan waar zij niet zijn”.
Van der Tuuk beschouwt deze beroemde
anekdote, afkomstig uit het (late) Leven van Sint
Wulfram van Sens, als dubieus. Ik voor mij denk dat
de vraag naar de religieuze overtuigingen een non
issue is. Lange tijd konden mensen in sommige
situaties het ene geloof volgen en in andere
situaties het andere. Radbod zal nu eens hebben
moeten handelen volgens het heidense recht,
bijvoorbeeld bij de voltrekking van een doodvonnis,
en in andere situaties volgens christelijke
overtuigingen, bijvoorbeeld aan het Frankische
hof. Het is geen kwestie van óf heidens óf
christelijk, maar van én-én. Dat je maar één
religieuze identiteit kunt hebben, is een later
denkbeeld, en dat dit ook nog een werkelijke
overtuiging behoort te zijn, is
calvinisme. Radbod
zal beide rollen hebben gehad.


Diplomatiek huwelijk.


In elk geval gold hij als
voldoende beschaafd, voldoende Frankisch, en
vermoedelijk dus ook voldoende christelijk om
rond 712 zijn dochter Theudesinda te mogen
uithuwelijken aanGrimoald, de zoon van Radbods
voormalige vijand, de hofmeier Pippijn van Herstal.
Grimoald was voorbestemd Pippijns opvolger te
zijn, ware het niet dat hij in 714 werd vermoord.
Zijn vader was op dat moment al stervende en
toen Pippijn kort na zijn zoon eveneens overleed,
kwam het ambt van hofmeier in handen van
Theudoald, de zoon van Pippijns zoon Grimoald en
Radbods dochter Theudesinda. (Het boek van
Meeder en Goosmann biedt een scherpzinnige
reconstructie van de familiebanden die Van der
Tuuk niet meer heeft kunnen meenemen.)
Radbod was op dit moment, het jaar 714, dus de
grootvader van de hofmeier in het Frankische Rijk
en behoorde tot de absolute top-elite van West
Europa. In de volgende burgeroorlog kon hij echter
niet neutraal zijn. Een tweede zoon van Pippijn van
Herstal, Karel Martel, kwam in opstand tegen zijn
neef Theudoald. Tegelijk waren er spanningen
tussen de oostelijke en de westelijke helft van het
Frankische Rijk. Uit deze chaos, waarin Radbod het
rivierengebied weer bezette, kwam Karel Martel in
717 als overwinnaar tevoorschijn.


Het einde.


Radbod overleed in 719. Karel Martel rukte meteen
op naar het noorden en maakte zich meester van
Radbods gebieden. Willibrord en
Bonifatius begonnen de nu verworven kerkprovincie te
organiseren en stichtten parochies in – zoals
gezegd – Vlaardingen, Naaldwijk, Valkenburg,
Oegstgeest, Heiloo en Petten. Ook in Woerden,
Attingahem (Breukelen) en Velsen bestonden
christelijke gemeenschappen. Deze vroege kerken
geven vermoedelijk een beeld van het gebied
waarover Radbod had geheerst: in feite het latere
graafschap Holland met deVechtstreek.
Voor de bewoners zullen de kerken de enige
werkelijke symbolen van de veranderde situatie
zijn geweest. De munten tonen dat ze meer handel
dreven met de volken langs de Noordzee dan met
de Franken. Het gebied zou pas écht worden
opgenomen in de Frankische wereld toen Karel
Martel in 734 ook de huidige provincie Friesland
had onderworpen.Het oostelijkste kustgebied
volgde ten tijde van Karel de Grote (in 772).

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Afbeelding(en) Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland

Voorouders (en nakomelingen) van Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland


Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).

Verwantschap Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland



Visualiseer een andere verwantschap

De getoonde gegevens hebben geen bronnen.

Over de familienaam Van Friesland


Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Gé Lobé, "Stamboom Lobé en verwanten.", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-lobe/I25672.php : benaderd 11 januari 2026), "Radboud I (Redbad OR Radbold) van Friesland (± 648-± 719)".