Begraven in de kerk
Zij is getrouwd met Pieter Henricksen de Bruijn.
Zij zijn getrouwd.Bron 1
Op huwelijkse voorwaarden getrouwd.
Kind(eren):
http://www.vicpoolen.nl/hamel.htm :
Zijn schoonmoeder Geertruijt Claes werd later de derde vrouw van zijn broer Andries Henriks de Bruijn.
Als huisvrouw van Peter de Bruijn, secretaris, werd Aefken Henderycksdr na 1609 ingeschreven als lidmaat van de gereformeerde kerk te Ameide.<45>
Peter de Bruijn bezat een huis met boomgaard aan de Achterweg te Ameide, dat afkomstig was van zijn schoonvader Henrick Jansen Stael en op 7-5-1631 nam hij het belendende huis met boomgaard over van Marichen Balthis, diens moeder.<46>
Peter de Bruin overleed voor 26-3-1643.<47> Een op 16-1-1644 getroffen regeling omvatte de nalatenschap en de opvoeding van zijn toen nog minderjarige kinderen. De kinderen moesten leren lezen en schrijven, zoon Hendrick moest zich verder bekwamen op een "comptoir" of anderszin waarin hij prijs op stelde en dochter Maria moest leren naaien en speldewercken. Bij het bereiken van de 18-jarige leeftijd of eerder bij een huwelijk zou ieder 1600 gldn krijgen en een passende uitzet. Maria bovendien een fijne laeckense huijcke en Hendrik de zwarte mantel en zijdtrock van zijn vader, mitsgaders het geweer en het cachet.
Uit een aantekening dd. 1-4-1656 op dit document blijkt dat Henrick de Bruijn, schout dezer stede, en Gerrit Hamel, getrouwd met Maria Pietersen de Bruijn, uit hande van Aeffgen Stael hun moeder resp. schoonmoeder bovengenoemde bedragen en goederen hebben ontvangen.<48>
Aeffgen Hendricks Stael tr. 2x met Henricus Hoendricx, secr. van Ameide, ovl. Ameide voor 1651
Na het overlijden van Peter de Bruijn omstreeks 1643 hertrouwde Aeffgen Henricks met Henricus Hoendricx, die haar overleden man als secretaris had opgevolgd.<49> Henricus Hoonrickse, secreatris van Ameide en Tienhoven, werd na 1609 lidmaat van de gereformeede kerk te Ameide.<50>
Aeffgen Hendricks Stael otr. 3x (huwelijkscontract) 15-9-1655 met Jan Jacobsen Verhoeff, wedn. van Meerkerk, ovl. Ameide ca. 1665, zv. Jacob Govertsen Verhoeff en Ariaenntgen Ariens Brouwer
Op 17-1-1651 waren Aeffgen Hendricks Stael en Jan Jacobsen Verhoeff als getuigen aanwezig bij het kraambed van Maria van Ale, huisvrouw van Jan van Ale die al 2 jaar verdwenen was. Zij verklaarde dat het kind afkomstig was van Bastiaen Pijnsen, de schout van Ameide (Termeij).
Bastiaen Pijnsen, die de opvolger was van Henricus Hoendricx, werd als schout geschorst. Het schoutambt werd vervolgens in 1651 en 1652 waargenomen door de drossaard Hendrick van Brederode van Bolswaert, die dat in 1653 overdroeg aan Hendrick de Bruijn, de zoon van Aefgen Hendricks Stael uit haar 1e huwelijk.<51>
In 1655 huwde Aeffgen Hendricks Stael onder huwelijkse voorwaarden dd. 15-9-1655 met de bovengenoemde Jan Jacobsen Verhoeff, weduwnaar te Meerkerk.<52> Uit een transport akte dd. 26-5-1658 blijkt dat zij ook "tot Merckerck" woonde.<53>
Aeffgen Hendricks Stael otr./tr. 4x Ameide 7/22-2-1663 met Claes Janse de Wael, steenbakker, schepen en ouderling te Ameide, ovl. Ameide ca. 1665, eerder ev. Aeltken Thonis
Aeffgen Hendricks Stael huwde op 22 Februari 1663 "sijnde Sint Pietersdag" met Claes Jansen de Wael, wedn. Aeltken Thonis, die de schoonvader was van haar zoon Hendrick de Bruijn. Claes Jansen de Wael overleed voor 23-1-1666.<54>
Aaffgen Hendricks Stael erfde op 31-8-1664 uit de nalatenschap van Willemken Claes, zuster van haar moeder, 2 morgen land in het Aaksterveld en op 3-4-1665 kocht zij voor 770 gldn. uit de erfenis van haar tante Bertken Claes, 2 aangrenzende morgen land van de andere erfgenamen.<55>
Eerder had zij op 18-5-1651 een testament laten passeren bij notaris Anthonis Delneff te Vianen, die zij -sieckelijck van lichaam bij de vure sittende- op 12-9-1672 voor de schepenen van Ameide herriep. Zij verdeelde nu haar boedel over haar dochter Maria Pietersen de Bruijn en haar zoon Hendrick Pietersen de Bruijn. Tevens verklaarde zij dat Geertjen Claes haar moeder zaliger aan Geertruij Hendricks de Bruijn en aan Geertruij Gerrits Hamel ieder mondeling een bedrag van 100 carolusguldens had toegezegd en die zij aan laatsgenoemde al had uitgereikt.<56>
Zij had 4 echtgenoten overleefd en werd op 20-11-1672 in de kerk van Ameide begraven "en heeft het kleed gehad, betaald 2-0- ".<57>
Uit het huwelijk van Peter Henricksen de Bruijn en Aeffgen Hendricks Stael:
Maria de Bruijn, geb. Ameide [kwnr. 3].
Hendrick Petersen de Bruijn, geb. Ameide ca. 1628, schout van Ameide, begr. Ameide 11-10-1679 in het koor van de kerk.
Hendrick Petersen de Bruijn tr. Ameide tussen 1652 en 1657 met Maeijcken Claes de Wael, geb. Ameide (verm.) ca. 1634, ovl. Ameide na 1698, dv. Claes Janse de Wael, steenbakker, schepen en ouderling te Ameide, en Aeltken Thonis.
Maria de Waels Jans, jongedochter, werd op 18-4-1652 aangenomen als lid van de gereformeerde te Ameide. Zij zal -zoals gebruikelijk- toen de leeftijd van 18 jaar gehad hebben. Een maand later, op 13-5-1652, werd de E. Hend. de Bruin Petersz, schout tot Ameide, eveneens als lidmaat aangenomen.<58> Zij zullen kort daarna getrouwd zijn, want hun oudste dochter deed op 24-12-1675 belijdenis, die dan omstreeks 1657 geboren moet zijn.
Op 27-2-1653 werd Hendrick Pietersen de Bruijn voor de eerste maal genoemd als schout van Ameide. Hij had toen vermoedelijk de mondige leeftijd van 25 jaar bereikt, want in 1652 en 1652 werd het schoutambt waargenomen door drossaard Hendrick van Brederode van Bolswaert, de hoogste ambtsdrager in dat gebied. In die jaren was hij "clerq, zo nu en dan het secretariaatsambt bediendende". Evenals zijn vader en grootvader, zijn ambtvoorgangers, liet hij zijn patronym achterwegen. Hij gebruikte het van zijn vader geërfde zegelstempel, die na zijn overlijden ook door zijn vrouw Maeijcken Claes de Wael benut werd, wat een fraaie lakzegel opleverde.<59> Aan de hand van dit zegel reconstrueerde J. Zeeman een familiewapen De Bruijn, waarvan het schild wordt omschreven als: In blauw negen zilveren zwaarden, dwars geplaatst, het gevest naar de linkerzijde gericht; in het hoofd in goud een blauwe lelie.
Hendrick de Bruijn woonde in de ouderlijke woning aan de Voorstraat te Ameide, die op 5-10-1655 door zijn moeder aan hem was overgedragen. Deze woning was sinds zijn grootvader niet alleen schoutswoning, maar ook herberg. Bij de inval van de Fransen in 1672 in de Republiek trokken 1000 Franse soldaten Ameide binnen en verwoeste de stad (stadsrechten sinds de 14 eeuw), waarbij 45 huizen in brand kwamen te staan, waaronder de schoutswoning. In 1676 kocht hij een vervangende, bestaande woning.<60>
Op 11-10-1679 werd Hendrik de Bruijn in het koor van de kerk te Ameide begraven. Met hem kwam een periode van 100 jaar ten einde, waarin leden van het geslacht De Bruijn als secretaris, schepen, burgemeester of schout deel uitmaakten van het bestuur van de stad Ameide.
Na het overlijden in 1679 van haar man verkocht Maeijcken Claes de Wael regelmatig van bij haar in bezit zijnde roerende en onroerende goederen, de laatste maal in 1698 haar woonhuis en op 15-11-1698 nog land. Haar erfgenamen (zij had 13 kinderen) verwachtten kennelijk dat de op hen afkomende boedelscheiding een negatief saldo zou opleveren en hadden reeds op 1-1-1698 voor schout en schepenen van Ameide verklaard dat zij van de hen toekomende nalatenschap zouden afzien.<61>
Aeffgen Hendricks Stael | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
Pieter Henricksen de Bruijn | |||||||||||||||||||||||||||||||||||