Begraven in het Koor
(1) Hij is getrouwd met Marichgen Willems.
Zij zijn getrouwdBron 1
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Marichgen Matthijs van Uitenbrouck.
Zij zijn getrouwd op 17 november 1619 te Gorinchem.Bron 1
http://www.vicpoolen.nl/hamel.htm
Henrick Petersen de Bruijn en zijn vrouw Marichgen Willems bezaten een uitgebreid bezit te Ameide, die niet door vererving, maar door aankoop was verkregen. De eerst bekende aankoop dateerd van 19-2-1589, waarbij hij 6 morgen 4« hond land in Aaksterveld in bezit kreeg.<66> En op 26 juni 1596 werd hij door (de drossard?) Walraven van Bredero beleend met 2 morgen land eveneens in Aaksterveld.<67> In 1609 zal hij dit leen als huwelijksgeschenk overdragen aan zijn dochter Marichgen.
Hij moet toen al in het bezit geweest zijn van 2 huizen. tw. een vermoedelijk boerderij genaamd Het Bouhuijs, benedendams gelegen, en het schoutshuis aan de Voorstraat. Hier werden ook openbare verkopingen gehouden en waarbij het gelag niet werd vergeten, gezien het feit dat Henrick de Bruijn een "drinckschultboeck" bijhield.<68>
Mogelijk waren Henrick Petersen de Bruijn en Marichgen Willems afkomstig uit het noordelijk deel van Brabant, want op 29-9-1612 vond te Ameide de kwitering plaats tussen enenerzijds zijn neef en nicht Jan en Tuentken Jans van Dommelroijen en anderzijds zijn neef Peter Petersen van Erp ^Gorckum, waarbij Henrick de Bruijn voor beide partijen als oom van moederzijden als getuige aanwezig was. Genoemde Peter Petersen van Erp was kennelijk gemachtigde in de verkoop van 2 akkers land gelegen in de Vrijheid van Waalwijk, die zij gezamenlijk verkregen hadden door vererfing van hun grootvader Peter Jacobsen de Bruijn en waarvan nu het aan zijn neef en nicht toekomende kindsdeel werd verrekend.<69>
Marichgen Willems wordt voor het laatst genoemd op 4-7-1603 wanneer zij 37 oude kazen en 2 grote zijden spek laat wegen, die zij had geruild had voor turf.
HHenrick de Bruijn ging op 17-11-1619 voor de 2e maal in ondertrouw met Marichgen Matthijs van Uitenbrouck, weduwe van Henrick Jansen van Dusseldorp brouwer in "De Gans" te Gorinchem. Henrick de Bruijn zal van Rooms Katholieke huize geweest zijn, maar kort na zijn 2e huwelijk is hij op belijdenis aangenomen in de gereformeerde kerk van Ameide. De exacte datum daarvan is onbekend, maar dat zal vermoedelijk in dezelfde dienst geweest zijn waarin Marichgen Matthijs haar intrede deed, want direct daaronder is zij in de lidmaatlijst genoteerd als "syn 2e huisvrouw met attestatie, tevoren tot Gorinchem aengenomen zynde ende enige jaren gecommuniceert hebbend".
Daarvoor hadden Henrick de Bruijn en de 17 jaar jongere Marichgen Matthijs van Uitenbrouck op 14-11-1619 een huwelijkscontract afgesloten, waarin vastgelegd was dat eerdere schulden niet gezamenlijk zouden worden gedeeld.
Na het overlijden van haar 1e echtgenoot, had zij de brouwerij voortgezet. Zij kon echter niet aan haar verplichtingen voldoen en na een gerechtelijke procedure -waarin Henrick de Bruijn als haar man en voogd optrad- werd zij tot betalingen verplicht. Inmiddels had zij de brouwerij aan haar zoon Jan overgedragen, die nu met instemming van zijn stiefvader de aanwezige hypothecaire schulden op de brouwerij en een huis te Gorinchem verhoogde, maar terloops ook diens alle andere goederen tot onderpand stelde. Henrick de Bruijn stelde dat deze extra zekerheidstelling in strijd was met de afgesloten huwelijkse voorwaarden en verkreeg -na een gerechtelijke procedure- preferentie boven alle andere vorderingen, met inbegrip van de testamentaire uitkeringen.
Na het overlijden van Henrick de Bruijn kochten zijn erfgenamen op 21-2-1631 Marichgen Mattheijs uit, maar moest zij toestaan dat haar goederen onder bewaring werden gesteld ter voorkoming dat oude schuldenaren haar daarop zouden aanspreken.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Henrick Petersen de Bruijn | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1619 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Marichgen Matthijs van Uitenbrouck | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||