Hij is getrouwd met Adriaantje de Rooij.
In den jare duizend acht honderd negen en twintig, den zevenden Junij, des namiddags ten Zes ure, Zijn voor ons Burgemeester en Ambtenaar van den Burgerlijke stand der gemeente van Zeijst, arrondissement Amersfoort, Provincie Utrecht, gecompareerd Johannes Becker, schrijnwerkersknecht, oud twee en twintig jaren, geboren te Rauschenberg in het Kurhesfischo en wonende te Zeijst (blijkende het eerst gemelde uit eene doopcedel, den zeven en twintigste april dezes jaars te Rauschenberg afgegeven), meerderjarige zoon van Jost Conrad Becker en van Elisabeth Kohl, deszelfs huisvrouwe, beide te Rauschenberg overleden. (Zoo als het bewezen wordt met twee doodaktes, aldaar den zesentwintigsten en Acht en twintigsten April Laatsch leden uitgereikt) – En heeft de comparant onder eede verklaard onbekend te zijn met de plaats van overlijden of laatste woonplaats zijner bloedvrienden in de opgaande linie, Zoo van de Vader als van de moeder zijn de welke verklaring door de voor hierna te noemen getuigen is bevestigd, alzoo zij onder eede hebben verzekerd, dat, ofschoon zij den Comparant aanstaanden echtgenoot kennen, Zij echter met deszelfde grootouders van beiden zijden geheel onbekend zijn. De Comparant hoeft, vervolgen een koninklijk besluit van den vijfentwintigste april laatstleden den no. 35, geen certificaat van voldoening aan de militie behoeven te overleggen.
In hedendaags Nederlands
In het jaar 1829, op 7 juni om zes uur ’s middags, verschenen voor ons, burgemeester en ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Zeist, arrondissement Amersfoort, provincie Utrecht:Johannes Becker, schrijnwerkersknecht, 22 jaar oud, geboren te Rauschenberg in Kurhessen en woonachtig te Zeist. (Dit laatste blijkt uit een doopakte, afgegeven te Rauschenberg op 27 april van dit jaar.) Hij is meerderjarige zoon van Jost Conrad Becker en Elisabeth Kohl, echtelieden, beiden overleden te Rauschenberg. (Dit blijkt uit twee overlijdensakten, aldaar afgegeven op respectievelijk 26 en28 april jongstleden.)
De comparant heeft onder ede verklaard niet te weten waar zijn bloedverwanten in opgaande lijn — zowel van vaders- als moederszijde — zijn overleden of laatst hebben gewoond. Deze verklaring is bevestigd door de hierna te noemen getuigen, die onder ede hebben verklaard dat zij de aanstaande echtgenoot wel kennen, maar de grootouders van beide zijden geheel niet.
De comparant hoeft, op grond van een koninklijk besluit van 25 april jongstleden, nr. 35, geen bewijs van voldoening aan de militieplicht te overleggen.
Schrijnwerker
In Nederland (1825–1875) was een schrijnwerker een fijn‑houtbewerker voor interieur en luxe gebruiksvoorwerpen, dicht bij de latere meubelmaker/interieurbouwer. Hij maakte deuren, kozijnen,lambriseringen, trappen, ingebouwde kasten en meubilair, met technieken als pen‑en‑gat, zwaluwstaart, fineer en politoer. Na 1850 kwamen standaard gezaagd hout, exotische fineersoorten en in grotere werkplaatsen stoom‑aangedreven machines op, al bleef het pas‑ en afwerkwerk grotendeels handwerk. Opleiding verliep via leerling → gezel; gilden bestonden niet meer, maar de termen blevengangbaar. Een meester schrijnwerker was de hoogst bekwame vakman en vaak werkplaatsbaas: hij nam werk aan, maakte bestekken en tekeningen, stuurde gezellen en leerlingen aan en borgde kwaliteit en veiligheid. In steden bestond duidelijke taakverdeling met timmerlieden (ruwbouw) en overlap met meubelmakers (vrijstaand meubilair).
Zij zijn getrouwd op 6 juni 1829 te Zeist, Utrecht, Nederland, hij was toen 22 jaar oud.
Kind(eren):
In Nederland (1825–1875) was een schrijnwerker een fijn‑houtbewerker voor interieur en luxe gebruiksvoorwerpen, dicht bij de latere meubelmaker/interieurbouwer. Hij maakte deuren, kozijnen, lambriseringen, trappen, ingebouwde kasten en meubilair, met technieken als pen‑en‑gat, zwaluwstaart, fineer en politoer. Na 1850 kwamen standaard gezaagd hout, exotische fineersoorten en in grotere werkplaatsen stoom‑aangedreven machines op, al bleef het pas‑ en afwerkwerk grotendeels handwerk. Opleiding verliep via leerling → gezel; gilden bestonden niet meer, maar de termen bleven gangbaar. Een meester schrijnwerker was de hoogst bekwame vakman en vaak werkplaatsbaas: hij nam werk aan, maakte bestekken en tekeningen, stuurde gezellen en leerlingen aan en borgde kwaliteit en veiligheid. In steden bestond duidelijke taakverdeling met timmerlieden (ruwbouw) en overlap met meubelmakers (vrijstaand meubilair).
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johannes Becker | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1829 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Adriaantje de Rooij | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stambomen op MyHeritage
Familiesite: van kerkhof Web Site
Familiestamboom: 150933231-1
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stambomen op MyHeritage
Familiesite: Becker Web Site
Familiestamboom: 174935082-1