Geloof: RK
Bron: kongregatie-archief Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis der H.Maagd Maria: Broeder Bonifacius Burgers (Johannes, Wilhelmus, Antonius),Zoon van: Johannes Josephus Burgers en Christina Paardekooper. Geboren:28- 9-1884 te Amsterdam, Nationaliteit: Nederlandse - Indonesische -Nederlandse (vanaf 1969)
Juvenist: 4-9-1898, Postulant: 8-12-1901, Novice: 15-8-1903 en Professievoor het leven: 15-8-1905
Onderwijsbevoegdheden en diploma's: Onderwijzersakte 1904, Frans L.O.1907, Hoofdakte 1910 en wiskunde L.O. 1913
Plaatsen waar hij gewoond en gewerkt heeft: Onderwijs:
in Nederland: 31-12-1904 Helmond - Molenstraat, 1- 9-1908 Maastricht -Brusselsestraat, 1- 9-1916 Maastricht - Tongerseweg
Indonesië: 16-11-1921 Naar Indonesia: Muntilan-Kartini (ook Overste), 15-2-1925 Yogyakarta-Senopati, van 21-6-1928 tot juni 1942: Onderwijsen Assistent Missiebestuur, 21-6-1928 Ambarawa-Sugiyopranoto, 15- 6-1933Sala-Asrama, 1-10-1933 Yogyakarta-Senopati, 1-8-1934 Semarang-Sutomo(ook Overste), 31-12-1935 Ambarawa-Sugiyopranoto, 31- 7-1938Semarang-Sutomo en 25- 7-1941 Sala-Asrama
Van juni 1942 - februari 1946: geïnterneerd: 28-6-1942 Geïnterneerd inde volgende kampen: Solo, Kesilir, Banjoebiroe, Bandoeng; 15- 8-1945Bevrijd te Bandoeng
Medio jan 1946 Ziek in Tjimahi, 24-4-1946 Vertrokken naar Batavia envertrokken naar Nederland per m.s. Oranje, 16-5-1946 Aankomst Rotterdam,14- 8-1948 Vertrek uit Nederland per m.s. Kalabahi, 26-9-1948 AankomstBatavia en 1-10-1948 Aankomst Semarang
Weer in het onderwijs: 3-10-1948 Ambarawa - Sugiyopranoto, 2-7-1951Semarang - Sutomo, 7-1-1960 Muntilan Kartini, 24-7-1963 Salatiga -Diponegoro, 1-1-1964 Semarang - Sutomo, 19-7-1965 Semarang - SultanAgung, 2-2-1967 Ambarawa - Sugiyopranoto, 6-4-1967 Repatrieert naarNederland; Hier verbleef hij tot zijn dood op 13- 8-1969 te Maastricht -Brusselsestraat.
Levensbeschrijving van Br. Bonifacius:
Uit 'Korte bijdragen': In memoriam Br. Bonifacius Burgers
Br. Bonifacius werd in 1884 te Amsterdam geboren. In 1898 kwam hij naarMaastricht, waar hij in 1905 professie deed. Het jaar daarvoor was hijals novice al naar Helmond vertrokken. In 1908 werd Maastricht zijnstandplaats: tot 1916 de Beyart, van 1916 tot 1921 de Kweekschool.
Met de broeders Eustatius Eijck en Wiro Verhoeven kreeg hij in 1921 eenbenoeming voor de missie in Indonesia. Hij werd de eerste overste vanMuntilan, waarna hij op diverse plaatsen en in vele funkties werkzaamwas tot zijn definitieve terugkeer naar Nederland in 1967.
Wij, die Bonifacius alleen de laatste jaren op de Beyart hebben gekend,bewaren de herinnering aan een goed religieus, geestig, helder en scherpin zijn opmerkingen, hartelijk, meelevend en begrijpend bovenal. Dehuidige ontwikkelingen in Kerk en congregatie kon hij niet meer allemaalplaatsen, maar dat betekende voor hem niet dat hij er louter negatieftegenover stond. Hij sprak erover met milde spot, het nieuwe niet zondermeer afwijzend. Hij wist begrijpend te relativeren. Dat hij zelf tot inde finesses trouw bleef aan de wijze waarop hij gedurende zovele jarenzijn religieus leven geleid had, was zijn goed recht. Men waardeerdehet, óók omdat hij het anderen gunde het anders te doen. Tot het eindetoe bleef hu ook trouw aan de wijze, waarop hij in de loop der jarenzijn vele funkties had vervuld. Als onderwijzer, als leraar, als oversteen lid van het missiebestuur, later als administrator bleef hij destipte, preciese werker, nauwgezet soms tot in het overdrevene toe.
In 1942 werd Bonifacius in Solo door de Japanners, geïnterneerd. Totaugustus 1943 werd hij opgesloten in het concentratiekamp van Kesilir(Oost-Java) en daarna overgebracht naar de gevangenis van Banjubiru,waar hij verbleef tot februari 1944. Toen volgden nog twee jaar kamp teBandung. Vooral degenen die Bonifacius in deze periode hebben gekend,hebben hem leren waarderen. Niet omdat hij zo dapper was tegenover dekampbeulen; niet omdat hij de man was, die voedsel en kleding binnenwist te smokkelen. Wél om zijn 'zorgend-nabij zijn', waarbij hij vooralaandacht had voor de zieken en voor ben die het op een andere wijzeextra moeilijk hadden. Hij was het ook die in de benarde omstandighedenvan het kamp alles gedaan heeft wat hem mogelijk was om de broeders alsgemeenschap zoveel mogelijk bijeen te houden. Hij zorgde ervoor dat erregelmatig gezamenlijk gebeden werd. Hij ook was het, die in die zwaretijd, toen iedereen vanzelf prikkelbaar en ongedurig was, doorpersoonlijke gesprekken, door goedheid en behulpzaamheid de vrede en deeengezindheid onder de broeders in stand wist te houden of teherstellen. De rol, die Bonifacius in deze speelde, viel zelfs demede-kampbewoners op. Er werd openlijk over gesproken.
In 1962 keerde Bonifacius voor het laatst naar Indonesia terug; hijwilde zélf, ondanks zijn hoge leeftijd en zijn toen reeds minderwordende gezondheid. Indonesia, waar hij zijn hele leven voor gegevenhad, was hem lief geworden. Daar wilde hij sterven om, zoals hij hetzelf uitdrukte, onder de palmen begraven te worden. Het heeft niet zomogen zijn. Zijn gezondheid ging de laatste jaren sterk achteruit, engeruime tijd verbleef hij, ernstig ziek, in het ziekenhuis van Semarang.Hij knapte weer zowat op, maar het was noodzakelijk dat hij vooralgeheel herstel naar Nederland ging. Hij was toen 83! In overleg met dedoktoren werd daar besloten Bonifacius voor te stellen voortaan voorgoed in Europa te blijven. Het was kenmerkend voor hem, dat hij zichhierbij zonder klagen neerlegde, al deed het hem nog zoveel pijn 'zijn'Indonesia niet meer te zullen terugzien. De 10e augustus werd hijgetroffen door een hersenembolie en bediend. Kontakt met hem is daarnaniet meer mogelijk geweest. In de nacht van donderdag 13 op vrijdag 14augustus is hij rustig overleden.
Spektakulaire dingen heeft Bonifacius gedurende zijn lange leven niettot stand gebracht. Gebreken had hij juist als ieder ander. Maar hetreligieuze leven was voor hem geladen van Gods aanwezigheid, zodat hijin staat was Gods afwezigheid a.h.w. te kompenseren, toen daar zo'ngrote behoefte aan bestond. Bij hem waren geloof én inzicht én daad toteen religieuze persoonlijkheid samengegroeid, waardoor hij de mangeworden is, die in het leven van velen zoveel heeft betekend.
Hij moge rusten in vrede.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.