Lammert Kombrink werd in 1907 in Genemuiden geboren en overleed in 1996 in Zwolle Werkte als brugwachter assistent bakenmeester pontwachter...
Boekenschrijvers van Havelte en Uffelte vullen ‘Onsen Spiker’
Het onlangs verschenen 4e nummer staat weer boordevol informatie over onder andere ‘Sluiswachter en schrijver Lammert Kombrink’ en ‘Liederenbank geeft Uffelter schatten prijs’. ‘Onsen Spiker
’ wordt afgesloten met een artikel over ‘Onze huis-aan-huisbladen’ en ‘Driehonderd jaar Bolding in Wapserveen, een genealogische aanzet’.
Jannes Westerhof schrijft in zijn artikel over de bekende (streek)romanschrijver Lammert Kombrink, die van juli 1955 tot juli 1960 in de sluiswachterswoning woonde tegenover bakker Bergman en slager N
ijenhuis aan de Rijksweg.
Weinig mensen in Havelte weten nog dat in de jaren vijftig van de vorige eeuw een romanschrijver samen met de hoofdpersonen van enkele van zijn boeken in dit dorp woonde. Dat is ook niet verwonderlijk
gezien de korte tijd, dat zijhier hebben gewoond, de schrijver vijf jaar en de hoofdpersonen (zijn ouders) ruim een jaar. Misschien zou de bekendheid groter geweest zijn als Havelte een rol gespeeld
had in zijn boeken, maar dat is niet het geval. Wel spelen vier van zijn romans in Drenthe, die evenals zijn andere boeken, nog steeds redelijk veel gelezen worden.
Dit jaar is het honderd jaar geleden dat hij werd geboren. In 1996 is hij op bijna 90-jarige leeftijd overleden. Er waren toen 23 boeken van zijn hand verschenen, in 1997 verscheen postuum Geluk in de
eenzaamheid, dat eerder als feuilleton wasuitgegeven in het schippersweekblad Schuttevaer. Diverse andere boeken zijn overigens ook eerst in dag- en weekbladen als feuilleton verschenen.
(Genemuiden 1907 - Zwolle 1996) Schrijver. Werkte als brugwachter, assistent-bakenmeester, pontwachter, machinist, sluiswachter en ten slotte riviermeester.
Blonk op de lagere school uit als schrijver van opstellen en dat talent bleef de belangrijkste grondslag van zijn latere successen. Schreef een aantal verhalen en feuilletons voor dag- en weekbladen.
In 1951 debuteerde hij met de roman De bruid van Schokland. Als sluiswachter in Havelte deed hij inspiratie op voor enige Drenthe-romans: Gij zult niet begeren (1957, in 1977 opnieuw uitgegeven als Ee
n turfschipper vaart thuis), Het Veeneiland (1961), Het leven is goed (1964) en Drents volk (1984). De bekendste werken, behalve de reeds genoemde, zijn: Het zilveren scheepje (1950), Lief en leed op
de 'Waddenhof' (1958), Zwerversgeluk (1964), De zoon van twee vaders (1968), Ik leef van de wind (1972), Paling peuren (1971), De Zeeburcht (1981), Liefde op het IJsselmeer (1981), De rietdekker(1988
), De vrijgezelle koster (1990), Onder volle zeilen (1991), Vrachtbrief voor De Zwerver (1992), Nieuw geluk op 'De Zwaluw' (1993), Een vrouw op de hoeve (1994), Getaande handen (1995), Geluk in de een
zaamheid (1997, postuum), Toch gelukkig (z.j.) en Van praam tot motorschip (z.j.).
Van kraggen tot Kraggenburg
Het klinkt misschien eigenaardig, maar toen de eerste bewoners zich in 1949 in het dorp Kraggenburg vestigden, bestond Kraggenburg al meer dan 100 jaar! Eind december 1848 vestigde Hendrik Willem Wink
el zich met vrouw en kinderen in de Lichtwachterswoning op het kunstmatig aangelegde eilandje bij de vluchthaven Kraggenburg, dat gelegen was aan het eind van twee strekdammen, die de verzanding van d
e monding van het Zwarte Water in het Zwolse Diep moesten tegengaan.
Het Zwarte Water is voor de stad Zwolle(en ook voor Hasselt, Genemuiden en Zwartsluis) eeuwenlang de belangrijkste scheepvaartverbinding met de Zuiderzee geweest. Zwolle lag namelijk in tegenstelling
tot Kampen niet aan de IJssel. Kampen had hierdoor een goede verbinding met de Zuiderzee en daardoor ook met de rest van de wereld en Zwolle zag dit met lede ogen aan!
Zwolle had in het middenvan de vorige eeuw grote plannen. De stad wilde uitgroeien tot het centrum van Noord-Nederland. Over een spoorwegknooppunt werd in die tijd nog helemaal niet gesproken. Maar Z
wolle moest een knooppunt worden waar vele waterwegen bij elkaar zouden moeten komen. En daarin speelde het Zwarte Water een alles overheersende rol! Het Zwarte Water maakte ook scheepvaartverbindinge
n mogelijk met de Overijsselse Vecht, de Dedemsvaart, het Meppelerdiep en de Arembergergracht. En via de Zuiderzee met steden als Amsterdam, Rotterdam, Harlingen enzovoort.
Het grote probleem van het Zwarte Water was, evenals dat trouwens van de IJssel, dat de bevaarbaarheid als gevolg van verzanding steeds weer voor grote moeilijkheden zorgde. Om aan dit probleem voor e
ens en voorgoed een einde te maken, schreef in 1843 de in Zwolle gevestigde "Overijsselse Vereniging tot Ontwikkeling van de Provinciale Waterstaat" een prijsvraag uit met als inzet: de verbetering va
n de scheepvaartroute van Zwolle naar de Zuiderzee.
En daarmee start eigenlijk de geschiedenis van Kraggenburg. We mogen met een gerust hart vaststellen dat de geschiedenis van Kraggenburg in Zwolle begint.
Hoe ontstond Kraggenburg?
Op de prijsvraag kwam slechts één reactie binnen van een 28-jarige ingenieur van Rijkswaterstaat, Ir. Benjamin Pieter Gesienus van Diggelen. Hij wilde van twee leidammen aanleggen in het Zwolse Diep
, vanaf de monding van het Zwarte Water ongeveer 6 kilometer de Zuiderzee in. Aan het eind van deze leidammen was een ruime vluchthaven gepland, geschikt voor wel zeventig schepen en daarbij een terp
met daarop een lichtwachterswoning.
Het plan werd van alle kanten bekeken en bestudeerd en tenslotte werd het goedgekeurd en kon aan het karwei worden begonnen. De Rijksoverheid was niet bereid in het plan te investeren. Dat was een str
eep door de rekening. Daarop werd een particuliere maatschappij opgericht: "De Naamloze Maatschappij ter verbetering van den handelsweg over het Zwolse Diep". Wie werd de directeur van de maatschappij
? Juist, ja: de plannenmaker Ir. Benjamin Pieter Gesienus van Diggelen. Hij kreeg later nog meer bekendheid (1849) door zijn plan tot droogmaking van de Zuiderzee. In Emmeloord is een straatnaam naar
hem genoemd.
Van 1845 tot eind 1853 was Van Diggelen directeur van genoemde maatschappij en onder zijn leiding werd in 1845 een begin gemaakt met de aanleg van twee leidammen en de bouw van de lichtwachterswoning
aan het eind van één van de leidammen.
Kraggen
Voor de aanleg van de leidammen werden "kraggen" gebruikt: drijvende stroken vast ineengegroeide zodenvan riet en waterplanten. Die kraggen waren voor een spotprijs te koop in de omgeving van Wannepe
rveen, Dwarsgracht en Giethoorn.
Ter plaatse werden de kraggen losgestoken in lange repen tot een breedte van ongeveer twee meter. Die stroken werden dan aan elkaar verbonden en vormden dan een lange sleep. Honderden meters werden op
die manier achter een schip over de Arembergergracht vervoerd naar Zwartsluis en vandaar bereikte men het Zwarte Water en het werkterrein in het Zwolse Diep.
Het ontstaan van de naamKraggenburg.
Over het ontstaan van de naam Kraggenburg bestaat een aardige anekdote. Het verhaal wilde namelijk dat een schipper of schippersknecht, een zeker Jacob Bruintjes, op een gegeven ogenblik op de aangevo
erde kraggen rondsprong en schreeuwde: "De Kraggenburcht". Of dit verhaal echt waar is, valt echter te betwijfelen, want nergens in de stukken is hierover iets vermeld. De Jacob Bruintjesstraat in het
huidige Kraggenburg herinnert aan deze man.
De lichtwachters
Toen in 1848 het project klaar was, werd er een lichtwachter gezocht. Hendrik Winkel had blijkbaar de beste papieren, want hij werd tot de eerste lichtwachter van Kraggenburg benoemd en ging eind dece
mber 1848 met vrouw en kinderen in de woning aan het eindpunt van de zuidelijke leidam wonen. De eerste burchtheer van Kraggenburg zou zeven gulden per week verdienen en vrij mogen wonen.
De taak van de lichtwachter
De werkzaamheden van Hendrik Winkel bestonden in eerste instantie uit het ontsteken van de lichten op de leidammen en op de lichtwachterswoning, maar dat was niet het enige. Hij moest ook de liggelden
innen van de schepen die bij slecht weer hun toevlucht zochten in de vluchthaven. Winkelmoest ook tol heffen, want de Maatschappij had veel kosten gemaakt en kreeg van de Rijksoverheid de opdracht o
m tol te heffen van elk schip, dat gebruik maakte van het Zwolse Diep. Die tol kon ook betaald worden in Genemuiden, Hasselt of Zwolle.
Hoewel deze tol in onze ogen misschien niet veel voorstelt, betekende het in die tijd nogal wat en zeker omdat het Zwolse Diep altijd vrij van tol was geweest. Hier volgen enkele tarieven:
* van elk geladen zeeschip 0,20 cent
* idem met gebroken lading 0,15 cent
* idem ongeladen 0,10 cent
* van een geladen binnenschip 0,03 cent
Om bij slecht weer in de haven te mogen liggen, werden de volgende prijzen in rekening gebracht, voor vijf etmalen:
* voor schepen van 606 tot 26 ton 0,50 cent
* voor schepen van 25 tot 10 ton0,25 cent
* voor schepen minder dan 10 ton 0,15 cent
* voor schepen minder dan 10 ton 0,15 cent
Ook voor het jaagpad dat over de zuidelijk dam was aangelegd moest tol worden betaald en dat bedroeg: ƒ 0,25 per trekdier.
De burchtheer, Hendrik Winkel, dreef ook een winkeltje ten behoeve vanschippers en loodsen en hij moest bovendien ook nog letten op het onderhoud van de materialen. Ook moest hij er voor waken dat "k
waadwilligen schade aanrichtten". Bij het huis van heer Winkel moet ook een stalling voor paarden zijn geweest, want door de geringe breedte van de vaargeul tussen de leidammen was het niet mogelijk o
m te laveren zodat bij tegenwind gebruik moest worden gemaakt van een paard om de schepen richting Zwartsluis te trekken over het jaagpad op de zuidelijk leidam. Deze Hendrik Winkel moet dus een echte
manus van alles geweest zijn.
Tot 1856 bleef Hendrik Winkel de burchtheer van Kraggenburg. Hij had verzocht om ontslagen te worden, omdat hij meer wilde verdienen. Dit geld wilde hij gebruiken omeen knechtje in dienst nemen om zi
jn taak te verlichten. Ook het slechte onderhoud van leidammen en de woning droegen er veel toe bij om ontslag te vragen. Maar wellicht heeft de strenge winter van 1854/1855, gevolgd door een zware st
orm de doorslag toch wel gegeven. Hij moest hierdoor noodmaatregelen treffen voor hemzelf, zijn vrouw en kinderen, teneinde het vege lijfte redden.
Rijkswaterstaat nam in 1875 de ernstig verwaarloosde dammen en de havenmeesterswoning over. De tolheffing werd afgeschaft en de waterweg werd verbeterd. Delichtwachterswoning werd afgebroken en in 18
77 werd een nieuwe woning gebouwd, het huidige Oud-Kraggenburg, op een verhoogde terp van 4.50 meter boven Amsterdams Peil.
Een van de laatste lichtwachters was Casper Kombrink (1902-1911). Zijn nazaten wonen nog in Kraggenburg en de Casper Kombrinkstraat is naar hem genoemd. Een zoon van Casper Kombrink, Lammert, heeft ee
n boek over Oud-Kraggenburg geschreven met als titel De Zeeburcht.
De laatste lichtwachter was Barend Kroeze. Hij was lichtwachter van 1911-1920. Vanaf 1920 tot de inpoldering van de Noordoostpolder heeft Oud-Kraggenburg geen vaste bewoner meer gekend. De lichten war
en geautomatiseerd en vanaf het land van Genemuiden werden de lichten regelmatig gecontroleerd. Na de inpoldering werden de dammen grotendeels afgebroken en de stenen gebruikt voor de aanleg van de po
lderdijken.
Het gebouwtje is inmiddels sinds jaar en dag in particuliere handen en is na een inspannende periode door de nieuwe eigenaar ingrijpend gerestaureerd daar het gebouw door weer en wind tot barstens toe
was aangetast. De woning is technisch zeer interessant omdat in het inwendige van het huis een gietijzeren constructie is opgenomen die de koepel draagt.
De huidige eigenaar is zeer gesteld op zijn privacy maar heeft wel mee gewerkt aan een fotoreportage over de restauratie van zijn pand. Deze reportage treft u aan onder het hoofdstuk historie, in de l
inker kolom.
Terug naar vorige pagina
© Copyright Kraggenburg 2008
Alle rechten voorbehouden
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Lammert Kombrink
Geboorte: 11 sep 1907
Overlijden: 26 apr 1996 - Netherlands
Leeftijd: 88
Begraven met
Naam; Leeftijd
Aaltje Monsuur; 88
Lammert Kombrink; 88
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com
Familiesite: Gerrit Alberts Visscher Web Site
Stamboom: Huisman_vd Kamp
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com
Familiesite: monsuur Web Site
Stamboom: monsuur Family Tree