Zij heeft/had een relatie met Willem Jansz. van Slingeland.
24 maart 1405(=1406)("des dinsdagh(e) na Sinte Benedictij"): Vrederic va
Tympel verborgde Jan Cleyssoen van den Bosch vanwege de twist die men ze
hij had tegen Willem Jans., met een schepenbrief van 1 pond per jaar, ge
aan de landzijde in de Houttuijn, waar Wouter Andriessoen in placht te w
(Aktenboek I; GAD, oud stadsarch.Dordrecht 13, akte 407).
16 jan.1410: voor schepenen van Dordrecht verkoopt Willem Jans Gravensoe
Tielman Jacopssoen: 8 morgen land gelegen in Bleskensgraaf, in een perce
16 morgen tussen het land van Jan Alaerdssoen en het land van Dirc van N
Claessoen.(GAD, Heilige Geest- en Pesthuis ter Nieuwerkerk te Dordrecht
nr.83).
N.B.:de vadersnaam "Jan Graven" wijst op een herkomste uit Bleskensgraa
Graafstroom)
2 jan.1412(=1413): Willem van Slingelant Jansz. bestreed voor schepene
kamer de geldigheid van "sulke coop van lande geleghe(n) in Ghisendam al
Gher(it) die Wit Michielsz., en(de) Adryaen Michielsz. gebroeders vercof
Reynout Sariisz.";hij deed dit met een Dordtse schepenbrief.(Aktenboek I
oud stadsarch.Dordrecht 13, akte 1482).
18 mei 1414: Willem van Slingelant Jansz. verklaarde dat hij "wel vernoe
met de 24 pond Hollands die hij ontvangen heeft van Reynout Sarijsz. va
derde deel dat Michiel Henricxz.'s erfgenamen dienen te betalen vanweg
schepenbrief van fl.4:19:2 Hollands die men Aernt Gheritsz. schuldig wa
vervolgens aan Willem voorzegd opgedragen was.(Aktenboek I; GAD,oud stad
Dordrecht 13 akte 1657).
10 mei 1421: Willem Jansz.verklaarde voor schepenen van Dordrecht, dat h
Gillis van der Halle Gillisz. niets misdoen zal, noch doen misdoen, "roe
vandes si tegens malcande(re)n uutstaende hadden en(de) geschiet soude w
inden stope voor die Leck daer Gillis vorn(oemt) hoofman of was.(Klepboe
oud stadsarch.Dordrecht 4,fol.28,akte 123).
6 maart 1430: voor schepenen van Dordrecht ontving Meliis Willemssoen dr
brieven van Willem van Slingelant Janssoen, als voogd van Heinric Gherit
kinderen, alsmede vanwege Adriaen Heinric Gheritsoen's weduwe, als doo
gemachtigd; de eerste is een Dordtse schepenbrief waarin Reinbout Willem
"gewijst is te volgen mit alle(n) rechte Willem Vranckensoen als voer dr
lb.holl(a)nds goets gelts" van dato 29 jan.1405(=1406); de tweede is ee
waarin Heinric Janssoen bekent 29 oude schilden en 4 wit gr. schuldig t
aan Willem Vranckensoen of toonder van de brief, bezegeld door Ghijsbrec
Ghenensoens"om bede wille van Heinric voersr.", van dato 3 jan.1386(=138
derde is een brief waarin Meliis Willemssoen, Reinbout Willemssoen en Lu
Willemssoen kwijtscholden Willem Dirc Vranckensoenssoen van een "briev
scepen keringe"die zij op hem sprekende hadden, bezegeld op zijn "bede
Berwout heren Meussoen, van dato 6 april 1402.(Aktenboek II,GAD, oud sta
Dordrecht 14, akte 890).
Kind(eren):
N.N. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Willem Jansz. van Slingeland | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.