Hij heeft/had een relatie met Anthonia Wenssen.
Bronnen: 13-8-1482: 'Alsoe zekere twyst ende gheschylle gheweest tussche
Jansz. an die een sijde ende Willem Henr(ick)sz. ende Aert Henr(ick)sz,
ghebroeders met dat dair die stock cleve mach ter ande(re) sijde. Ende a
lange teghens malcanderen te recht gegaen hebben soe hebben sij hiet tus
sprecken van enigh an beijde sijden ghesubmittert ende over gegeven qn v
goede mannen genaempt Sijmon Jans an Rijgaert Florijs ende an Herbaren B
Ende Willem Henr(ick)sz. ende Aert Henr(ick)sz. ghebroeders an meester G
van Voern doer waerd(e) mijns ghenad(ige) he(re)n ende an Dirck Jansz. v
Driell.
Te weten dat Willem ende Aert voorsz. quijtscelden Sijmon Jans. voors. h
van allen erfr(e)cht ende bruijckweer van lant als Sijmon teghenwoerdic
ende ghebruijct.
1487: vermeld onder de hoofdgelden van Dordrecht, in het kwartier tussen
Tollebrug en Wijnbrug: 'Henrick in burgoen(gen) staat op IJ 1/2 pond; co
jairlicx an lant XI st.IIIJ d'.
1488: vermeld onder de hoofdgelden van Dordrecht: 'Ith. noch ontfh. va
Henricxz. in Burgoen(gen) van korsmis anno LXXXVIJ: I lb VIIJ st.'.
15-4-1505: Aert Heyndricx, voogd van Heijdrick, onmondige zoon van Clae
Heijnrickszoen.
26-5-1512: Aert Heynricxz. 'is gereijst vander stede wege den XXVIen mei
Bruyssel'.
1513: vermeld onder de ontvangsten van geleende penning 'geleent bijden
poorteren hijernae gescreven': Aert Henricxz. IJ pnd (grot)en.
15-3-1513: Aert Heijnricxz. calengierde de koop van 5 morgen lands die H
inden Kivit Jansz. binnen het jaar verkocht heeft aan Jan Prs. gelegen i
Henrickijden ambocht, genoemd den Kivit.
17-3-1514: Aert Heijnricksz. calengierde opnieuw de 5 mogen in Henrickij
ambocht genaam den Kivit.
4-5-1518: Jan Ockers en Aert Heijnricksz. onze mede schepen calengierde
jaargeding dat meester Willem Luef heeft betreffendeeen rente op een hui
in Dordrecht.
1527: 'noch beth(ael)t Aert Heijnricxz. van twaleff merck hout'.
5-6-1527: Aernt Heynricksz. belend aan buitendijks land in West-Barendre
12-2-1528: Aert Henricksz.,'onsen ouden rade', genoemd als eenvan de toe
voogden van Kathelijn Aertdochter, weduwe van Pieter Pietersz.; voogde
Cornelis Aertsz. en Matheeus Dircks van Heeraertsberch.
1529: vermeld onder 'Oncost van hout...": 'Noch bethaelt Aert Heijnrick
vier mercken (...) Noch Aert Heij(n)ricxz voors. beth(aelt) van negendal
hondert en vier vuet plancken.'
1535: onder de lijftochten: 'Heynrick in Burgoen(gen), nu Aert Heynricxz
I lb. X st.' en Ariaenken Aert Heynrickxz.docht(e)r X st.'
1542: de weduwe van Aert Henricxz., wonende tot Dordrecht, verkoopt aa
grafelijkheid een rente van 191 lb.
22-9-1544: Beatris Jansdr.poorteresse tot Dordrecht, impetrante, contra
Thoentgen weduwe en boedelhoudster van wijlen Aernt Heynricxz., mede poo
tot Dordrecht.
24-8-1545: Joost Jansz., poorter der stede van Dordrecht, belijdt dat hi
verkocht heeft aan Teuntje Jacob Jan Wenssendr., weduwe van (Aert) Hendr
10 mogen land gelegen in het Oudeland van Mijnsheerenland, in een weer h
tesamen 20 morgen, gemeen voet onder voet met de erfgenamen van Albert P
en Margriet Pieter Jans' weduwe met haar kinderen; belend ten O: de Oost
molenvliet, ten Z: de Heerweg, ten W: de kerk en H.Geest van Mijnsheeren
ten N: de gemenelandswatering.
11-10-1548: land in het Oudeland van Mijnsheerenland omtrent de Oostwate
aldaer, in een blok of weer land houdende tesamen 20 morgen, gemeen voe
voet met Grietje Pieters' weduwe, de erfgenamen van Teuntje Jacob Jan We
weduwe van Aert Hendricksz., en Tielman Oom Danielsz.; belend ten O: de
Oostwatermolenvliet, ten Z: de weg, ten W: Huich Andriesz. van Dordrecht
de gemenelandsavelingen.
29-5-1551: land in het Oudeland van Mijnsheerenland omtrent de Oostwater
aldaar, in een blok van 20 morgen, gemeen voet onder voet met de kindere
Toontje Jacob Jan Wenssendr., weduwe van Aert Hendriksz. koopman, Aert
Danielsz., en de erfgenamen van Adriaen Willemsz. den Hofman, wijlen gee
van Marijke Margrietendr.; belend ten O: de Oostwatermolenvliet, ten Z
ten W: Huich Andriesz. uit Dordrecht, ten N: de gemenelands avelingen va
Mijnsheerenland.
(Ons Voorgeslacht nr.488, december 1997).
Kind(eren):
Overlijden datum: BEF 28 SEP 1534
(Ons Voorgeslacht n0.532 december 2001) Aanvullingen gevonden in een doo
ongerubriceerde documenten, berustende in het familiearchief Van Slingel
(Hoge Raad van Adel, Den Haag; Familie-archief Van Slingelandt, doos nr.
(voorlopige paklijst).
De transacties lijken verband te houden met een reeds gesignaleerde akt
13-8-1482, betreffende 'zekere twyst ende gheschylle' tussen Sijmon Jans
de ene zijde, en de gebroeders Willem Henricksz. en Aert Henricksz. aa
andere zijde. In deze zaak zagen Willem en Aert uiteindelijk af van he
en 'bruijckweer' op het land dat hun oom Sijmon Jansz. bezat en gebruikt
In de doos in het familiearchief Slingelandt bevinden zich vijf doorstok
brieven, daterend uit de jaren 1492-1494. Blijkens de oudste brief van 2
verkocht Adriaen Romboutsz. voor schepenen van Dordrecht aan zijn zwage
Heynricxzoen: een geheel huis en erf. met nog de helft van een geheel hu
erf, beide gelegen aan de 'poortzijde' van Dordrecht, bij de Tolbrug, tu
huis genaamd Beyeren en het huis dat Gerrit van Hamersteyn toebehoorde
tegelijkertijd gepasseerde tweede brief werd bepaald dat Adriaen Rombout
uit het voornoemde huis en erf alsmede uit het halve huis en erf 'gebann
In de daarop volgende jaren probeerde Aert het tweede huis geheel in zij
te krijgen, want in de derde brief van 21-6-1492, verkochten (zijn oom
Jansz. en Katelijn Willem Aertszoens' weduwe een derde deel van de helf
voornoemde huis aan Aert Heynrixzoen. Genoemde verkopers zaten Aert ee
later nog steeds in de weg, want in de derde brief verbood Aert Heynrixz
recht verkregen in het jaargeding gehouden op dinsdag na Pinksteren (d.i
1493)'dat men besat een derdedeel vander helft ene gehele huijs en erve
dat in de doorstoken brief omschreven was. Schepenen van Dordrecht bepaa
daarbij, dat Sijmons Janszoen en Katelijn Willem Aertszoens' weduwe ui
derde deel van de helft van het huis en erf 'gebannen waren met een 'vre
en dat Aert alle rechten had verworven. In de vijfde brief d.d. 2 juni 1
tenslotte, verkocht Adriaen Aert Colensz., als man en voogd van Kathelij
Aertsdochter, mede namems de broers Jan Aertsz. en Thonis Aertsz. (macht
met een 'stedebrief' van Gorinchem), een 'vijffthalven' (4,5 ofwel 2/9
een geheel huis aan de poortzijde van Dordrecht, tussen het huis van Adr
Romboutsz. en 'den Rooschilt' aan Aert Heynricxzoen. Hoewel nergens spra
van het resterende 1/9 deel, had Aert Hendricxsz. het tweede huis nu
waarschijnlijk geheel in handen. Enkele jaren later was hij nog in het b
het eerste huis, want op 3-2-1506 verkocht Aert Heynricxszoen een jaarli
erfrente van 1 pond groot Vlaams aan (zijn schoonzuster) Marighe Jacob J
Weynsdochter, verzekerde op het gehele huis en erf,'daer hij in woont',g
aan de poortzijde bij de Tolbrug, tussen het huis van Lijsbet weduwe va
van Hamersteyn en het huis genaamd Beyeren. Het tweede huis wordt ook ge
en wel in een extract uit het register van wijlen meester Adriaen Wouter
secretaris van Dordrecht. Hierin is sprake van de verkoop op 2-4-1538 do
Adriaensz. die backer van een geheel huis en erf, gelegen aan de poortzi
die vogelmerct', tussen 'den Roeden Schilt' en het huis van Toenigen Aer
Henricxsz weduwe et altra. Deze laatste brief is doorstoken met een twee
latere, waarin als belending werden genoemd: het huis van Anthonetta Aer
Heynricxz weduwe (9-9-1550), resp het huis van Cornelis de Jonge (17-11-
man van haar kleindochter Hillegond Wensen. Wellicht waren de 'Vogelmerc
Groenmarkt) uit 1538 en de 'Vogelenzanc' uit 1417 een en dezelfde.
In het artikel werd geponeerd, dat het wapen dat het geslacht Wenssen la
voerde, afkomstig was ui de 'mannelijke lijn' (Aert Hendricksz.) en nie
15e eeuwse Dordtse geslacht Wenssen.Inderdaad blijkt Aert Henrijcksz. al
schepen van Dordrecht in 1518 te hebben gezegels met drie 'heugels'
(ketelhaken), het zegel werd ook aangetroffen aan een akte d.d. 5-4-1521
kleuren blijken uit een aantekening in het handschrift Schaep.'drie swar
schoorsteen heugels op silver',Schaep tekende hierbij aan, dat Gouthoeve
dat het een gouden veld was.
Aert Hendricksz. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Anthonia Wenssen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.