Huijbrecht Janssen van Ginneken, ± 39 jaar. Heijltien, Adriaen en Jochim Dijckers wonen op een boerderij in de Boeimeer. Deze is in bezit van de erfgenamen van Peeter Baseliers, in 1637 vernield en afgebrand. De keet en de hut waarin zij wonen verkeert in een zeer slechte staat.
Jasper Hendricx, ± 39 jaar. Heijltien, Adriaen en Jochim Dijckers wonenop een boerderij in de Boeimeer. Deze is in bezit van de erfgenamen van Peeter Baseliers, in 1637 vernield en afgebrand. De keet en de hut waarin zij wonen verkeert in een zeer slechte staat.
Hij is getrouwd met Maria Cornelissen.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
Getuigenverklaring van Jasper Hendricx, 8 juli 1642
Bron: J.H. Dirven, notaris (Breda), protocol van allerhande acten, 1642, akte 2, verklaring Jasper Hendricx, 8 juli 1642; "Genealogische bronnen," index en afbeeldingen, Stadsarchief Breda (http://stadsarchief.breda.nl : geraadpleegd 26 maart 2019).
Samenvatting:
8 juli 1642:
Heijltken Peeter Dijckers, ontrent 60 jaren, en Adriaen Peeter Dijckers, jongman, ontrent 30 jaeren, wonende op de hoeve opde Westsijde van Boeijmeer, toebehoorende d'erfgen: van sal: Sr. Peeter Baselius, verklaren dat alsoo de huijsinge van de voors. hoeve mits de belegeringe der stadt Breda anno 1637 geheelijcks was vernielt ende afgebrant, den hr. Peeter Baseliers van hen heeft versocht dat sij daer op konden setten bijenige keete tot hem behelp? Gelovende daerop ter bequame tijt goede huijsinge en toebehoerte te sullen laeten timmeren, welcke sij deponentendijenvolgende daerop hebben geseth eene cleije keet tot heur nootsaeckelijckheit, alwaer sij lieden totten jaeren van 1640 verclaeren soo miserabel ende . gebouwt hebben dat sij nijert langer daer alsoo in condenhouden, oft bij ijemanden soodanich soude hebben willen bewoont worden, hebben gedurich gewoont inde meschdreck ende vuijlicheijt, ongesepareert vande beesten, ende onbe. van wint of regen, soo ock dat wel vijfentwintich mael t'water inde keet is gecomen loopen tot opden heert, verclaeren voorts dat het waer dit nieuw huijs daerop getimmert hadde geworden, sij lieden daer nijet langer in souden blijven woonen hebben als nijet langer de miserie die sij waeren lijdende connen uuijtstaen, eijntelijck verclaren de deponenten dat t'geene daerop anno 1639 en 1640 getimmert is, allenelijck voor peerden ende beesten met eene keuken voor hemlieden wooninge dan is daernoch aen getimmerte ene . ten behoeve van Jasper Baseliers ende mede erfgen om hem te behelpen tot se. wooninge, soo niet sij dat .. comen vrijdom, ombehouden soo dat Jasper hen somtijts gesegt heeft.
Nog gecompareert Jochum Peeter Dijckers, omtrent 36 jaeren, wonende op de ander hoeve van Boeijmeer aendde Oostsijde, heeft verclaert dat hij is wonende in eene slechte hutte ofte keet sonder schuer of huijs, d'welck daer slechtelijck tot een weijnich gehelp bij somi. is opgeset, waerinne hij deponent mits de groote miserie die hij daeris lijdende nijetlanger en can uijtstaen, seggende ingevalle daer op nijet een bequame huijsinge schuer met ander nootsaeckelijckheit gemaect, dat hij deponent daer niet langer wil blijven. mits hij .. sijne vruch.. ende gewsch moet laeten in regen en wint onder den blauwen hemel, waer door het nijet weijnich is . en hij deponent schaede is lijdende sijnde de voorgen. Hoe. daerom mede oock afgetrokcnen sonder .
Voorts gecompareert Huijbrecht Jansen van Ginneken out ontrent 37 jaeren ende Jasper Hendrick out ontrent oock 39 jaeren, hebben verclaert `tselve is waerachtig en henlieden seer wel kennelijck is, seggende dat sij lieden in dier voegen niet en souden willen oft connen woonen, geven de deponenten voor redens van wetenschap dat sij wonen inde gebuerte van voorn. Persoonen, op boeijmeer ende also genoch gesien hebben.
w.g.
Hantmerk getekent bij + heijltien Pr. Dijcke
Adriaen Peeter Dijcker
Hantmerk * van Jochum Peeter Dijckers
Bij mij Huibrecht Jansen van Ginneken
Bij mij Jasper Hendrijckx