Zij is getrouwd met Emanuel van der Steen.
Zij zijn getrouwd op 21 mei 1595 te Dordrecht, zij was toen 23 jaar oud.
Woonachtig vanaf 1635: puttershoek, rustenburg, hoeve.
liet de rustenburg bouwen en ging er zelf wonen.
Rustenburg" werd kort voor 1640 gebouwd op grond van de in 1575 bewinterdijkte Oost Zomerlandse Polder, waarin het Puttershouckse Somerlant behoorende onder Puttershoeck wordt genoemd;groot te wezen 41 merghe 226 roe. In 1635 werd Johan van den Steen Emanuelsz., die toen in Dordrecht woonde, eigenaar van de grond waarop hij een paar jaar later Rustenburg liet bouwen en waar hij toen zelf ook ging wonen. Hij was naast dijkgraaf van het Oostzomerland, ook dijkgraaf van Moerkerken; en fungeerdein die kwaliteit van 1624 tot 1630 als ambachtsheer van de ene helft van de heerlijkheid Puttershoek, welke helft in die tijd in eigendom toebehoorde aan de gezamenlijke Ingelanden van Moerkerken. Johan van den Steen overleed rond 1669. Op 12 jul1662 worden Jan Jacobs Boer en Marigie Claes echtelieden genoemd als wonende op de woning van heer dijkgraaf Johan v.d. Steen onder Puttershoek. Getuigen zijn Willem Hermens van der Wael en Cornelis Hendriks Visscher, mr. kleermaker beide wonende opPietershoek. Na het overlijden van de eerste eigenaar kwam de hoeve aan zijn naamgenoot en zoon Johan van den Steen Johansz. Na zijn overlijden in 1675 kwam zijn weduwe Maria van Rhijn in het bezit van Rustenburg. In 1682 werd de hoeve openbaarverkocht. Bij de aankondiging van de openbare verkoop in 1682 wordt de behuizing als volgt omschreven: Een seer schoone ende playsante Hofstede, bestaande in een groot, nieuw woonhuys ende schuur, mitsgaders noch een wooninge voor den Bruycker apartende wagenkeet met 37 mergen 329 roeden, schoon zaij ende weijlandt. Het geheel ging voor 28500 carolus gulden aan de nieuwe eigenaar over nl. Maria van Slingelandt, weduwe van Emanuel van den Steen. In 1700 kwam zij te overlijden en kwam de hoevein 1700 aan haar zoon Johan van den Steen Emanuelsz. Na het overlijden van Johan van den Steen Emanuelsz. in 1709 kwam de hoeve aan zijn dochter Maria Johanna van den Steen Johansdr, gehuwd met Pieter Jacques van Heijdenrijck, Raadsheer in de GroteRaadvan Mechelen. Na haar overlijden in 1732 kwam de hoeve in 1732 aan Jan Josef Ferdinand van Heijdenrijck en Johan de Witt. Reeds in 1664 wordt Johan de Witt in de Oost- en West Zomerlanden genoemd. Johan de Wit was penningmeester van Oost Zomerland. Erfgenaam is wijlen Willem de Witt. In 1694 was hij secretaris over 20 morgen 303 roeden 't huijs. In 1700 bruikt van De With, Bastiaan Otten Maaskant, sijn stee met 20.303 morgen. In 1694 heeft Otto Bastiaansz. Maaskant de hofstede en huijs (ditstond eerst op naam van heer Sijmon Muijs van Holij). Johan de Witt, heer van Heekendorp etc. overleden 1701, secr. Dordrecht en heemraad Oostsomerland, tot 1701, opvolger is heer en mr. Johan Onderwater. Johan Onderwater is gehuwd met vrouwe Catharina van Beaumond. Johan de Witt secretaris te Dordrecht heeft zoon Johan en dochter Johanna. In 1732 bruikt van Johan de Witt: Johannes Schrijver 11 morgen 200 roeden in Somerland en 't huijs van de Wit. In 1733 is er sprake van 14 morgen 200roeden en huijs. Johan de Witt, Raadsheer in de Raade der Domeinen en Financien van zijn Kijserlijke Majesteit te Brussel. Verzoekt 1766 om 287 ijppebomen staande aan de westsijde van de Slipperdijk onder de plantagie van zijn wooning Rustenburg telaten uitrooijen en wederom andere jonge in de plaats te planten. In 1779 wordt Rustenburgh bij Puttershoek genoemd. Zijn rentmeester is Gasparus Kelderman. De Wit en F. van Heijdenrijck hebben in 1732 uit hoofde van hun woning in het Oostsomerland genaamd Rustenburg het regt tot het stellen van een heemraad en benoemen nu de heer van Vliet tot schout van Puttershoek. In 1768 overleed Johan de Witt en kwam Rustenburg aan laatstgenoemde's dochter Maria Wilhelmina de Witt.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Elisabeth Jacobsdr van Driel | ||||||||||||||||||
1595 | ||||||||||||||||||
Emanuel van der Steen | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.