geboorte aangegeven door Johanna Catharina Diephof, weduwe de Moed, oud 53 jaren, grootmoeder van het kind, die bij de geboorte tegenwoordig is geweest.
Tijdstip: 02:00:00
Tijdstip: 07:30:00
Hij is getrouwd met Margaretha Carolina de Haas.
Zij zijn getrouwd op 3 augustus 1859 te Den Haag, hij was toen 25 jaar oud.
Kind(eren):
Uit het Stamboek van de onderofficieren en manschappen van mindere graden van het 5e Regiment Infanterie:
Lengte 1 el, 5 palmen, 0 duim en 0 strepen. Bij de intrede van zijn 19e jaar 1,55 m.
Aangezicht ovaal, voorhoofd laag, ogen grijs, neus klein, mond idem, kin rond, haar blond, wenkbrauwen idem, merkbare tekenen geen.
Op de 16e maart 1851 overgenomen als Fuselier van het Instructie Bataillon.
Van tevoren gediend bij Regiment Grenadiers en Jagers op de 13e december 1848 vrijwillig geengageerd als Jager voor de tijd van vijf jaren zonder handgeld.
Op de 13e februari 1851 overgeplaatst bij het Instructie Bataillon ingevolge autorisatie van het D(epartement) V(an) O(orlog) van de 15e januari 1851.
Op de 6e maart 1851 overgeplaatst bij het 5e Regiment Infanterie ingevolge aanschrijving van het DVO van de 6e maart 1851, Personeel en Militaire zaken.
18 oktober 1851 Tamboer
26 juni 1853 Soldaat
Stand en veroordeeld tot drie jaren Kruiwagenstraf ter zake van diefstal jegens een zijner kameraden in de Chambree. (Art. 3. De kruiwagenstraf bestaat in het plaatsen des veroordeelden in eene militaire straf gevangenis voor den tijd van drie tot vijftien jaren, ten einde aldaar, vervolgens de voor veroordeelten den landmagt bestaande veroordelingen, aan het verrigten van arbeid te worden ontworpen.)
Op de 18e februari 1854 uit de sterkte gebracht krachtens ..... van het DVO van de 14e februari 1854, als zijnde bij vonnis van de krijgsraad in Noord Brabant van de 24e december 1853 vervallen verklaard van de militaire stand.
Werd op 11 juli 1895 te Den Bosch rondzwervende en zonder middelen van bestaan aangetroffen. Oud 62 jaar, arbeider en geboren te Den Haag, zonder vaste woonplaats.
Nadat beklaagde zelf had verklaard in staat te zijn om te werken, werd hij veroordeeld wegens "Landlooperij" tot een hechtenis van twee dagen en na het uiteinde van deze hoofdstraf, tot een plaatsing in eene Rijkswerkinrichting voor den tijd van drie jaar.
(Arr.Rb. Den Bosch, Invnr. 299 rolnr. 14 Nr. toegang 24)
Hendrikus Gerardus Isaäc de Moed is meerdere malen veroordeeld geweest voor landloperij en bedelarij. Hij werd ook op 4 augustus 1896 opgenomen in Veenhuizen en er is toen een signalementskaart van hem gemaakt.
Hij was gehuwd; geboren 2 november 1833 te 's-Hage (= 's-Gravenhage) in Zuid-Holland; arbeider; zoon van onbekend en van Anna Catharina de Moed.
Hij was in militaire dienst geweest bij het 5e regiment infanterie (en in het bezit van paspoort met certificaat). Twee maal eerder veroordeeld
geweest voor bedelarij en landloperij. Voor het laatst veroordeeld door de arrondissements-rechtbank van 's-Hertogenbosch.
Lengte 1 m 66.5 cm; pokdalig en geplooid gelaat.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Hendrik Gerardus Isaak de Moed | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1859 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Margaretha Carolina de Haas | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||