Zij is getrouwd met Jacobus de Klark.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
In het Jaar achttienhonderd zeventig, op Woensdag den zes en twintigsten Januarij, des voormiddags om elf uur, in de Nieuwe Sociéteit aan de IJsselkade te Zutphen.
Zijn voor Willem Albert Frans Hendrik de Bas, Notaris Standplaats hebbende te Zutphen, in tegenwoordigheid der natenoemen getuigen verschenen:
1e. Jacoba Wassink, zonder beroep, wonende te Zutphen, weduwe van Jacobus de Klark, voor zich en als moeder en wettelijke voogdesse over hare nog minderjarige dochter Hendrika Gerharda de Klark.
2e. Ernst Frederik Pannekoek, timmerman, wonende te Zutphen, als hoofd van de tusschen hem en zijne huisvrouw Anna Hendrika de Klark bestaande huwelijksgemeenschap, voorts in hoedanigheid van toeziende voogd over evengenoemde minderjarige, daartoe benoemd door den Heer Kantonregter van Zutphen, bij besluit van den zeventienden December achttien honderd negen en zestig; en eindelijk als naar zijne verklaring mondeling gemagtigde van a. Willemina Jacoba Sophia de Klark, pleegzuster wonende te Amsterdam, b. Jacobus Antonie de Klark, meubelmaker te Lochem woonachtig, c. Antonie Adrianus de Klark, onderwijzer te Arnhem, en d. Gerrit Jan Hendrikus de Klark, meubelmaker te Lochem wonende.
3e. Hendrikus Martinus de Klark, Scheepstimmerman, wonende te Zutphen.
Zijnde genoemde Willemina Jacoba Sophia - Anna Hendrika - Jacobus Antonie - Hendrikus Martinus - Antonie Adrianus - Gerrit Jan Hendrikus - en Hendrika Gerharda de Klark, de zeven eenige kinderen van wijlen Jacobus de Klark uit diens huwelijk met de eerstgenoemde comparante Jacoba Wassink.
Welke compatanten, aan den Notaris bekend, voor zich of in hunne voorschrevene kwaliteit, zeiden voornemens te zijn, om ingevolge de magtiging daartoe, en zoverre de belanghebbende minderjarige betreft, door de Arrondissements regtbank te Zutphen verleend bij vonnis van den drie en twintigsten December achttienhonderd negen en zestig, voorts overeenkomstig de reeds gedane en nog verder te geschieden gebruikelijke bekendmakingen door het ministerie des ondergeteekenden Notaris alnu bij inzit enheden over veertien dagen, zijnde den negenden Februarij aanstaande, bij toeslag, in het openbaar te veilen en te verkoopen:
Een huis en erf, staande en gelegen in de Barlheze te Zutphen, kadastraal Sectie F.Nummer 752, groot zes en vijftig centiaren, welk perceel behoort tot de huwelijksgemeenschap bestaan hebbende tusschen meergemelde Echtelieden Jacobus de Klark en Jacoba Wassink, die daarvan den eigendom hebben verkregen bij koopacte den zestienden Julij achttien honderd vier en veertig, deel achttien, folio honderd een en vijftig verso geheel en verder. Twee bladen zonder renvoijen. Ontvangen veertig gulden voor regt makende met acht en dertig opcenten vijf en vijftig gulden en twintig cent. De Ontvanger (geteekend) A. van Hoijtema en overgeschreven ten kantore van hijpotheken te Zutphen den zeventienden September daaraanvolgende deel 64 N. 2.
Zullende de voorgenomene veiling en verkoop geschieden op de Algemene Voorwaarden vastgesteld bij procesverbaal van veiling van het vaste goed behoorend tot den Boedel van wijlen de echtelieden Gerrit Jan van Barrelo en Hendrika Wenning, op heden door den ondergeteekenden Notaris opgemaakt en wijders op de navolgende Bijzondere voorwaarden:
Artikel een.- Van het oogenblik der finale gunning af zal het gekochte geheel zijn voor rekening en risico des koopers, die hetzelve echter eerst op den eersten Mei aanstaande in werkelijk gebruik en genot zal kunnen aanvaarden.
Artikel twee.- De grondbelasting op het verkochte drukkende zal vanaf den eersten Januarij jongstleden komen ten laste des koopers.
Artikel drie.- De betaling des koopprijs moet geschieden ten kantore van den ondergeteekenden Notaris op den eersten Mei aanstaande.- Bij nalatigheid in die voldoening langer dan acht dagen kan de koopprijs met een twintigste verhooging gevorderd worden, onverminderd het deswege bij de Algemene Voorwaarden bepaalde.
Artikel vier.- In geen geval zal eenige Sommatie of diergelijke acte worden vereischt om den kooper te stellen in staat van verzuim, maar daartoe steeds voldoende wezen enkel tijdsverloop.-
Aan het verlangen van de comparanten voldoende, heeft de Notaris al het vorenstaande, alsmede de algemene voorwaarden aan de gegadigden voorgelezen en hen daarna uitgenoodigd het in veiling zijnde intezetten, met het gevolg dat daarop het hoogst is geboden ter som van elf honderd en vijf gulden . . . . . . f 1105,--
door Berend Jan Arentsen, stadsomroeper, wonende te Zutphen, die onder voorbehoud van lastgever te noemen, alhier na voorlezing heeft geteekend.
(was getekend) B.J.Arentsen
Alle verschenen personen zijn aan den Notaris bekend. Gedaan op tijd en plaats voormeld, in tegenwoordigheid van Johannes Hendrikus Kronenburg, zaakwaarnemer en Willem Frederik Hendrik van Barrelo, kantoorbediende, beiden wonende te Zutphen, als getuigen, die met de comparanten en den Notaris de minute van het tegenwoordige bij dezen in bewaring gebleven procesverbaal na voorlezing hebben geteekend.
(was geteekend) J.H.Kronenburg, W.F.H.v.Barrelo, J.Wassink, E.F.Pannekoek, H.M.de Klark, H.de Bas.
Geregistreerd te Zuphen den negen en twintigsten Januarij 1800 zeventig, deel 64, folio 199 recto, vak 5, een blad zonder renvoijen. Ontvangen voor regt f 0,80 voor 38 opcenten f 0,30½ te zamen eene gulden tien en een halve cent.
f. 1,10½ De Ontvanger
(get.) onleesbaar
Jacobus de Klark en zijn vrouw leenden onder hypothecair verband op 28 november 1846 van Arnoldus Gerardus Huender, vroeger scheepstimmerman, later houtkoper, ? 400,-- tegen 5% rente 'sjaars. Als zekerheid verbonden zij hun huis en erve aan de Barlheze B106, kadastraal sectie F, nr 752. Akte verleden voor notaris Mr. Willem Jan Carel Putman Cramer.
Op 4 augustus 1853 verkocht Huender zijn vordering aan Gerrit van Barrelo, gepensioneerd onderofficier, Ridder der Militaire Willemsorde, wonende te Brummen.
Op deze datum leenden Jacobus en Jacoba van deze Gerrit van Barrelo nog ? 1000,-- onder dezelfde voorwaarden en met dezelfde zekerheidstelling als de eerste lening. Akte verleden voor notaris Mr. Derk Evekink.
Hypotheekakte ten laste van Jacobus de Klark en Jacoba Wassink
Voor Mr. Derk Evekink, Notaris des Arrondissements Zutphen, Provincie Gelderland, standplaats hebbende te Zutphen en in tegenwoordigheid van nagenoemde en medeondergeteekende getuigen
Compareerden Jacobus de Klark, scheepstimmermansgezel en diens huisvrouw Jacoba Wassink, buiten beroep, te zamen wonende te Zutphen, de vrouw in deze onder bijstand en magtiging van haren man, beide aan den Notaris bekend.
Dewelke erkenden wegens aan hen ter leen gegeven gelden bij wege van voldane verbindtenis wel en deugdelijk schuldig te zijn aan Gerrit van Barrelo, gepensioneerd onderofficier, Ridder der Militaire Willemsorde, wonende onder Brummen, op het passeren dezer tegenwoordig, aan den Notaris bekend en die erkentenis onder alle na te melden voorwaarden accepterende eene kapitale som van een duizend gulden Nederlandsch Courant tevens onder solidariteit als voren aannemende gezegd kapitaal te rekenen van den eersten Mei jongstleden jaarlijks en alzoo voor het eerst op primo Mei achttienhonderd vierenvijftig te zullen verrenten op den voet van vijf percent en zulks tot aan de werkelijke herlegging toe, die telken jare op den verschijndag der rentezal mogen of moeten geschieden mits aan de eene of andere zijde minstens drie maanden te voren opzegging zij gedaan, wijders onder de bepaling dat bij nalatigheid in de rentebetaling langer dan zes weken na den eenen of anderen verschijndag of ook bij niet nakoming der straks te melden bedingen van brandverwaarborging of eindelijk bij geheele of gedeeltelijke vervreemding van het hierna verhypothekeerde, de geldschieter bevoegd zal zijn om ten allen tijde veertien dagen na gedane opzegging het kapitaal met de rente dan te goede op te vorderen, hoedanige opvordering insgelijks ten allen tijde doch zonder eenige opzage zal kunnen geschieden zoodra het verhypothekeerde geheel of gedeeltelijk door derden, uit wat oorzaak ook, mogt worden inbeslag genomen, zullende om hen comparanten debiteuren in welk opzigt ook te stellen in staat van verzuim ten allen tijde genoegzaam wezen enkel tijdsverloop zonder tusschenkomst van sommatie of dergelijke acte; voorts ter erlanging van hoofdsom ofrente nimmer eenige voorlopige regtsvordering buiten een eenvoudig handschrift tot betaling nodig zijn en eindelijk geene voldoening van hoofdsom of rente ooit behoeven aangenomen te worden anders dan in goede op?sRijks kantoren gangbare munt, speciën, kosteloos ter woonstede van den geldschieter.
En verklaarden wijders de comparanten debiteuren, tot meerdere zekerheid van gezegd kapitaal, den daarvan te verschijnen rente en eventueel bijkomende kosten, bij deze tot een speciaal hypotheek en onderpand te stellen hun eigendommelijk huis en erve in de Barlhezestraat te Zutphen, gemerkt Letter B, nommer 106, kadastraal bekend Sectie F nommer 752 groot zes en vijftig ellen, zijnde naar der debiteuren uitdrukkelijke verklaring tot heden met geen ander of verder hypotheek bezwaard dan met eenkapitaal groot vierhonderd gulden mede ten behoeve van den geldschieter in deze krachtens acte van cessie en transport op heden voor den ondergeteekenden Notaris in bijzijn van getuigen gepasseerd behoorlijk geregistreerd [?.]vooi goed.
En is omtrent het onderwerpelijke verband verder overeengekomen dat de debiteuren geene overeenkomsten van verhuring of genotsafstand van het verhypothekeerde zullen mogen aangaan buiten schriftelijke toestemming van den geldschieter, noch ooit eenige vooruitbetaling van huurpenningen zullen mogen bedingen, zullende alle met een of ander strijdige overeenkomsten worden beschouwd als van regtswege nietig en van onwaarde.
Dat zij de verhypothekeerde gebouwen onafgebroken tegen brandschade zullen moeten verwaarborgd houden en eene der binnen dit Rijk gevestigde solide brandwaarborgmaatschappijen en van de voortduring dier verwaarborging jaarlijks bij de betaling der rente zullen moeten doen blijken door het overleggen der kwitantie van de alsdan ?t laatst verschenen premie van verwaarborging, zullende de polis of acte van aandeel moeten worden in bewaring gelegd bij den geldschieter, die bij onverhoopte brandschade bevoegd zal zijn de verzekeringspenningen in plaats der onderzetting te doen treden, en daarin, zo voor alsdan dat het beloop van de onderwerpelijke en voorschreven hypothecatie wordt gesurrogeerd bij deze.
Dat eindelijk de geldschieter gelijk mede zijne erven en of regtverkrijgenden als naar der debiteuren voormelde verklaring, eersten geschreven schuldeischer, bij vrijwillige verkooping van het verhypothekeerde, aan zijde der debiteuren, zich aan geene zuivering of rangregeling van hypotheken zal hebben te onderwerpen en bij gebreke van behoorlijke voldoening der hoofdsom of der verschuldigde rente onherroepelijk zal zijn germagtigd het verbondene in het openbaar te doen verkoopen, teneinde uitde opbrengst te verhalen zoowel de hoofdsom als de renten en kosten.
Tenslotte verklaarden de debiteuren voor de executie dezer onherroepelijk domicilie te kiezen aan het bij deze verhypothekeerde huis en erve, ten effecte als volgens de wet en voor hunne rekening te nemen alle kosten en regten, waartoe deze acte metal den aankleve van dien immer aanleiding moge geven die der aan den geldschieter uit te geven Eerste Grosse speciaal daaronder begrepen.
Waarvan Acte:
Gedaan en verleden te Zutphen ten kantore des ondergeteekenden Notaris aldaar den vierden Augustus achttienhonderd drie en vijftig in tegenwoordigheid van Franciscus Ensing, schoenmaker, en Jan Derk de Wilde, zadelmaker, beide wonende te Zutphen alsgetuigen, dewelke met de comparanten en den Notaris de tegenwoordige in des Notaris bezit en bewaring gebleven Minute onmiddellijk na gedane voorlezing hebben geteekend.
J. de Klark, J.Wassink, F. Ensing, J.D. de Wilde, G. van Barrelo, D.Evekink, Notaris
?
1000,-- 1% ? 10,--
38 opc ? 3,80
?13,80
Geregistreerd te Zutphen den vijfden Augustus achttienhonderd drie en vijftig deel acht en veertig folio honderd negentig recto vak zeven en verder.
Twee bladen met twee renvoijen. Ontvangen tien gulden voor regt makende met de acht en dertig opcenten dertien gulden en tachtig cent.
De Ontvanger a.i.
w.g. Timmerman
Jacoba Wassink | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Jacobus de Klark | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||