Het overlijden van Gerridina Overbeek werd aangegeven door Jannes kleine Snuverink, oud 57 jaar en Abraham Bornebroek, oud 36 jaar, beiden landbouwer te Boekelo. Aangevers verklaarden dat zij geen schrijven geleerd hadden en dat Gerridina 73 jaar was.
Tijdstip: 01:00
Zij is getrouwd met Arend Jan Senkeldam.
Zij zijn getrouwd op 31 maart 1827 te Lonneker, zij was toen 25 jaar oud.Bron 4
Het voorgenomen huwelijk van Arend Jan Senkeldam en Gerridina Overbeek werd afgekondigd op zondagen 18 en 25 maart 1827 te Lonneker en te Markelo.
De moeder van de bruid was aanwezig en gaf haar toestemming tot het huwelijk.
Arend Jan had voldaan aan de Nationale Militie , waar hij stond ingeschreven als Arend Jan Elkink.
Getuigen bij het huwelijk waren Berend Kwekkeboom, oud 50 jaar, Jan Lansink, oud 43 jaar, Arend Eeltink, oud 70 jaar en Marten Bellers, oud 39 jaar, allen landbouwers wonende in de gemeente Lonneker en niet verwant of verzwagerd aan bruidegom of bruid.
De moeder van de bruid verklaarde geen schrijven geleerd te hebben.
Kind(eren):
Op 10 juni 1850 woonden volgens een gezinsblad van de gemeente Lonneker in Boekelo: Gerridina Overbeek, Jan Hendrik Senkeldam, Jan Willem Senkeldam, geboren 1829, Hermannes Senkeldam, geboren 1838, Hermina Senkeldam, geboren 1841, Aaltjen Senkeldam, geboren 1836 en Hermen Overbeek, geboren 1773 te Hengelo.
In 1830 woonden op nr. 16 te Boekelo Hermen Overbeek, 53 jaar, Hermina Overbeek, 60 jaar, Gerridina Overbeek, 27 jaar, Arend Jan Senkeldam, 32 jaar, Jan Hendrik Senkeldam, 3 jaar en Willem Senkeldam, 2 jaar.
Nadat Jan Hendrik Gijsbers was overleden werd er een Maagscheiding gehouden om de belangen van de minderjarige Gerridina Overbeek veilig te stellen. Hiervan werd volgende akte opgemaakt:
Staat en Inventaris van den Boedel in gemeenschap bezeten door wijlen Hendrik Gijsbers of Overbeek en deszelfs vrouw Hermina Overbeek, zo als die tans door laatstgenoemde en haar kind Gerritdina nog wordt gecontinueerd.
De gehele Inboedel, niets uitgezonderd, als mede het gewas op het Land word naar beste wetenschap gehouden waardig te zijn duizend guldens, zeg 1000-,-, zijnde er bekendelijk in dezen Boedel gene vaste goederen aanwezig.
Waartegen de schulden des boedes bedragen als volgt:
Aan den Heer Graaf van Wassenaar Twickel zeshonderdvijftig guldens,zegg 650,--
Aan Gt Overbekke " 80,--
_ de Erven Th. Planten " 70,--
_ Gt Jan Wolzak " 60,--
_ Schoenm. Brevink in Haaksbergen " 25,--
_ den Smit Timmers te Delden " 25,--
_ Br. van Heek te Enschede " 20,--
_ Gt Nijhuis in de Rutbeeke " 10,--
_ de Erv. Steenberg " 10,--
_ den Ketelmaker in den Zwarten Arend te Delden " 10,--
_ den Brouwer Snuverink te Hengelo " 10,--
______
970,--
Blijkende alzo de Schulden te bedragen . E. Negenhonderd zeventig guldens; zo dat de rijkdom des boedels van zeer weinig belang is.
Waar over tusschen de moeder en de aan te stellen Voogden Jan Overbeek en Jannes Gijsbers (de namen van de voogden zijn in de oorspronkelijke akte doorgehaald) over het voorz. minderjarige kind, met namen Jan Overbeek en Jannes Gijsbers, eene minnelijke deeling en Maagscheid gehouden zijnde; zo word aan hetzelve voor Vaderlijk goed toegedeeld Eene kiste en behoorlijke uitzet van Bedde en klederen, benevens eene koe, bij deszelfs meerderjarigheid of eerder trouwen aan hetzelve uit te keren; zullende de moeder in deszelfs opvoeding tot dien tijd toe moeten voorzien.
Wordende de Richter van Enschede verzocht deze van Gerigtswegen te approberen en de voorn Voogden te confirmeren.
Aldus gedaan in Boekelo dezes Gerichts den 26 January 1807.
Was getekend door Hermina Overbeek (zij schreef hrmime overbeek), voorts een kruisje waarbij geschreven staat; Dit merk heeft Jannes Gijsbers getrokken, Jan verbeeke en G. Pennink, getuige.
Met Jan verbeke zal Jan Overbeke bedoeld zijn.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Gerridina Overbeek | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1827 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Arend Jan Senkeldam | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||