Hij is getrouwd met Bregje Jans Fransen.
Zij zijn getrouwd.
Kind(eren):
In 1736 verkopen de mombers van een minderjarige dochter van Hermen Claas Lassche en Bregjen Jans Fransen , samen met Gerrijt Jacobs Soetens en Berteld Albert Boxsens, elk voor een derde deel een huis, hof, weere, landerijen en turfschuren gelegen in de Schutsloot aan Roelof Jacobs Colthamer. Bij het plaatsen van het merkteken wordt Gerrijt Jacobs Soetens genoemd Gerrijdt Jacobs Soetevendt.
De akte luidt:
Op dato onderschreven heeft Jacob Fransen en Albert Claas Lassche, als mombaren over de minderjarige dochter van wijlen Hermen Claas Lassche en Bregjen Jans Fransen, op approbatie van de heer Scholtus W. ven de Rijp, voor 1/3 pert verkoft, neevens Gerrijt Jacob Soetens voor 1/3 pert, en Bertelt Albers Boxsen voor 1/3 pert, te saamen het geheel, en ieder in zijn qualiteit aan Roelof Jacobs Colthamer en zijn huisvrouwe Vroutien Carstens, seeeker huis, hoff en weeren, mitsgaders alle de landerien in Wicher Thijmens en Thijmen Roelofs erven, buijten en binnen de Schutsloot, alsmeede de turffschuuren darop staande, voorts het weijdelandt achter en bewesten het huijs en gemelte erven, in den Middelkluft van Wanneperveen; verder de ackers, kraggen en waater in Andries Derx Klinkhuis en Winolt Joochems erven in de Westerkluft van Wanneperveen, dit alles tesamen, met zijn lusten en lasten, regt en geregtigheit zijn geweest, en aldus verkoft voor de somma van neegen hondert Caroli guldens ad 20 stuivers het stuck en een gouden ducaton van vijftien gulden en vijftien stuivers, waarvan de betalinge sal geschieden in zes eengaale termijnen, welcken het geregts sesten part te weeten meij 1737; 1738; 1739; 1740;1741; en 1742 het sesde of laatste termijn, voor welke penningen de ankooper verbint voor eerst dit angekofte goedt, voorts in 't geeneraal zijn hebbende, als nog verkrijgende goederen in cas van wan of mits betaalinge daaran te kunnen en mogen verhaalen.Verder doende de verkoopers zulx voormits leverantie, de levrienge van dese gemelde goederen sullen de verkoopers moeten doen tot de jaar 1736 van alles en niet verder, winkoop 50ste pennink en oorties gelt sal door coopers en verkoopers ieder voor de halve scheit worden betaalt. Tot vestenisse van dese coop zijn hiervan twe aleensluidende kontrackten opgerigt en door cooper en verkoopers neevens getuigen eigenhandig betijkent.
Actum Wanneperveen den 24 st Januarij 1736.
Hermen Claas Lassche woonde in Wanneperveen op de Middelkluft volgens het vuurstedenregister van 1726. Het huis had 1 schoorsteen. Het had voorheen toebehoord aan zijn vader Claas Jansen Lassche.
Hermen Clasen en Bregjen Jans deden belijdenis van hun geloof op 25 december 1709 in de Nederduits Gereformeerde kerk te Wanneperveen.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Hermen Claas Lassche | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Bregje Jans Fransen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||