Hij is getrouwd met Adele van Frankrijk.
Zij zijn getrouwd.
Kind(eren):
Boudewijn V van VlaanderenBoudewijn V 1013 – 1067
Graaf van Vlaanderen
Graaf van Artesië
Graaf van Zeeland
Periode 1035 - 1067
Voorganger Boudewijn IV
Opvolger Boudewijn VI
Markgraaf van Valenciennes
Periode 1013 - 1045
Voorganger Arnulf van Valenciennes
Opvolger Herman van Bergen
Markgraaf van Ename
Periode 1056/57 - 1067
Voorganger -
Opvolger Boudewijn VI (het markgraafschap wordt allodium van Rijks-Vlaanderen
Vader Boudewijn IV
Moeder Ogiva van Luxemburg
Boudewijn V van Rijsel, ook bijgenaamd de Grote (1013 - Rijsel?, 1 september 1067) was graaf van Vlaanderen van 1035 tot aan zijn dood.
Als zoon en erfgenaam van Boudewijn IV en van Ogiva van Luxemburg volgde hij zijn vader op bij diens dood. In 1028 huwde hij met Adela van Frankrijk (1009 - Mesen, 8 januari 1079), weduwe van hertog Richard III van Normandië (?-1027) en een dochter van koning Robert II van Frankrijk en Constance van Arles.
Wegens zijn aansluiting bij de rebellie van hertog Godfried met de Baard werd hem zijn Duitse rijkslenen in 1046 ontnomen, meer bepaald de mark Valenciennes. Na zijn verzoening met de Duitse keizerkwam hij in 1056/1059 definitief in het bezit van Ename. Dit was een belangrijk Lotharings bolwerk (ten oosten van de Schelde, van oudsher de scheidingslijn tussen Frankrijk en het Duitse rijk). Hij consolideerde aldus met succes de door zijn vader begonnen politiek om ook Duitse rijkslenen te verwerven. Zijn opvolgers werden aldus leenmannen van de Duitse keizer. Het betrokken gebied wordt daarom ook Rijks-Vlaanderen genoemd.
Zijn oudste zoon Boudewijn werd door de Duitse keizer eveneens beleend met een markgraafschap (wellicht Ename), maar dit belette Boudewijn V niet zich een jaar later toch aan te sluiten bij hertog Godfried met de Baard in diens opstand tegen de keizer. In het kader van deze politiek dwong hij Richilde van Henegouwen, weduwe van Herman van Bergen (overleden 1051), tot een huwelijk met zijn zoon Boudewijn (VI). Door zijn toedoen werden de kinderen uit Richildis' eerste huwelijk van hun erfrechten beroofd en lijfde hij de facto Henegouwen bij Vlaanderen in. Na het plotseling overlijden van de Duitse keizer Hendrik III (1056) en de minderjarigheid van diens zoon Hendrik IV werden door de Lotharingse rijksedelen, aartsbisschop Anno II van Keulen en paltsgraaf Hendrik I van Lotharingen, de vredesbesprekingen van Andernach (1056 en 1059) met Boudewijn gevoerd. Ook het wegens bloedverwantschap canoniek ongeldige huwelijk van zijn zoon Boudewijn met Richilde van Henegouwen werd door de paus kort nadien gelegitimeerd.
Door het huwelijk van Boudewijns tweede zoon, Robrecht de Fries, met Geertrui, weduwe van de graaf van Holland, strekte de Vlaamse invloedssfeer zich over een groot deel van de Nederlanden uit. Zo groot was Boudewijns aanzien, dat hij bij de dood van de Franse koning Hendrik I (1060) voogd werd over diens minderjarige troonopvolger Filips I.
Op het binnenlandse vlak heeft Boudewijn het grafelijke gezag verstevigd door het territoriale bestuur te reorganiseren (kasselrijen in plaats van gouwen) en de bevoegdheden van de kloostervoogden in te krimpen (mede door de invloed van de kerkelijke hervormingsbeweging van Richard van Saint-Vanne). Om het dunbevolkte en ongecultiveerde centrale gedeelte van zijn graafschap beter te verbinden met de rijke steden, die zich aan de kust en de Schelde ontwikkelden, legde hij een gordel van nieuwe steden aan in Binnen-Vlaanderen: Torhout, Ieper, Mesen, Rijsel, Kassel en Ariën. Deze nieuwe stichtingen werden hoofdplaats van een kasselrij en kregen een jaarmarkt om de kooplieden aan te trekken.
Kort voor zijn dood steunde Boudewijn V nog de expeditie naar Engeland (1066) van zijn schoonzoon Willem de Veroveraar, die gehuwd was met zijn dochter Mathilda van Vlaanderen. Deze stellingname was echter niet zonder risico's: de opkomst van het Anglo-Normandisch blok, dat voor Vlaanderen gevaarlijk kon worden, werd er niet door tegengewerkt. Een van de redenen van Boudewijns keuze was waarschijnlijk dat hij op die manier de kans zag om een deel van de dissidente adel die Willem op zijn tocht vergezelde, onschadelijk te maken.
Boudewijn V overleed op 1 september 1067. Na zijn dood trok zijn weduwe Adela zich als non terug in een klooster te Mesen, waar zij in 1079 overleed.
Nazaten
Boudewijn VI van Vlaanderen
Mathilda (1032 - Caen, 2 november 1083), gehuwd in 1053 met Willem I de Veroveraar, hertog van Normandië en koning van Engeland
Robrecht I van Vlaanderen, vader van Adela, gehuwd met Knoet IV van Denemarken.
Boudewijn V, graaf van Vlaanderen van 1035 tot 1067, zoon van Boudewijn IV, die hij bij diens doodopvolgde. In 1028 huwde hij met Adèle, dochtervan de Franse koning Robrecht II. Tijdens een
oorlog met Herman van Bergen, graaf van Henegouwen, moest hij Valenciennes afstaan (1047), maar
hijkwam definitief in het bezit van Ename en zette aldus de door zijn vaderbegonnen oostelijke
expansie van Vlaanderen met succes voort. Zijn zoon Boudewijn VI werd door de Duitse keizer
beleend met het markgraafschap Antwerpen. Desondanks sloot Boudewijn V zich aan bij de
Lotharingse vorstenin hun opstand tegen de keizer. In het kader van deze politiek liet hij
Boudewijn VI huwen met Richildis, weduwe van Herman van Bergen (1051), beroofde de kinderen uit
Richildis´ eerste huwelijk van hun rechten en lijfde de facto Henegouwen bij Vlaanderen in. Door
het plotseling overlijdenvan keizer Hendrik III (1056) en de minderjarigheid van diens zoon
Hendrik IV was keizerin Agnes verplicht met Boudewijn vrede te sluiten en hethuwelijk van zijn
zoon te erkennen. Door het huwelijk van Boudewijns tweede zoon, Robrecht I de Fries, met
Geertrui, weduwe van de graaf van Holland, strekte de Vlaamse invloedssfeer zich over een groot
deel van de Nederlanden uit. Boudewijns aanzien was zo groot, dat hij bij de dood van deFranse
koning Hendrik I (1060) voogd werd over diens minderjarige opvolger Filips I. Op het binnenlandse
vlak heeft Boudewijn het vorstelijk gezag verstevigd door het territoriale bestuur te
reorganiseren (kasselrijen in plaats van gouwen) en de bevoegdheden van de kloostervoogden in te
krimpen (mede door de invloed vande kerkelijke hervormingsbeweging van Richard van Saint-Vanne).
Om het dun bevolkte en woeste centrale deel van zijn graafschap te verbinden metde rijke steden,
die zich ontwikkelden aan de kust en de Schelde, legde hij een gordel van steden aan in
Binnen-Vlaanderen: Torhout, Ieper, Mesen, Rijsel, Kassel en Aire. De nieuwe steden werden
hoofdplaats van een kasselrij en kregen een jaarmarkt om de kooplieden aan te trekken. Boudewijn
steunde de expeditie naar Engeland (1066) van Willem de Veroveraar, die gehuwd was met zijn
dochter Mathilda, en heeft daardoor de opkomst van het Anglo- Normandisch blok, dat voor
Vlaanderen gevaarlijk kon worden, niet tegengewerkt, waarschijnlijk mede omdat hij alzo de kans
zag eendeel van de turbulente adel die Willem vergezelde, kwijt te raken. CD ROM Encarta
encyclopedie Winkler Prins editie 1998,
Begraven - Gent, BelgiëZoon van Boudewijn IV; hij huwde ca. 1028 met prinses Alix van Frankrij k; hij werd door de Duitse keizer beleend met gebieden in Rijksvlaander en en Antwerpen; hij was een zwager van koning Hendrik I van Frankrijk en was van 1060-1065 voogd over koning Filips I van Franrijk; hij vergeze lde Willem de Veroveraar (koning Willem I van Engeland) en huwde diens do chter Mathilde (SOUR: 1 TEXTD219)
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Boudewijn V van Vlaanderen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Adele van Frankrijk | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.