1556, november 10 - R 302/87r
Quirijn zoon van wijlen Peter Reijnen als man en momber van Cornelis suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Jan zoon van wijlen Jan Mathijs van Gorp legitime et hereditarie supportavit (heeft wettelijk en erfelijk overgegeven aan Cornelis zoon van wijlen Jan Mathijs van Gorp, oom van zijn huisvrouw, simul cum omnibus literis (samen met alle brieven) in zoverre die dit aangaan et cum tot jure (en met al het recht) etc., met afgaan en vertijen, al het versterf en rechtvanwege versterven, dat aan de voors. Cornelis aangekomen en verstorven is van haar grootvader voornoemd in alle erfelijke goederen, hoedanig deze goederen mogen zijn of waar men die enigszins zal mogen bevinden binnen de parochie van Tilburg, niets daarin uitgezonderd ut dicebat (zoals hij zeide) terwijl de voors. Quirijn als man en momber van Cornelis zijn huisvrouw voors. als eerst aansprakelijke schuldenaar super se et bona sua (op zich en zijn goederen) etc. dit verkopen, overgeven, opdragen, afgaan en vertijen vs altijd vast en stendig te houden en in zijn naam en in de naam van zijn huisvrouw voors te doen houden zonder enig wederzeggen en nooit meer naar het voors. versterf of recht van versterven te staan of te doen staan met geen enkel recht, en alle kommer en calangies vanwege hem en zijn huisvrouw voors. daarop komende allemaal voor hem af te doen.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.