Hij overleed op zijn geliefde vakantieadres te Ventimiglia. De familie heeft een familiegraf op de R.K. begraafplaats te Heemstede.
Zijn zoon Jeroen zat in café De Pels in Amsterdam met Remco Campert over diens vader, Jan Campert, te praten. Remco was bedroefd dat hij tot nu toe geen gedicht over zijn vader had kunnen maken. Zijn vader was in kamp Neuengamme om het leven gekomen in de oorlog en was al in 1932 van Remco's moeder gescheiden. Voor Remco was zijn vader dus eigenlijk een vreemde. Op dat moment werd Jeroen aan de telefoon geroepen: zijn zus was aan de lijn om te vertellen dat hun vader in zijn woonplaats in Italië was overleden. Toen Jeroen een week later uit Italië terugkeerde lag er een gedicht van Remco Campert over diens vader.
Op die landweg moeder
Hield je me minuten vast
Je ogen waren rood
Je jas die rook naar stad
De Duitser had per kaart gemeld
Mijn vader hij was dood
In Neuengamme bitter oord
Daar hadden ze hem vermoord
(Fragment uit: Januari 1943)
Jan Camperts gedicht De achttien dooden, werd na de oorlog vaak bij herdenkingen voorgedragen.
Hij is getrouwd met Margaretha Emma Ignatia (Greetje) Witteveen.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
Hij was directeur en adviseur van de Aannemersmaatschappij Noord-Holland B.V. te Heemstede.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.