1- Jacob Roosing, kantoorbediende en Aart Aleman, opzichter bij gemeentewerken beiden wonende te Rotterdam als uitvoerders van de nalatenschap van wijlen Hendrika Jacobson, weduwe van Gerrit van Oostenrijk gewoond te Rotterdam aldaar overleden op 29 maart 1862 blijkens haar testament op 6 december 1859 genoteerd bij notaris Dirk Cornelis Kley alhier.
2- Johanna Elisabeth Oostenrijk, echtgenote van Teunis Kuyper, timmerman wonende te Rotterdam geeft te kennen dat wijlen Gerrit Oostenrijk, overleden 24 mei 1858 blijkens zijn testament op 24 september 1853 aan haar legateert een som van 1000 gulden vrij van successierechten en uitgekeerd moet worden drie maanden na het overlijden van zijn echtgenote en verklaart zij dat zij het bedrag heeft ontvangen.
Aart Aleman, opzichter van de gemeentewerken wonende te Rotterdam gehuwd met Alida Otterdijk als toeziend voogd over Willem, Arend, Gerrit, Aletta en Jacob Roosing.
Jacob Roosing, kantoorbediende te Rotterdam tredend in de rechten in deze te behandelende nalatenschap, dat werd bezeten door zijn dochter Catharina Roosing, gescheiden van Bernardus Rijks, zonder beroep wonende te Rotterdam, verder als vader en voogd over de genoemde kinderen uit zijn huwelijk met wijlen Aletta Otterdijk, te Rotterdam overleden op 9 maart 1856.
Jacobus Johannes van Os, zonder beroep wonende te Rotterdam gehuwd met Hendrika Roosing.
De comparanten geven te kennen dat op 29 maart 1862 te Rotterdam is overleden Hendrika Jacobsen, eerst weduwe van Pieter Otterdijk laatst weduwe van Gerrit Oostenrijk, in leven stoelenzetster in de Groote Kerk van de Hervormde gemeente te Rotterdam.
Dat uit de erflaatsters eerste huwelijk zijn geboren Alida Otterdijk, echtgenote van Aart Aleman en wijlen Aletta Otterdijk, echtgenote van Jacob Roosing.
Dat Gerrit Oostenrijk blijkens zijn testament op 24 september 1853 de erflaatster heeft benoemd onder last van enige legaten tot enige erfgename van zijn nalatenschap.
Dat de erflaatster blijkens haar testament op 6 december 1859 onder last van enige legaten tot erfgenamen van haar nalatenschap heeft benoemd voor de helft haar dochter Alida Otterdijk en de andere helft de kinderen van wijlen Aletta Otterdijk en benoemt haar beiden schoonzoons tot uitvoerders van haar laatste wil.
De inventarisatie heeft plaats gevonden op 6 mei 1862 genoteerd bij notaris Dirk Cornelis Kley alhier.
Gerrit Oostenrijk legateert aan:
Zijn zuster Johanna Elisabeth Oostenrijk, echtgenote van Teunis Kuypers te Rotterdam een som van 1000 gulden.
Aart Aleman en Jacob Roosing al zijn kleding en linnengoed.
Johanna Elisabeth Flukkeger, echtgenote van Johannes Schilperoord te Kralingen 100 gulden.
De minderjarige Jacoba Flukkeger 100 gulden.
Maria Boogaard, weduwe van Hugo Bouman te Zierikzee 1000 gulden.
Suzanna Louisa Bouman, echtgenote van Adrianus van Gastel te Zierikzee 100 gulden.
Aaltje Dirksen, echtgenote van B. Daams te Doesburg 100 gulden.
Alle kleinkinderen van zijn echtgenote ieder 100 gulden.
Hendrika Jacobsen legateert aan:
Haar dochter Alida Otterdijk 2000 gulden.
Jacob Roosing vernoemd 1000 gulden.
Aaltje Dirksen 100 gulden.
Hendrika Roosing met de minderjarige kinderen tegen inbreng van de geschatte waarde een huis, bovenhuis en erf gelegen aan de Botersloot te Rotterdam.
Alida Otterdijk tegen inbreng van de geschatte waarde een huis met erf gelegen aan de westzijde van de Molensteeg bij de Groote Markt.
Verder bevat de boedel effecten en certificaten en enige schuldvorderingen ten laste van Jacobus Nieuwhoff, tuinder te Schiedam en ten behoeve van Gerrit Oostenrijk
Zij is getrouwd met Teunis Kuijpers.
Zij zijn getrouwd op 4 november 1818 te Rotterdam, zij was toen 32 jaar oud.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johanna Elizabeth Oostenrijk | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
1818 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Teunis Kuijpers | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.