Loutje was als klein kind lastig, gierig en opvliegend, door zijn enorme humor kwam hij hiermee vaak goed weg. Hij wordt al op zeer jonge leeftijd ingeschakeld in de horecabedrijven van zijn vader. Zo zet die hem in de crisisjaren, na schooltijd, hij zat op de MULO, aan het werk, hij moest al roepend en bellend met een ijsco karretje door de woonwijken rijden.
Na de opening in '34 van de eerste cafetaria, een eenvoudige maar gebleken succesformule, genaamd ‘Petit Marmite' in de Kerkstraat, wordt hij vóór schooltijd ingeschakeld om op de Albert Cuyp verse groente en vis te kopen.
[krantenknipsel Elseviers Weekblad 16 juli 1955] Hierna lacht het geluk hen toe en de nieuwe bedrijven schieten als paddestoelen uit de grond. Slechts een paar jaar later staat Loutje als bedrijfsleider in de zaken van zijn vader. Hij gaat tussendoor ook nog een jaar naar Sadburry, Engeland om daar ervaring op te doen.
Louis is dan een aantrekkelijke jongeman met een bepaald charisma, waardoor hij of mensen aantrok of juist afstootte. Zo kon hij het niet zo best vinden met zijn jongere broer Bob en zusje Lida [tot verdriet van hun moeder], maar wel weer uitstekend met neef Johan en nichtjes Mina en Elma. Hij was in elk geval een geestig mens, zo beamen allen die hem kenden.
Bij zijn huwelijk met Anneke, beheert hij het Swarte Schaep, aan het Leidseplein, het duurste restaurant van de stad en Extase, een luxe uitgaansgelegenheid boven het KLM gebouw. Ze wonen jarenlang aan het Damrak 6, boven een van de andere De Bock zaken.
Elk jaar kwamen vele [achter]neefjes en nichtjes bij hen thuis kijken naar de intocht van Sinterklaas. Vanaf de eerste etage had je daar een prachtig uitzicht op!
Anneke stond binnen de familie bekend als "een vroeg Leidseplein dame", het werd géén gelukkig huwelijk. Lou houdt er, wellicht daardoor, gedurende dit huwelijk, diverse buitenechtelijke relaties op na.
Rond 1958 leert Lou zijn aanstaande 2e vrouw Wil kennen. Zij is dan weduwe met twee kinderen en werkt als kantoorhoofd van een ANWB vestiging. Ze gaan rond 1960 samenwonen en willen trouwen. Anneke houdt de scheiding jarenlang tegen, ondanks dat ook zij met een ander samenwoont.
Na het uittreden van hun vader als vennoot van de WEMA in 1958, blijven Loutje en Bob als directeur / groot aandeelhouders over. Lou jr. heeft veel ideeën en richt een heel aantal nieuwe bedrijven op onder de naam Fiësta. Broer Bob is het er niet mee eens, want het ging volgens hem te snel en de bedrijven lagen te verspreid over het hele land, zodat toezicht erg moeilijk werd. Uit dezelfde notulen van de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van 1 november 1967 bleek dat er over het boekjaar 1966, een bruto verlies van f 17.400,00 was geleden. Verlies lijdende bedrijven waren: "de Zilvermeeuw" aan het Damrak, NV "de Rijstvogel" aan het Spui, "Wouterse" in Arnhem, "Fiësta" in Arnhem, "Fiësta" - Zeist [aan de Slotlaan], "Fiësta" in Breda [opgeheven, wegens teleurstellende cijfers], "Fiësta" - Heerlen [bestolen door de bedrijfsleider, die per 1 maart is ontslagen].
Op 14 december 1967 komen de aandeelhouders opnieuw bij elkaar. De cijfers over de eerste 9 maanden van 1967 zijn bedroevend. Ook het nieuwste bedrijf, een wegrestaurant aan de zojuist gereed gekomen Grevelingendam levert evenmin winst op. Er wordt over gesproken om de exploitaties van de bedrijven in den lande terug te geven aan de brouwerij.
Broer Bob stapt definitief uit de WEMA en Lou zet het pas verbouwde bedrijf aan het Damrak 6, waarvan ook het pand eigendom is en het bedrijf aan het Spui, met een lage huur, voort. Beneden komt een Bodega, aan de Spuizijde, een koffiebar aan de Singelzijde en boven kwam een restaurant.
Blijkbaar was deze opsplitsing een opluchting voor beide broers, want beiden bloeiden daarna op. De scheiding tussen Lou en Anneke werd eindelijk uitgesproken, krap twee weken voor zijn huwelijk met Wil, met wie hij dan al ruim 12 jaar samenwoont.
Wil werkt dan al jarenlang mee in de bedrijven aan het Spui en Damrak en later ook nog bij de opening van het restaurant aan de Grevelingendam, waarbij overigens de hele beschikbare familie, inclusief zus Lida en neef Ronald, aantreden.
Het tij keert en zij kopen samen een mooie nieuwbouw villa in Badhoevedorp en werken samen in zijn inmiddels weer goedlopende horecabedrijven. Lou kan zich eindelijk meer op het cijfermatige richten, waar zijn kracht ook ligt en Wil vooral het publicitaire deel voor haar rekening neemt.
Ze hebben een goed leven samen en maken vele verre reizen, zoals naar China, Japan en Rusland. Zijn gevoel voor talen komt hier goed van pas, hij spreekt vijf vreemde talen moeiteloos en leest elk vrij ogenblik.Voor Wil was Lou "de allerliefste man die er mag zijn".
Ook Lou werd getroffen door de familiekwaal dementie en overleed na een jaar. Zijn laatste twee maanden bracht hij door in een verpleeghuis in Amstelveen.
(1) Hij is getrouwd met Johanna van Enter.
Zij zijn getrouwd op 25 november 1941 te Amsterdam, hij was toen 24 jaar oud.
Het echtpaar is gescheiden 31 augustus 1973 te Amsterdam.
(2) Hij is getrouwd met (Niet openbaar).
Zij zijn getrouwd op 18 september 1973 te Naarden, hij was toen 55 jaar oud.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Louis Weilers | ||||||||||||||||||
(1) 1941 | ||||||||||||||||||
Johanna van Enter | ||||||||||||||||||
(2) 1973 | ||||||||||||||||||
| (Niet openbaar) | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.