Let op: Leeftijd bij trouwen (25 januari 1308) lag beneden de 16 jaar (15).
Zij is getrouwd met Edward II of England.
Zij zijn getrouwd op 25 januari 1308 te Boulogne-sur-Mer, Pas-de-Calais, France, zij was toen 15 jaar oud.
Kind(eren):
Isabella 'de Schone' van Frankrijk. Koningin van Engeland (1308-1327). Bijgenaamd: 'the She-Wolf of France'.
De opgegeven overlijdensdatum van Isabella van Frankrijk (27 okt 1357) was in 1968 in overeenstemming met de toen laatste uitgave (1965) van Isenburg's Europäische Stammtafeln, nl. deel II, tafel 60. Wanneer men zich afvraagt hoe hij aan die datum kwam, vindt men ter plaatse geen verantwoording. Pakt men echter zijn 'Die Ahnen der deutschen Kaiser und Könige und ihrer Gemahlinecn (Görlitz, 1932) erbij, waar zij op tafel 77 verschijnt als kwartier 41 van Eleonore van Portugal, de gemalin van keizer Frederik III, dan blijkt zijn bron daartoe geweest te zijn K. von Behr, Genealogie der in Europa regierenden Fürstenhäuser, 2. Aufl. Leipzig 1870. Maar v. Behr is óók slechts een tabellenwerk zonder verantwoording van data, zodat dus niet blijkt waar deze zijn kennis dan aan ontleende; misschien wel aan Hiibners Genealogische Tabellen (Leipzig 1725-1728; in de daarvan te Leiden 1729-1735 verschenen Nederlandstalige editie: deel I, tabel 51) waar men ook al 1357 als sterfjaar vindt.
Tegenover deze reeks van elkaar kennelijk telkens overschrijvende continentale tabellenwerken vindt men dan in willekeurig welk Engels geschiedwerk ook - voor zover die althans het overlijden van een koningin-moeder de moeite van het vermelden waard vinden - als haar sterfjaar steeds 1158 aangegeven.
Dit jaar verschil kan niet verklaard worden uit het feil dat Engeland (tot 1752 toe) een nieuw jaar pas begon te tellen op 25 maart, want de aangegeven sterfdag ligt ca. vijf maanden daarna. Het is dus zaak naar een levenbeschrijving met aanduiding der contemporaine bronnen te gaan. Men komt dan al snel terecht bij de Dictionory of National Biography, waar Thomas Frederick Teut in het in 1892 verschenen deel 29 een levensbeschrijving van haar gaf en meldde 'She died on 23 Aug. 1358 at her castle in Hertford, and was buried in the Franciscan church at Newgate in London' (pag. 504). Aan het einde van zijn artikel geeft Tour een uitvoerige opgave van de bronnen, waaruit echter niet direct duidelijk wordt in welke daarvan men dan haar sterfdatum het beste gestaafd vindt. Uitkomst biedt dan Kenneth H. Vickers, England in the Later Middle Ages, 4th edition (London, Methuen, 1926, zijnde deel III van de in totaal 7-delige A History of England, edited by Sir Charles Oman), die op pag. 146 meldt 'her death at Hertford Castle on August 22nd, 1358'. Juist vanwege die ene dag verschil in vergelijking met Tour, was het zaak die bronnen na te gaan. Het betreft dan - waarbij ik de bibliografische aanduiding van Vickers nog maar wal preciseer - achtereenvolgens:
- Henry Knighton (gest. ca. 1366), Chronicon (in twee delen uitgegeven door J.R. Lumby in wat oftïcieel heet de Rerum Brittanicarum Medii Aevi Scriptores, maar wat, ook internationaal, in de wandeling wordt aangeduid als de Rolls Series), London 1889-1905, vol. I, pag. 484,
- de Gesta Edwardi (lopende tot 1377; uitgegeven door W. Stubbs in de Rolls Series), London 1883, pag. 102. en tenslotte
- de Eulogia Historiarum (voltooid ca. 1367, uitgegeven door S. Haydon in de Rolls Series in drie delen, London 1858-63). deel III, pag. 227.
De sterfdag blijkt inderdaad 22 aug 1358 te zijn. Deze datum vindt men nadien dan ook in Burkes Guide to the Royal Family, London (Burkes Peerage Ltd.) 1973, pag, 198, en bij Jacques Dupont et Jacques Saillot, Les cahiers de Saint-Louis, cahier II (1979). Vanuit dit laatste kwam deze juiste sterfdatum gelukkig ook terecht in de Europäische Stammtafeln, Neure Folge, Bd. II (1984), trafel 84 (Die Könige von England 1307-1399). Maar men zij gewaarschuwd: Tafel 12 van diezelfde band (Die Könige von Frankreich 1223-1328 a.d. Hause Capet) heeft als onmogelijke sterfplaats 'Rossing' - een plaats(je) van die naam bestaat in heel Engeland niet - en dan als datum toch weer 27 aug 1357, d.w.z. de al minstens een eeuw lang in Duitse tabellenwerken gemaakte fout.
Op pag. 276 werd bij generatie 19/124 (Karel de Grote-reeks) voorts aangegeven dat zij als non was gestorven. Inderdaad meldt Toul dat zij tijdens haar ballingschap (gewoonlijk in Castle Rising bij Kings Lynn, maar van tijd tot tijd ook verblijvend in andere haar ter beschikking gestelde kastelen) 'finally took the habit of the Sisters of Santa Clara', waarbij hij verwijst naar het Chronicon de Lanercost (uitgegeven door Joseph Stevenson voor de Bannatine Club, Edinburgh 1839), pag. 206. Die kroniek, voltooid door een onbekende Franciscaner monnik in Carlisle, loopt tot 1346. Maar zelfs in later jaren stelle men zich haar wel uit de verte
gecontroleerde, maar toch tamelijk luxeuze leven (met hofhouding overeenkomstig haar rang, met diverse
kastelen tot haar beschikking, met eigen valkeniers, minstrelen etc.) allerminst als een leven tussen kloostermuren voor. Wel was zij in later jaren meer religieus gericht, wat zich uitte in het verzamelen van reliquieën en het bezoeken van bedevaartsplaatsen. Zij zal daarom niet zijn toegetreden tot de strenge z.g.
Tweede Orde van Franciscus (de Clarissen), maar tot de Derde Orde die hij in 1221 had gesticht voor mannen en vrouwen die de wereld niet konden verlaten en toch, voor zover dat met hun stand verenigbaar was, het Franciscaner ideaal wilden navolgen. Als zovele edelen vanaf de l3e eeuw werd zij dus Tertiaris.
Zij werd, op last van haar zoon Edward III, toch met het nodige eerbetoon begraven in Greyfriars Newgate in Londen, na de Saint Pauls de grootste kerk van de stad waar in die eeuw nòg drie Britse koninginnen werden bijgezet, evenals vele edelen. Het was daarbij gebruikelijk het stoffelijk overschot der gestorvenen in een Franciscaner pij te hullen 'to case their passage to heaven', zoals Christopher Hibbert lichtelijk cynisch opmerkt (The Londen Encyclopaedia, Londen (Macmillan) 1983, s.v. Christ Church Greyfriars). Voor enig cynisme is hier wel plaats: men begroef haar met op haar borst het hart van haar in 1327 door haar minnaar Roger Mortimer op werkelijk gruwelijke wijze vermoorde gemaal Edward II (William Kent, An Encyclopaedia of London, revised edition, Londen, J.M. Dent. 1951, pag. I66- 168).
Motiimer zelf was trouwens na zijn executie (1330) later óók in Greyfriars begraven, maar dan wel op wat
meer afstand, n.l. in een van de kloostergangen.
Van dit alles rest thans niets meer. De kerkruimte van Greyfriars werd bij de Dissolution of the Monasteries
in 1538 aan de katholieke eredienst onttrokken, de graftomben werden gesloopt en het marmer en brons ervan verkocht. De kerk werd in 1547 als 'Christ Church' heropend voor de Church of England, maar ging bij de Great Fire van 1666 in vlammen op. En de Christ Church die Christopher Wren daar later bouwde, werd in 1941 slachloffer van de Blilz. Wie de
She-wolf of France, with unrelenting fangs
That tear'st the bowels of thy mangled mate
(regels van de 18e-eeuwse dichter Thomas Gray) ter plekke zou willen herdenken, moet in Londen maar
voor het General Post Office gaan staan en dan denken: ja, daar ergens, tussen die funderingen.
H.H.W. VAN EIJK
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Isabella van Frankrijk | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
1308 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
Edward II of England | |||||||||||||||||||||||||||||||||||