Hij had een relatie met N.N..
De relatie startte
Kind(eren):
21 augustus 1416:
Engelbrecht, graaf van Nassow, heer van de Leck en Breda, en Johanna, zijn vrouw, geven Gheerit van der Aa Berthout
Bacsz.zoon na uitspraak van scheidslieden 32 pond jaarlijks uit de inkomsten van Breda in erefleen, losbaar met 300
pond.
Op 02-01-1420 verkochten Gijelijs Back zvw Jan Back Berthouts en zijn zoon Jan Back, tevens voor zijn andere kinderen Boudewijn, Aert en Angneese, aan Godevert Wouter Back Ommaten van Tilborch een erfpacht van 1 mud rogge uit een erfpacht van 2 mud rogge die eertijds de oude Wouter die Sticker leverde aan de vader van Gijelijs, uit erfenissen in Westilburg
14 april 1426:
Gerit van der Aa en Willem van der Aa, zoons van w. Heer Goosen van der Aa,ridder; Gerit van der Aa zoon w. Heer Willem
van der Aa,ridder; Gerit van der Aa zoon w. Gerit van der Aa met Gerit Bac zoon w. Bertout en Aert Stamelaert van Uden een
lijfrente aan Heer Luytsoen van Hanepoel t.b.v. Kathelijn van der Aa, Dirck van Penu verstrekt kwitantie.
Op 08-01-1430 werd vastgelegd dat er een geschil was tussen Jan Back en zijn broer Aert, natuurlijke zonen van wijlen Berthout Baxs en Margriet Putkuup, enerzijds en Gherijt Back wettige zoon van Beertout Baxs anderzijds, betreffende het testament dat voornoemde Jan en Aert van hun vader hadden en de geboden van Luik, waartoe zij zeggers namen, te weten heer Claes Fijts priester, Gijelijs Bacs en Henrick van den Dijck, op straffe van 100 kronen, 1/3 aan de kerkfabriek van Oisterwijk, 1/3 aan de hertog van Brabant en 1/3 aan de bisschop van Luik. De uitspraak luidde dat Gherijt Back aan Jan en Aert 24 gouden aarts gulden geeft en dat Gherijt 1 aarts gulden geeft waar de zeggers die keren zouden.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.