Ongehuwd.
Op 29 jun 1680 compareerde te Leiden Pieter Pietersz Alckemade, wonende onder Oestgeest en bekende voor zijn erven en nakomelingen schuldig te wezen aan Sijmon Cornelsz van Es (=Nes) (#9677), zijn Broeder (zoon uit eerste huwelijk van zijn moeder), wonende onder Oestgeest, de som van 30 hondert carolus guldens tegen 4% rente per jaar.
Tot meerdere zekerheid compareerden mede als Borg:
Cornelis Pietersz Alckemade (#16396), wonende onder Aghthooven,
Pieter Pietersz Alckemade (#9070), wonende onder Kouderkercke,
Cornelis Pietersz Alckemade (#9054), wonende onder Oestgeest,
Maghtelt Pieters van Alckemade (#9072), meede wonende onder Oestgeest en
Cornelis Gerritsz Wassenaer (#9074), wonende te Alphen. Met hun handtekeningen. (bron: RAL Leiden 0506-1060, akte 84, scan 166-167).
Op 23 aug 1681 stellen de kinderen: de eersame Cornelis Pieters van Alckemade, de Jonge, en de eerbare Machtelt Pieters van Alckemade, beiden wonende onder de Ambachte van Oestgeest, zich voor ´700 gulden 40 grooten ´t stuck´ borg voor hun vader Pieter Pieters van Alckemade (bron: RAL Leiden 0506-1356, acte 107/scan 170).
Op 23 aug 1684 compareert Machteld met haar broer Cornelis Pietersz van Alkemade, de jonge, als borg voor hun vader Pieter Pietersz van Alkemade. ( bron: RAL Leiden 0506-1356, akte 107, scan 169 ev) e
Op 27 aug 1685 compareerden te Leiden nog, naast de eerder vermelde Pieter Pieters van Alkemaa,(#16705), bouman, wonende in de heerlijckheijt van Oegstgeest, die verklaart schuldig te zijn aan de voogden van Aegie Jansdr van Esse, de eersame Pieter Pietersz van Alkemaa, de jonge (#9070), wonende tot Koudekerck, beneffens Machtelt Pieters (#9072) ende Cornelis Pieters van Alkemaa (#9054), mede wonende onder Oegstgeest, en verklaren akkoord te zijn met datgene wat eerder werd vermeld. (bron: RAL Leiden 0506-1196, akte 241, scan 463). Op gemerkt dient te worden dat Pieter Pietersz Alckema (#16705) pas op 6 okt, en Machtelt Pieters op 2 nov 1686 tekenden. e
In 1687 worden Machtelt Pieters Alckemade te Oegstgeest met broers Cornelis en Pieter te Oegstgeest en zuster Geertje van Alckemade te Alphen vermeld als mede-erfgenamen van Pietertje Jans van Tol "Aen de Hondsdijck" (bron: Kohieren Koudekerk 1622-1722 RAL 4023-4645, 1071,1079).
Op 24 dec 1694 compareert Claes Jans van Overweg, korenmolenaar, en bekend schuldig te zijn aan Machtelt Pieters van Alckemade een somme van 400 guldens tegen 5 guldens ten hondert per jaar. (bron: RAL Leiden 0506-1021, akte 106, scan 295) e
Op 29 jan 1701 compareert Machtelt Pieters Alkemade, bejaarde ongehuwde dochter, wonende in de Lagewaert te Koudekerk. (bron: RAL Leiden 0506-1026, akte 6, scan 23) e
Op 28 dec 1709 compareerde te Leiden: Machtild Pieters van Alkemade, bejaerde dochter, wonende in de Laagewaert in de Heerlijkheijd van Koudekerk en benoemt tot haar universele erfgenaam haar broeder Pieter Pietersz van Alkemade voor de gerechte eene helfte en de 3 kinderen van haar overleden suster Geertje Pieters Alkemade geprocureert bij Cornelis Gerritsz Wassenaer, tesamen voor de wederhelft etc. Met haar handtekening (bron: RAL Leiden 0506-1426, akte 142, scan 444=45).
Op 25 september 1718 verkoopt Jan Kuijckhoven te Leiden aan Magtelt Pieters Alckemade, bejaarde ongehuwde persoon, een huis aan Suijd-Reijnevest in de bon Levendaal Zuijtzijde vrij om 480 gulden (het huis, dat hij net op 25 september 1718 voor 400 gulden had gekocht !). (bron: RAL Leiden 0506-1356, acte 107, scan 170).
Op 20 dec 1721 compareert te Leiden Magteld Alkemade, wonende onder de Heerlijkheid Koudekerk, en machtigt de procureur Johannes van Schellingerhout om namens haar op te treden bij de Hoogheemraden van Rijnland en de vierschaar tegen Wigbold van der Does, heere van Noortwijk etc . Met haar handtekening. (bron: RAL Leiden 0506-1791, akte 403, scan 312).
Magtelt Pieters Alkemade overleed in okt 1722 en werd op 21 okt 1772 te Koudekerk begraven, waarvoor 12 gulden impost werd betaald (bron: Streekarchief Rijnlands Midden, gaarder Koudekerk 145-1-12, inv.nr 5, fol. 7v).
Op 25 mei 1723 te Leiden Schiftingen en Scheydinge van de Boedel van wijlen Magtelt Pieters Alkemade, bejaerde ongehuwde persoon, die op 10 okt 1722 overleden is en die nagelaten heeft aan:
Pieter Pieterse Alkemade (#4162), Huybert Pietersz Alkemade (#7978), Neeltie Pieters Alkemade, (#4163) Willem Cornelisz Wassenaer, Gerretie Cornelis Wassenaer en Martinus van Velsen , elx voor 1/7 e part mitsgaders de kinderen van Jan Cornelisz Wassenaer te samen mede voor 1/7 part. Met de handtekeningen van: Pieter Alckema, Huijbert Pieterse Alkema, Willem Kornelis van der Poel (#6207), het merck van Willeboord Cornelisz Wassenaer, Cornelis Pieterse Kortenbos, Martijnus van Velsen en Cornelis Persoon (voogd) (bron: RAL Leiden 0506-1474, akte 155, scan 245-249).
Op 27 mei 1723 compareren te Leiden, bij not. Johannes van Swanenburg, Pieter Pieters Alkemade (#4162) (1e), Huybert Pieters Alkemade (#7978) (2e), Willem Cornelis van der Poel (#6207) (3e), als in huwelijk hebbende Neeltie Pieters Alkemade (#4163), nog Willebrord Cornelis Wassenaer (4e), Cornelis Pieterse Kortenbos (5e), als getrout hebbende Geertgen Cornelis Wassenaer, ende Martinus van Velsen (6e), mitsgaders noch de Eersame Pieter Pieters Alkemade (#4162) ende Cornelis Persoon (7e), beijde als gestelde voogden volgens acte van Hove van Holland over de minderjarige kinderen van Jan Cornelis van Wassenaer. in die qualiteyt te samen, erfgenamen van opgemelte Magtelt Pieters Alkemade (#9072), te kennen gevende sy compten., wonende namelijk de 1ste te Woubrugge, de 2de en 6de compt. tot Coudekerk, de 3de compt. tot Alkemade, de 4de compt. tot Haserswoude, de 5e compt tot Voorhout en de letste (7e) compt. tot Noortwijck binnen, allen hier ter stede sijnde mij notaris wel bekent, en verklaren akkoord te zijn met de scheiding van de boedel. Met hun handtekeningen (bron: RAL Leiden 0506-1474, akte 155, scan 249-250).
Na Machtelt´s overlijden werd het huis op 1 juni 1726 door Cornelis Persoon en Pieter Alckemade (#9070), als voogden over de minderjarige (wees?)kinderen van Jan Cornelisz Wassenaer (zoon van Machtelt´s zuster Geertgen (#9073) als rechthebbende erfgenamen uyt de boedel van Machtelt Pieters Alkemade vercost aen Wessel Wiggelman om een custingsbrief van 660 gulden, te betaelen met 120 gulden gereet gelt en 60 gulden sjaers vanaf 1 mei 1727 (bron: RAL Leiden Bonboeken 501A-6635, fol. 227, scan 228).
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Streekarchief Rijnlands Midden, gaarder Koudekerk 145-1-12, inv.nr 5, fol. 7v