Hij is getrouwd met Maria van der Hulst.
Zij zijn getrouwd rond 1715.
Kind(eren):
Kleerbleker (1730, 1742).
Vernoemd naar grootvader Willen van Aelst (#7778)..
Maarten van Bourgondiën; ´Op 24 november 1730 betaalde Willem van Alkemade 2 gulden in de verponding voor een huis (´tot gebruik van kleerbleekje´) dat hij zelf bewoonde; het huis werd getaxeerd op 40 gulden en was in 1687 gebouwd;. (bron: Archiefdienst voor Kennemerland, Archief van de ambachtsheerlijkheid Bennebroek, inv. nr. 100 F, fol. 4).
Willem Janszn. van Alkemade wordt vermeld in de jaren 1730 1751 en in 1763.
In 1733 betaalde Willem van Alkemade 5 gulden en 17 stuivers in de verponding voor een huis, kleerblekerij en bleekvelden (bron: Archiefdienst voor Kennemerland, Archief van de ambachtsheerlijkheid Bennebroek, inv. nr. 100 G, fol. 8v).
Op 31 jul 1740 waren Willem van Alkemade en Marrieti van der Hulst te Amsterdam getuigen bij de NH doop van Thomas Evertsz van der Hulst (bron: SAA DTB A´dam 5001-101, p.414 (fol. 207v), nr 14).
In 1742 betaalde Willem van Alkemade, kleerbleker, in de verponding (o.a. voor 1 paard, een rijtuig en dienstboden) (bron: Archiefdienst voor Kennemerland, Archief van de ambachtsheerlijkheid Bennebroek, inv. nr. 100 H, fol. 6).(71)
In 1746 kocht Willem Janszn. van Alkemade, kerkmeester en president schepen van Bennebroek, van Teunis Cebel, meestermetselaar en schepen van Bennebroek, een huisje aan de Binnenweg [links van het tegenwoordig nog bestaande opvallende huis met de trapgevel]; bron: J.W. Groesbeek, "Bennebroek, beeld van een dorpsgemeenschap" (Zutphen 1982) 71.(199)
Ten zuiden van de blekerij Bleek en Vaart aan de Schoollaan lag "Een seer vermaerde welgelegen kamerdoekse en fijn lijnwaetblekerij, bestaande in een goet logeabel huijs met verscheidene vertrekken, melk en washuis, winter en somerkeuken, groot 3½ morgen in gebruik als ´droogberg´.
De blekerij [eigendom van Eliasar Noblet] was overigens verhuurd aan juffr. Anna van Aalst tot 21 februari 1742 toe voor fl. 490, per jaar. Dit alles lezen we in een akte van 29 september 1738. Toen Eliasars" kinderen Leonard, Sara en Geertruid Noblet, de blekerij erfden, zagen zij het niet meer zitten met het bedrijf. Tot elke prijs we ermee! Zo kon Willem Janszn. van Alkemade, kleerbleker, alles kopen voor fl. 1400, (13 februari 1748). Of hij de lijnwaadblekerij voortzette, weten we niet zeker, want toen hij het perceel op 3 december 1756 verkocht aan mejuffr. Elisabeth Enschedé, weduwe van Jan Buedings sr. oud schepen van Bennebroek, werd dit als volgt omschreven: "zekere van ouds lijnwaet of kamerdoeksblekerij met weiland, in de Bennebroekerpolder, nevens alle ´t geen achter deze bleeck in ´t Rottegat buijten dien polder gelegen is, groot 7 morgen 350 roeden, met de droogberg". De koopster betaalde er fl. 4000, voor (3 december 1756). Het vervolg van de geschiedenis van deze blekerij moeten we zoeken onder Bleek en Vaart; bron: J.W. Groesbeek, "Bennebroek, beeld van een dorpsgemeenschap" (Zutphen 1982, 199).
Op 23 nov 1757 was Willem van Alkemade met Cornelia van der Hoeck, getuige bij de doop van Hendrik, zoon van Fredrik van der Hoeck en Jannetje van der Hulst (bron: SAA DTB A´dam 5001-82, p.333 (fol.166), nr 13).
In 1802 trad ene Jan van Alkemade op i.v.m. een kleerblekerij (waarschijnlijk was hij een kleinzoon van Willem van Alkemade?) (bron: Archiefdienst voor Kennemerland, Archief van de ambachtsheerlijkheid Bennebroek, inv.nr. 100 I (ongefolieerd).
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Willem Jansz van Alkemade | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1715 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Maria van der Hulst | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.