Hij is getrouwd met Sofia IJsbrandsdr van Spaarnwoude.
Zij zijn getrouwd voor 1429.
Kind(eren):
Het eerst kwam hij voor in 1429, toen hij en zijn vrouw Sofia van Spaarnwoude als erfgenamen werden genoemd van de weduwe van Gerard Bertoutszn. van de Berkmer. Het volgende jaar verhuurde de abdis van Leeuwenhorst het het Grote weer in Warmond. In 1438 stond hij borg voor Alijd, zijn zuster, die poorteres van Leiden werd. Blijkbaar was hij zelf al poorter. In 1439 woonde hij in de Lombardensteeg. In hun huis op de hoek van Rapenburg en Voldersgracht nu de Langebrug stichtten zij toen et klooster St. Barbara alias Bethanië. De zusters van St. Barbara, wonend op zijn hofstede, kregen in 1441 voorrechten. De zusters verkochten met hem als voogd in 143 een rente aan de gasthuismeesters. Zij mochten hem en zijn vrouw als stichters in hun kerk begraven.
Hij was in 1446, van 1452 tot 1454 en van 1459 tot 1461 schepen van Leiden. Hij zegelde bij die en andere gelegenheden met de gekroonde leeuw van Alkemade. In 1463 kocht hij van St. Barbara 2 morgen in Warmond uit de erfenis van Alijd van der Woude en schonk het direct aan St. Barbara. In 1471 schonk hij samen met zijn zuster Alijd een rente aan de Bernarditen van Warmond. In 1473 gingen zij door met dit vrome werk en schonken de regulieren van Leiderdorp 1 morgen in Voorhout. St. Barbara bedacht hij hetzelfde jaar met de helft van twee akkers in Wasenaar voor zijn memorie. In 1475 vermeerderde hij zijn memorie t.b.v. brooduitdeling op zijn sterfdag nog met de andere helft van deze akkers in Wassenaar en een stuk land in Warmond, die hij zojuist had gekocht van zijn neef Jan van der Woude. Zijn laatste gift aan St. Barbara deed hij in mei 1476 om spijs bij zijn memorie uit te delen. Het betrof de helft van 2 morgen in Warmond, afkomstig uit de erfenis van zijn zuster Alijd.
Hij had in of voor 1434 een lijfrente van de stad Leiden gekocht, die betaald werd tot 1476. Hij stierf toen op 12 september. Zijn memorie bj de Bernarditen te Warmond werd samen met die van zijn zuster Alijd op de datum 12 oktober, een maand na zijn overlijden, gesteld. Hij was reeds in 1429 gehuwd met Sofia, dochter van IJsbrand van Spaarnwoude. Het echtpaar werd volgens de genealoog van de zestiende eeuw in het door hen gestichte klooster onder één zerk voor het hoogaltaar begraven. In 1612 zag Arent van Buchel in het Prinsenlogement de onlangs teruggevonden zerk, waarop links zijn wapens: Alkemade-Woude- Boekhorst-Van der Burch en rechts (niet heraldisch) de hare: Spaarnwoude-Adrichem-Cuser-Boekhorst. (bron: dr. J.C. Kort, 'Van Alkemade 1200 1782 III', in: De Nederlandsche Leeuw jaargang 115 (1998), nr. 11 12, kolom 343 360, aldaar 359 360).
Van Gouthoeven: "stierf sonder kinders en hadde van sijn eygen huys gefondeert S.Barbaren klooster te Leyden".
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.