RAL-AHW 170, [ongenummerd]: Op 21 augustus 1744 maakte Hendrick Cobben, ziek te bed liggend in zijn huis op de Vink te Wijnandsrade en beroofd van zijn gezichtsvermogen, zijn testament.
Aan de kinderen van zijn nicht Catharina Cobben, gehuwd met Ferdinand Lutgens, liet hij:
a) zijn huis met weide en 18 kleine roeden moestuin, grenzend aan Peter Cobben, Willem Schreurs en Adam Schadts;
b) 66 kleine roeden "de onderste weijde", grenzend aan Peter Cobben, Claes Lortije en Adam Schadts;
c) een halve morgen akkerland, grenzend aan Adam Schadts, Mathijs Bude en Ferdinand Lutgens;
d) 36 1/2 kleine roeden akkerland op het voetpad naar Hunnecum, grenzend aan Willem Cobben en Jan Bruls.
e) alle roerende goederen, behalve zijn grote kist, die voor Anna CAtharina Lutgens bestemd was.
De erfgenamen zouden zorgdragen voor een goede begrafenis en voor twee gezongen en twee gelezen missen.
Ferdinand Lutgens en Catharina Cobben zouden de goederen hun leven lang mogen gebruiken maar niet mogen vervreemden.
Zijn overige goederen zouden verdeeld worden onder de vijf kinderen van wijlen zijn broer Joannes Cobben en wijlen diens echtgenote Meijcken Bruls.
Wel zouden alle staande gewassen naar de kinderen van Ferdinand Lutgens en Catharina Cobben gaan.
RAL-AHW 171, nr. 33: Op 12 mei 1746 schonk Hendrick Cobben, bijgenaamd de blinde, aan zijn nicht Catharina Cobben, gehuwd met Ferdinand Lutgens, vanwege de goed zorgen tijdens zijn ziekte, een halve morgen akkerland uit een stuk van 150 kleine roeden, gelegen op de Vink onder Wijnandsrade, grenzend aan de heer van Wijnandsrade, Willem Schreurs en Peter Cobben, af te meten langs Peter Co
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Henricus Cobben | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.