Hij is getrouwd met Gerritgen Alberts.
1626 juli 9, rec. 144, folio 453 en 453 verso. ( ORAH, copie 15:417/418 )
Voir Jacob Voeth ende Tegnagel Schepenen ende OverweesmeesterenCompareerde
Gerritgen Albertss zaliger Rende Hartgers weduwe willende sich tot dietwede
ehe begeven met Rende Harmsen Cree ende bekende haer twe kinderen metnaemen
Jutte ende Jacob Renden voor haer vaders goedt die gerechte helfte vanalle
haer ende haer zaliger ehemans eygen grondt Ende het gerede sal tegensdie
schulden bij den moeder verblijven, met sulcke Conditien dat indien diekinder-
en met die moeder niet conden accorderen nae gesinnen der naester vrundenin
sulcken gevalle haer vaders goedt vurschreven sal worden geemploijeerttharen
prouffijt ende van de renthe ende inkoompsten haer te versorgen Wijdersis ge-
conditioneert dat Gerritgen Alberts haer vurschreven Sohn ende Dochterals sij
mundig sijn ofte totten echten staet sich werden begeven tot een eerlicke
uuijtsettinge uuijtrusten sal naemelick aende Sohn neffens een eerlickeCley-
donge boven zijn vaders Clederen een goede Cou, ende den Dochter eenBedde met
sijn toebehoer ende wel gescheijt als sulcx behoort. Waer bij aen overende
mede te vreden geweest sijn neffens Rende Creen haer Gerritgensvurschreven in
deser saecken gecoren momber Jan Peterss Visch ende Gerrit Noijen derkinderen
vrunden. Sonder argelist. Actum den 9 Julij 1626.
1626 december 30, rec. 144, folio 462 verso en 463. ( ORAH, copie15:419/420)
Voir Dedem ende Hoeclum Bekenden Rende Harmans toecoemende bruijdegom tereenre
ende Gerritgen Alberts zaliger Rende Hartgers weduwe toecoemende bruijtgeas-
sisteert met Willem Grene haeren in deser saecken gecoren momber terandere
sijden Sullende sich die vurschreven Rende Harmans ende Gerritgen Albertsver-
gaderen inden hilligen echten state nae Ordonantie der hilligen kerckeDat sij
ter goeder tijdt in hijlicxvurwarden overcoemen ende verdragen sijn aldusDat
die vurschreven Rende Harmens tot onderstant van 't vurschreven huwelickaen
Gerritgen Alberts brengen sal gelijck hij aenbrengt in crachte deses alleal-
sulcke gerede ende ongerede roerende ende onroerende goederen als hijtegen-
woerdich is hebbende ende naemaels crijgen mach gheene uuijtgesondertDaer
tegens die vurschreven Gerritgen Alberts ter rechter ehestuijr aende vur-
schreven haeren toecoemende eheman brengen sal ende aenbrengt in crachtedeses
( affgetoogen tgene zij hijer bevorens haer kinderen vermoegens denSignorie
voor svaders goet bekent heeft ) alle alsulcke gerede ende ongerederoerende
ende onroerende goederen als sij nu heeft ende naemaels crijgen machgheene
uuijtgesondert Des is bescheijden ende versproecken dat bij aldien ditvur-
schreven huwelick door den doot gescheijden ende opgelost werden sondereijnen
erve bij malcanderen geprocreert nae te laten die langstlevende van henbeijden
met sijn oder haer aengebrachte onrede oder onroerende goederen affgaensal
Blijvende die gerede goederen sampt winninge ende verloss sal halff endehalff
Des is versproecken ende geaccordeert dat in sulcken val dielangstlevende van
hen beijden echteluijden uuijt des eerst overledenes ongerede oderonroerende
goederen alleene eens verbetert sal wesen die somme van Acht hondertgulden
hollants Dat des eerst overledenes erffgenaemen aent haere missen sullenWij-
ders versproecken dat die vurschreven toecoemende echte Luijdenmalcanderen
reciproce ten allen tijden wijders sullen moegen begiftigen endebelijftuch-
tigen in soe luttick ende vele Soe dick ende mennichmael als hen hetbeliefen
ende goetduncken sal ende sal zulcx alsoe bundich weesen oft ter goedertijdt geschien ende hijer inne mede begrepen stonde Sonder argelistActum den 30
Decembris 1626.
N.B.: signorie, singerie, seinjorie: bestuur.
Zij zijn op 30 april 1626 in ondertrouw gegaan.
Kind(eren):
1629 december ...., rec. 145, folio 255 verso. ( ORAH, copie 15:371 )
Voir Albert Voeth ende Arler Bekenden Rende hermanss Creen ende Gerritgen
Albertss Echteluiden deuchlich schuldich te wesen aen Jofferen Assueraende
Johanna van Middachten die Somme van Acht hondert gulden hollandts stuckad
twintich stuvers, als reste van meerdere Somme heercomende van koop vandie
helfte van twe Campen hen op huiden opgedragen, Daer van sij beloven tebetalen
op Pauli xvi-c ende Dartich Twe hondert gulden, Pauli xvi-c een endedartich
Drie hondert gulden ende 1632 die resterende drie hondert gulden. Alleende
ijder termijn bij verwoning pande etc.
Voir Wenckum ende Albert Voeth Bekende Joffer Assuera van Middachten hierop
ontfangen te hebben die somme van Twe hondert gulden hollandts. Actum den30.
Januarij 1630.
Voir Jacob Voeth ende Tegnagel Bekende Joffer Assuera van Middachten nochont-
fangen te hebben Drie hondert gulden hollandts. Actum den 8. Januarij1631.
Voir Dedem ende Brinck Schepenen Bekende Joffer Assuera Middachten dieres-
terende portien vollen ontfangen te hebben. Actum den x. Decembris 1635.
1632 juli 2, rec. 145, folio 455 verso en 456. ( ORAH, copie 15:389/390 )
Voir Dedem ende Brinck Richteren Tuichden bij solemnelen ede BerndtClaess
olt ongeveerlick 20. jaeren, Daer hij ter instantie van Willem Grene alsvol-
machtiger van Rende Harmss Cree toegebodet was, als recht is, hoe waerende
hem getuige noch wel wittich is Dat nu omtrent veerthien weken geleden opeen
Dinsdach Producent ende Henrick Gijsbertss malkanderen gequetst hebben.Ende
dat hij Getuige een dach off twe te bevorens die huisfrouw van HenrickGijs-
bertss genaemt Jacobgen Stevens, heeft horen seggen dese off dergelijcke
woorden: Rende den bloden Loer, heeft mijn kindt geslagen, ende dat hijGe-
tuige heeft gestaen op sijn hoffstede sijende omtrent smorgens toe Sesuren
Henrick met een bijle naer Rende toe strijcken, ende dat Jacobgen hemvolgende
altemet nae hem greep om hem te holden, ende dat Henrick haer etlickemalen
ontliep ende uuit haer handen sijnde weder sijn pas ging. Ende dat hijGetuige
naderhandt gesijen heeft Dat Rende in sijn Duim ende onder het oogegequest
was, ende dat Rende seijde mede int hooft gequest te sijn, dan dat hijGetuige
sulcx niet gesijen heeft. Ende dat hij Henrick Gijsbertss, daer hijgequest
lach, wel altemet heeft horen verhalen Dat hij wel wilde accorderen.Sonder
meer van den vragen te weten. Soo waerlick moste hem Getuige GodtAlmachtich
helpen. Actum den 2. Julij 1632.
N.B.: bloden loer : laffe lomperd.
1632 juli 2, rec. 145, folio 456 en 456 verso. ( ORAH, copie 15:390/391 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde bij eedeGerrit
Augustijnss olt omtrent 35. Jaeren, hoe waer ende hem Getuige noch welwittich
is Dat nu omtrent 14. weken geleden op een Dinsdach producent endeHenrick
Gijbertss malkanderen gequest hebben Ende dat hij Getuige naderhandegesijen
heeft Dat Rende gequest was in sijn duim, onder sijn ooge ende op hethooft.
Dat hij oick van Henrick Gijsbertss in sijn bedde liggende gehoort heeft,Dat
Rende den steeck onder sijn ooge hadde versett, dat hij hem anders diekeell
ofte Strot affgestoten solde hebben. Sonder meer van den vragen teweten.Soo
waerlick moste hen Getuige Godt almachtich helpen. Actum ut supra.
1632 juli 2, rec. 145, folio 456 verso en 457. ( ORAH, copie 15:391/392 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde bij eedeMarie
Everdtss olt omtrent 47. Jaeren, hoe waer ende haer Getuige noch welkenlick
is Dat nu omtrent 14. weken geleden op een Dinsdach sij een gekrijt heeft
gehoort als Rende ende Henrick tegen malkanderen vochten, ende dat dievrou-
luijden tusschen het gevecht in wilden ( ende dat Henrick met die bijleover
die vrouluijden heen houde naer Rende = doorgehaald ), Twelck geschiedevoor
Rende deur binnen sijn tuyn op die hoffstede, ende dat Rende huisfrouwmet
haer voordochter haer best deden om Rende te holden, ende dat Henrick meteen
bijle over die vrouluiden heen hieuw nae Rende. Ende dat Henrick endeRende
beijde oer geweer neder leijden ende die messe uuijttrocken, ende dat sijvan
anderen wel heeft horen seggen Dat Henricks huisfrouw Jacobgen ende sijnoltste
Soen met Stocken op Rende hadden geschlagen, dan dat sij Getuige sulcxniet
gesijen heeft. Dat sij oick wel heeft van anderen horen seggen DatHenrick met
de sijnen Rende hebben gescholden voor een Dieff moeter off gergelijcke,dan
dat sij Getuige selfs sulcx niet gehoort heeft. Ende dat Henrick intbedde ge-
quest liggende tegens haer getuige seijde, Ick hebbe het hem van grondtmeijnes
hartes vergeven. Van de reste der vragen niet te weten. Actum ut supra.
1632 juni 6, rec. 145, folio 457 en 457 verso. ( ORAH, copie 15:392/393 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde AeltgenEverdtss
olt omtrent 40. Jaeren, hoe waer is Dat nu omtrent 14. weken geleden sijGe-
tuige gesien heeft het voorschreven gevecht tusschen den voorschrevenRende
ende Henrick geschiet sijnde voor Rende doere, binnen sijn thuin op dehofstede
Dan dat sij getuige tselve nijet eer gewaer wierde eer sij tegensmalkanderen
met die messen stonden ende dat sij daetlick van malkanderen waren.Sonder
meer van den Interrogatien te weten. Actum den 6. Junij 1632.
1632, juni 6, rec. 145, folio 457 verso. ( ORAH, copie 15:393 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde EngeltgenMartenss
olt omtrent 14. Jaeren hoe waer ende haer getuige noch wel wittig is Datom-
trent twe off drie dagen eer Henrick Gijsbertss ende Rende Creenmalkanderen
gequest hebben nu omtrent 14. weken geleden, gebeurt is Dat Henricksmiddelste
soen genaemt Gijsbert, met sijn Schapen op Renden Landt moetwillichhoijde
tharer presentie ende aensien, ende als Rende die Schapen daer aff joegedat
den voorschreven Jongen hem Rende toeriep, Gij Dieff, gij Schelm, gijweerwolff
Ende als Rende nae hem toequam Dat die selve Jonge ontliep. Actum utsupra.
1632, juni 2, rec.145, folio 458. ( ORAH, copie 15:394 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde bij EedeRijcket
Broniss olt ongeveerlick 23. Jaeren hoe waer is Dat omtrent 2. off 3.dagen
bevorens Henrick ende Rende malkanderen questen hij Getuige int veltsijnde
gehoort heeft Dat Henricks middelste Soen Gijsbert, Rende toeriep, sonderdie
woorden verstaen te hebben, omdat hij daer soo verre aff was. Ende dathij
Getuige voor twe Jaeren met Rende voorknecht helpende bouwen van verreheeft
gehoort Dat Henrick selfs hem Rende voor een Dieff ende moter scholde.Seg-
gende Rende konde Ick daer tuigen bij crijgen, Ick sollde hem wel andersleren
spreken. Actum den 2. Junij 1632.
1632, juni 2, rec. 145, folio 458. ( ORAH, copi 15:394 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde HenrickDirrickss
olt ongeveerlick 15. Jaeren Dat hem noch wel wittich is Dat omtrent 2.off drie
dagen eer Henrick ende Rende malkanderen questen, Henricks middelste SoenGijs-
bert met sijn Schapen over Rende Landt heen dreef ende dat Rende drieSchapen
van de weg smeet. Sonder meer van den vragen te weten. Actum ut supra.
1634 augustus 1, rec.146, folio 73, 73 verso en 74. ( ORAH, copie12:68/69/
70)
Alsoo eenige questie ende misverstandt ontstaen was tusschen Rende Creenende
Gerritgen Albertss Echteluiden ter eenre, ende Beerdt Peterss ende JutteRenden
syn huisvrouw ter andere syden, over eenige resterende pachten samptuuitset-
tinge van Jutte volgens Acte ende gerichtelicke belofte van den 9. July1626.
Welcke questie partien voorschreven gesubmitteert hebben ter decisie endeuuit-
sprake van die Edele Jacob voeth, Albert voeth, Gerhart Witten endehenrick
Schrassert respective Burgemeesteren van harderwyck ende Hattem terbeiden
sijden hier toe versocht, Soo ist dat d'selve nae verhoor van parthiendaer in
gedecideert ende gearbitreert hebben, Dat die uuitsettinge sal geschiedenmet
die tijckte ende bedde, die Jutte selfe gesponnen heeft met een peluwe, 2Oor-
cussens, twe Dekens vier beddelakens, vier Oorcussenbladen, sampt dieveeren
alrede gereet staende, Die kledinge tot Joachim van Sevener gecost tersomme
van Ses ende vijftich gulden 15 stuiver sullen Rende ende GerritgenEchteluiden
tot haren lasten nemen, Dan het maeckloon, als alrede betaelt, sall bijJutte
gedragen worden. Belangende die resterende pachten tot 1633 incluisverschenen
sullen die kinderen Jutte ende Jacob daer voor genieten vijer mudden halfrogge
ende halff Garste van 't Saylandt, ende ses ende vijftich gulden vantweij ende
hoijlandt, ende dat Rende ende Gerritgen het saedt van dit tegenwoerdigeJaer
sal genieten, mits daer tegens aen den voorschreven kinderenuuitrichtende
vijer mudde half Rogge ende halff Garste, neffens vijftich gulden van dit
lopende Jaer geltpachten, Des sall Rende van syn gunst int landt nijethebben
te genieten. Allet commer vrij Saedt ende vrij gelt sonder eenigecortinge te
betalen op Martini XVI-c vier ende Dartich by verwoning pande endepantsterc-
kinge. Ende sullen parthien voorts nae dat die Schoven vant Landt is metmal-
kanderen in Erffscheidinge treden ende die Landerien met huis ende hoffdeilen,
aenvangende het sailant als die Schoven van Landt is, het weij endehoilandt op
Martini ende huis ende hoff op eerstcomende Petri, ende alsoo danvruntlick ge-
scheiden syn. Blyvende nochtans die Soen Jacob voorbeholden syn beloofdeuuit-
settinge volgens die voorschreven Acte. Actum den I. Augusti 1634 endehebben
parthien belooft tselve alsoo nae te comen, Coram Jacob voeth ende Albertvoeth
Schepenen.
Marge : Voir Jacob voeth ende Albert voeth Schepenen bekenden Beerdtpeterss
als man ende momber syner huisvrouw ende Jacob Renden by Liquidatie ophuiden
geholden, van de Inhouden deser Acte ten vollen verneucht ende betaelt tesyn.
Actum den 13. December 1635.
1634 september 12, rec. 146, folio 78, 78 verso, 79, 79 verso. ( ORAH,12:
71/72/73/74 )
Voir Albert voeth ende Witte Schepenen ende Overwesenmeesterencompareerden
Gerritgen Albertss mit Rende harmss Cree haren Eheman ende in desengecoren
momber ter eenre, ende Jacob Renden Suick met Jutgen Renden syn sustergeas-
sisteert met Beerdt Peterss haren Eheman ende in desen gecoren momber ter
andere syden, ende bekenden door intercessie van goede vrienden van harenErf-
grondt, welcke die moeder met haer voorschreven twe kinderen tot noch toege-
mein gehadt hebben, in erffscheidinge getreden te syn, in volgendenmanieren.
Eerstlick is Rende Cree met syn huisvrouw toe lote gevallen huis hoff,hoff-
stede Berg ende Schaepschott met die Schaepstreeck daer by behorende,beswaert
met den jaerlixsen uuitganck van negen stuiver aende kuster, elff stuiveraen
de kercke ende een ende twintich stuiver tot thins, hijer by een stuckten
suiden vande hoffstede groot ongeveerlick drie schepel ofte een muddesaylandts
Item een acker groodt omtrent een schepel op den hogen hierder enckgenaemt die
Narden. Noch een ackertgen omtrent een schepel landts achter denholscamp, noch
een ackertgen op den harderwycker enck inde Weerscamp groot oickongeveerlick
een schepel gesaijs, hier toe die helfte vant weidelant aen de Glijnstegedaer
van die wederhelfte by haer beijden staens houwelicx is aengecost. Hijertegens
is Jacob Suick ende syn suster voornoemt ten overstaen van haer mantsamen toe
lothe gevallen ende erfflick toegescheiden het vierdepart aen een ervetot Drij
daer aen Jan Visch Peterss, Griete ende Beertgen Aelts die resterendedrie
vierendelen toecomt, hier by een dachmaet hoilants op den Ooster meen inden
poll naest Gerrit Janss Schipper oostwert ende die Geestlicheit westwardtgele-
gen, noch een acker inden nijuwen camp aenden Elswech, groot ongeveerlickeen
halff mudde gesaijs, daer jaerlicx een schepell roggen uuit gaet desthient
vrij is. Item een acker aen den gemelten Els wech genaemt Barruwen Ackergroot
omtrent een mudde Roggelants, Item noch een acker genoempt den LangenAcker
groot omtrent anderhalff schepel gesaijs gelegen tusschen den Elswechende
Bremer busch van welcke parcelen yder syn toegedeilde daetlick salaenvangen
uuitgenomen die lopende pacht, sall als tot noch toe dit lopende jaergemein
syn ende gelycke nae geprofiteert worden. Mit expresse conditien datRende Cree
ende Gerritgen Albertss Echteluiden uuit haren lott eens uuitrichtensullen,
als sij beloven crachte deses, aen haer voorschreven kinderen vijffhondert
ende vijftich gulden tot twintich stuiver het stuck, Petri toecomende adcathe-
dram ofte binnen veerthien dagen daer nae precijs over een hoop tebetalen by
parale ende reale executie, waer mede die moeder ende kinderen wegenshaer
zaliger vaders goedt vruntlick gescheiden syn ende erflick blijvensullen.
Actum den XII September 1634.
Naderhandt hebben Rende Cree ende Gerritgen Albertss Echteluiden aenBeerdt
Peterss met syn huisvrouw ende aen Jacob Renden overgeset het huis endehoff-
stede met schaepschott ende streeck ende berg. Waer voor Berndt peterssende
Jacob Renden beloven op eerstcomende Petri te betalen aen Rende harmenssdie
somme van vijff hondert gulden hollants X Actum den 14. September 1634coram
Albert voeth ende Witte. X Des sullen die voorschreven vijff hondert endevijf-
tich gulden cesseren ende sall Rende daer van niet schuldich wesen.
Marge : Voir Jacob voeth ende Albert voeth Schepenen bekende GerritgenAlbertss
weduwe van zaliger Rende Cree, geassisteert met Willem Greve haeren indeser
saecken gecoren momber van dese 500 gulden hollants by liquidatie tenvollen
verneucht ende voldaen te syn, die voorschreven haere kinderen daer vanbe-
danckende. Sonder argelist. Actum den 13. December 1635.
Rende Harmsen Cree | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Gerritgen Alberts | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.