uit http://www.www.oudscherpenzeel.nl/index.php?option=com_content&view=article&id=155:van-de-haar&catid=41:uitgewerkte-genealogieen&Itemid=74 IIIa
won. Amerongen, tr. Scherpenzeel 29-05-1659 Maytien Arris, won. Kleijn Lambalgen, dr. van Arris Sandersz, op de Pol en Nijsien Willems
In 1646 voert Henrick Thonisz Colffschoten proces tegen Roeloff Sarren/Sanders, op 't Willer, Sander Arresz, op 't Willer, Anthoni, op Renes, Cornelis Jans van Ebbenhorst en Brandt Gijsbers, wegens inning van het zout- en botergeld van de koeien, 5 st. per koe. (Recht. Arch. Scherpenzeel 2 fol. 239vo,2x; 21-12-1646, fol. 242vo,244,244vo; 01-02-1647. Recht. Arch. Scherpenzeel 1 fol. 108 en 2 fol. 245vo-246vo; 22-02-1647).
In 1662 draagt Brant Gijsbertsen op de Haer 5 gl. bij tot de reparatie van het leidak van de kerk van Scherpenzeel (HGS 273).
In 1663 eist de schout van Brant Gijsbertsz en Willem Gijsbertsz, broers, 8 herenponden boete (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 06-10-1662, 08-09-1662, 24-08-1663, 05-10-1663, 26-10-1663).
Jan Rutgersz daagt Willem Gijsbertsz namens zijn broer Brant Gijsbertsz voor het gerecht (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 20-07-1663, 24-08-1663, 05-10-1663, 26-10-1663).
Sijmon Beerntsen en Jan Gerritsen, pachters van de novale tiend sluiten met Maeijtgen Arrissen, wed. Brant Gijsbertsz, een akkoord over het inzaaien van een half morgen novalis of nieuw land bij de boerderij De Haar (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 20-08-1677).
Sijmon Baerntsen en Jan Gerritsen, kleermaker eisen betaling van de novalie tiend van een kamp land van Sander Arrissen namens zijn zuster Maeijtgen Arissen, wed. op De Haer (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 07-08-1676, 06-11-1676, 11-12-1676, 12-02-1677, 21-05-1677).
Maeijtje Andriessen, wed. Brant Gijsbertsen eist betaling van een obligatie van f 50,= van Jochem Reijersen, mede erfgenaam van Reijer Hendricksen, op Bitterschoten en Reijer Jacobsen x Neeltje Reijers, zus van Jochem (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 13-06-1681).
Van 1693-1709 is de wed. Brant Gijsbertsz eigenaar en bruiker van Klein Donkelaar. (Oudschildgeld Donkelaar B1).
Uit dit huw.:
1. Willemtien Brantsen, ged. Scherpenzeel 07-03-1660, jong ov.
2. Gijsbert Brantsen, ged. Scherpenzeel 06-10-1661, op de Haer, ongehuwd, ov. na broer Arris en voor zuster Grietje
In 1716 en 1736 is Gijsbert Brantsz eigenaar en bruiker van 2/3 van Klein Donkelaar, ook geheten Klein Donkelaar (Oudschildgeld Donkelaar B1).
Gijsbert en Grietje Brandsen, won. Cleijn Donkelaar maken een testament op de langstlevende. Maaijtje Arrissen krijgt 600 gl. geprelegateerd en 200 gl. bij ov. van een van hen. De erfgenamen zijn de drie kinderen van hun broer Arris Brandsen (Archief Eemland; AT033a002; 19-08-1729).
In 1730 laat Gijsbert Brantsen, bejaarde jm. won. Klein Donkelaar zijn testament maken. Erfgenaam: zus Grietje, daarna nicht Maatje Arissen (AE; AT033a003 nr. 10; 11-03-1730).
In 1730 verkopen Gijsbert en Grietje Brandsen Klein Donkelaar met de inboedel en vee en ¼ deel van De Pol onder Woudenberg voor 1000 gl. aan hun nicht Maaijtje Arrissen. Zij houden een kamertje aan zich. (AE; AT033a003 nr. 36 en 37; 12-08-1730)
3. Arris Brantsen, ged. Scherpenzeel 22-03-1663, op de Haer
4. Grietien Brantsen, ged. Scherpenzeel 14-04-1667, op de Haer, jong ov.
5. Grietien Brantsen, ged. Scherpenzeel 08-03-1668, op de Haer, ov. 1737, ongehuwd
Gijsbert en Grietje Brandsen, won. Cleijn Donkelaar maken een testament op de langstlevende. Maaijtje Arrissen krijgt 600 gl. geprelegateerd en 200 gl. bij ov. van een van hen. De erfgenamen zijn de drie kinderen van hun broer Arris (AE; AT033a002; 19-08-1729).
In 1730 laat Gijsbert Brantsen, bejaarde jm. won. Klein Donkelaar zijn testament maken. Erfgenaam: zus Grietje, daarna nicht Maatje Arissen (AE; AT033a003 nr. 10; 11-03-1730).
In 1730 verkopen Gijsbert en Grietje Brandsen Klein Donkelaar met de inboedel en vee en ¼ deel van De Pol onder Woudenberg voor 1000 gl. aan hun nicht Maaijtje Arrissen. Zij houden een kamertje aan zich. (AE; AT033a003 nr. 36 en 37; 12-08-1730)
In 1737 wordt ten verzoeke van de erfgenamen van Grietje Brands de boerderij Klein Donkelaar geschat op 800 gl. (Recht Arch. Leusden 1055; 22-03-1737).
Brant Gijsbertsen van de Haar | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.