Kind(eren):
vermeld 1088-1099
De Historische Ontwikkeling van Diest
De oudste sporen van menselijke bewoning in het Diestse klimmen op tot het paleoliticum. De eigenlijke grondvesten voor het huidige Diest werden echter gelegd in de Frankische periode, wanneer ter plaatse een ganse nederzetting ontstond.
Deze nederzetting moet zich langzamerhand uitgebreid hebben. In de loop van de 7de eeuw zou volgens de overlevering, de Heilige Remigius er een bidplaats hebben opgericht ter ere van zijn vroegere leermeester, de Heilige Sulpitius. In de kerstening van de streek had ook de abdij van St. Truiden een belangrijk aandeel. Kerkelijk was Diest trouwens aanvankelijk ondergeschikt aan het geestelijk bestuur van deze abdij. Het wereldlijke bestuur werd blijkbaar waargenomen door een heer, die vanuit Diest de "pagi Hasbaniensi sive Dyostiensi", zoals in 837 vermeld werd bestuurde. Uit een dokument van het jaar 900 kennen we zelfs de naam van deze heer, namelijk Angilramnus.
De periode tussen 900 en 1087 is vrij duister in het Diestse verleden, temeer omdat geen bronnen voorhanden zijn. In 1087 duikt uit de kroniek van de abdij van Sint Truiden een zeker Otto, heer van Diest op.Deze Otto had op onwettige wijze bepaalde goederen van de abdij afhandig gemaakt. Tijdens de daarop volgende decennia zien we de opvolgers van Otto bijna allen in conflikt komen met met de abdij van Sint-Truiden tot uiteindelijk Arnold II in 1163 het begevingsrecht over de Diestse kerkgemeenschap overdroeg aan de abdij van Tongerlo. Voortaan zou deze het geestelijke bestuur over Diest waarnemen en dit tot het einde van de 18de eeuw.
http://users.skynet.be/voenxsite/diestgeschiedenisoranje.htm
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.