Hij is getrouwd met Atalia.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
Koning van Assyrië van -723 tot -704. Volgde zijn broer op nadat die in -723 was vermoord.
Nadat alle opstanden waren neergeslagen, drong Sargon II door tot El Arish (aan de noordkust van de Sinaï). Osorkon IV van een zwaar verdeeld Egypte stuurde zijn nieuwe buurman twaalf prachtige paarden als gift (716 v.Chr.).Hoewel Sargon het met rust liet mocht het niet erg baten, omdat de Nubiërs spoedig een einde maakten aan zijn dynastie en die van zijn rivalen.
Shabaka, die in Memphis resideerde en zijn grip had versterkt over de delta en de Westelijke Oases, had Egypte het jaar daarop weer zo goed als herenigd. Rond deze tijd kwam Iamani van Ashdod in opstand tegen het Assyrische gezag, maar Sargon II versloeg hem. Hij vluchtte naar Egypte, maar men leverde hem uit omdat men liever tot een vergelijk met de machtige Sargon kwam. In datzelfde jaar werd de Medische vorst Daiukku (Deioces) door de Assyriërs gevangengenomen en naar Syrië gedeporteerd. Later zou de Medische koninklijke familie in hem hun stamvader zien (715 v.Chr.).
Uaksatar (Cyaxares) I van Medië betaalde een schatting aan Sargon II. Sargon II had genoeg van het gestook van Rusa I van Urartu en viel zijn noorderbuur aan. Hij drong door tot in de hoofdstad Musasir en voerde de hoofdgod Haldia weg, een zware klap voor Urartu. Rusas I pleegde zelfmoord (714 v.Chr.).
Vanuit de Filistijnse stad Ashdod begon opnieuw een opstand tegen het Assyrische gezag. De opstandelingen hoopten nu ook weer op Egyptische hulp (713 v.Chr.).
Intussen bracht Sargon II alle Neo-Hittitische vorstendommen in het Taurusgebergte onder Assyrische gezag. Hij verwoestte hierbij Ekron (712 v.Chr.).
Hij maakte een einde aan Ashdods opstand (713-711 v.Chr.), waarbij Juda vrijwel ongedeerd bleef (711 v.Chr.).
Nu Syrië en - behalve Juda - Palestina onderworpen waren, het Zagrosgebergte en de Meden schatplichtig waren gemaakt, viel Sargon II Babylon aan. De Chaldeeërs boden verbitterd tegenstand (710 v.Chr.).
Zeven koningen van Cyprus erkende het gezag van Sargon II en betaalden hem tribuut (709 v.Chr.).
Na twee jaar strijd nam Sargon II Babylon in (710-708 v.Chr.). Hij nam de hand van Bel en erkende daarmee de hoofdgod van de stad. Zelfs in Larnaca op Cyprus werd een steen van Sargon II opgericht. (708 v.Chr.)
Hij betrok daarop (707 v.Chr.) zijn nieuw gebouwde hoofdstad Dur-Sharrukin = burcht van Sharrukin (Akkadisch voor Sargon). Heden ten dage is dat Khorsabad. Toen hij echter optrok tegen Tabal, sneuvelde hij zeer onverwacht. Intussen nam koning Hizkia van Juda Ekron over van de Assyriërs en koning Lule van Sidon rebelleerde tegen hen (705-704 v.Chr.).
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.