Kind(eren):
Het geslacht van Ewsum had oorspronkelijk zijn zetel op een burcht 'Den Oert' geheten en gelegen ten noordoosten van Middelstum. Ze leefden vaak op gespannen voet met de Groningers. In de 13e eeuw werd hun burcht dan ook door de Groningers verwoest. Later werd op deze plaats een boerenplaats gesticht, Oldenoort geheten. Na deze vernieling bouwde Ewe in de buurt een nieuwe borg, die de naam Ewsum (Ewesheem) kreeg.
De eerste grondslagen voor de nieuwe borg Ewsum werden gelegd in 1278. Ewsum bij Middelstum ligt markant in het landschap en was eeuwenlang bezit van de familie Van Ewsum. De borg groeide uit tot één van de fraaiste in de Ommelanden. Machtige hereboeren waren de van Ewsums. Ze vormden de eerste adelijke familie in Groningen, dat toen nog Friesland heette. In de 14e eeuw leek het erop, dat de familienaam zou verdwijnen, want uit het huwelijk van Ewo van Ewsum met Eduarda Onsta was alleen een dochter geboren, Menneke genaamd. Toen Hiddo Tamminga van Hornhuizen de hand van Menneke vroeg, stelde Ewo de voorwaarde, dat Hiddo de naam van Ewsum zou aannemen, waarmee werd voorkomen, dat de naam uitstierf. Deze Hiddo werd later door de bekende en beruchte hoofdeling Focco Ukena, die onder andere borgen had te Appingedam, Oosterwijtwerd en Oterdum, op een roemloze en laffe manier gedood. Als een soort vergoeding gaf Focco toen zijn dochter Bawe ten huwelijk aan de oudste zoon van Hiddo, die net als zijn grootvader Ewo heette. Onno, een jongere zoon van Hiddo, erfde Ewsum. Hij stichtte ook de havezate Mensinge te Roden. Deze Onno werd de eerste ridder in de Ommelanden, want tijdens zijn reis naar het Heilige Land en Cypres, van 1443-1445, werd hij door de koning van Cypres tot ridder geslagen. Als dank voor zijn behouden terugkeer liet hij in 1445 de kerk van Middelstum herbouwen.
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.