Heer van Goye, Hagestein en Langerak. Vermeld 1268-1277.Hij komt voor als: Walterus de Goye famulus Dni. Gyselberti ex Goye, 1268; Walterus de Goye famulus zoon van Dns. Giselbertus fratere
t Commendator quondam domus beate Marie Teutonicorum Traiectensis, 1271; Wauter van Goye, 1272; Wouter Heer tot Langeraeck, 1273 (1253?); Walterus Dns. de Goie et de Hagensteine necnon de Langher(ak)e
, 1274; Heer Wouter van Langheraeck (ridder), posthuum vermeld in 1283.
Hij wordt beschouwd als de eerste heer van Langherake uit zijn geslacht. Hij was de oudste zoonvan Dns. Ghiselbertus dns.
de Goye miles, de latere Landcommandeur der D.O. en van diens eerste vrouw, jonkvrouw Wittenhorst. Walterus was getrouwd met een dochter uit het huis van Arkel en wij zagen reeds, dat zij waarschijn
lijk een dochter was van Dns. Harbernus de Monte, heer van Liesvelt en Nyport, ridder, die in 1254 genoemd wordt als broeder van heer Jan heer van Arkel en evenals deze zegelde met het volle wapen Ark
el, zijnde (in zilver) twee beurtelings gekanteelde (rode) dwarsbalken met als randschrift: + S’ HARBERNI DE ARKEL MILITIS.
Waterus was de eerste heer van Langherake uit het geslacht der heren
van Goye, welke heerlijkheid hem evenals half-Nypoort waarschijnlijk door zijn vrouw mede ten huwelijk werd gebracht. Zien wij af van de oorkonde met twijfelachtige dateering 1253, dan wordt hij in d
e stukken slechts vermeld van 1268-1277. Hij moet overleden zijn nà 20 oktober 1281, de datum, waarop zijn zoon Gisbrecht nog voorkomt als heer van Langeraeck en zijn vader dus nog niet was opgevolgd
in Goye en Hagestein en vóór 29 april 1283, de datum, waarop heer Wouter van Langheraeck ridder overleden vermeldwordt. Aangezien het Kalendarium van St. Servaes te Utrecht (ARA Inv. HS, no. 358II
I, fol 122v.) vermeldt: "XIII Kal. (Decembr.) Obiit . . . .Wouter de Goye pater B(erte) Abbatisse", is hij overleden op 19 november 1281 of 1282. Weliswaar staat in het Kalendarium 'pater', maar dit i
s met zekerheid een schrijffout voor 'frater', want de Abdis van St. Servaes, Berta de Goye, was eendochter van Dns. Giselbertus de Goye en dus een zuster van Wouter en het Kalendarium is ons slechts
bekend in afschrift van Buchelius, die zich daarbij vergist zal hebben.
Op 28 juli 1268 is Walterus ex Goye famulus in een geschil gewikkeld met de ridder Hubertus de Everdinghen en de knaap Ar
noldus Snoye over de dagelijkse en tinsgerechten in hun aangrenzende landen, die daar schijnen dooreen te lopen. Het geschil wordt beslecht door scheidsrechters aan wier hoofd zijn vader, frater Ghise
lbertus quondam Dominus (de) Goye staat. Welke gerechten dit betrof, wordt ons duidelijk uit de oorkonde van 31 augustus 1269 (Ant. Matthaeus. Fund. et Fata ecdes. (ed. 1703), pag. 600; zie ook vertaa
ld ridimus van 15 mei 1525: RAU. Inv. HS. no. 1298), waarbij Walterus ex Goye, filius Dni. Ghyselberti ex Goye met heer Zweder van Buesinchem een overeenkomst aangaat over de schouw der Hagewetering v
an de Helsloet af tot de wetering van Gasperde. DieHagewetering is een water tussen de polders Grote en Kleine Hagen, oostelijk van het huidige Vianen. Voorts maken zij bepalingen over de rechtspraak
in beider aangrenzende gerechten, nl. de heerlijkheid van heer Zweder om de Helsloet gelegen en de heerlijkheid van Wouter, omvattend Gasperde, Everdingen en Golberdingen (behorend tot de heerschappi
j van Haghensteyn).
Walterus ex Goye, zoon van heer Giselbertus de Goye, draagt in 1269 (RAU. Inv. HS. no. 378. Deel 4, fol 433, sub no. 20) zijn kasteel te Hagensteyne, evenals zijn vader had g
edaan, op aan de graaf van Gelre om er weer mee beleend te worden. Hieruit blijkt, dat zijn vader vóór zijn intrede in het Duitse Huis afstand van zijn goederen had gedaan; men weet immers, dat deze
bij zijn intrede de gelofte van armoede moest afleggen en dat het afscheid nemen van de wereld zelfs zo ver ging, dat de vrouw van de ridder nadien al weduwe genoemd werd. Walterus de Goye famulus st
aat op 19 juli 1271 aan het Duitse Huis het land af door wijlen zijn vader heer Giselbertus, eertijds broeder en Commendator van genoemd Huis, daaraan beloofd: de landerijen in den Eng, Vrijtgraes en
het Hilichlant, te zamen 16 morgen groot, liggende in de heerlijkheid van Goye, aan de zuid-oostelijke kant van het Slot. Van deze gift, die een totale waarde heeft van 88 ponden, zal hij een gedeelte
mogen terugkopen tegen een evenredig bedrag. Dit schijnt gebeurd te zijn, althans het land Vrijtgras, in zijn geheel 14 morgen groot, was in 1295 nog in bezit van zijn broeder Giselbertus de Goye. Wo
uter’s zegel aan deze oorkonde vertoont een schild met het vair en de dwarsbalken van Goye en heeft tot randschrift: S’ WAL. . . 1, FAMULI . DE. GOYE. (Ned. Leeuw LXVI, 1949,k. 391).
Hacepe
rnus van der Lede, heer van Haestrecht, verkoopt in de Octave van Pasen 1272 (25-30 april; RAU. Arch. Zevender. Inv. no. 57) een watergang aan Walter van Goye ende ridder Fredericus van der Sevender,
samen bezitters van de vijf hoeven. Het water zou afgevoerd worden via de Vornesloet (bij de Voornebrug) naar de Vlist en verder naar den IJssel. Walterus Dns. de Goie et de Hagensteine necnon de Lan
gherake sluit op 27 mei 1274 met de buren en geërfden in Langherake en met heer Frederik gezegd van Sevendere een overeenkomst over het opnieuw bedijken, de uitwatering en de schouw hunner landen. De
ze oorkonde werd reeds besproken; daaraan hangt het fraai bewaarde zegel van Walterus aan rood zijden koordjes. Het vertoont het meergemelde wapen van Goye, met randschrift: + S’ WALTERI. FAMULI. DE
. GOYE.
Wolterus de Goye famulus was op 23 juni 1277 getuige voor de Utrechtse elect Jan (van Nassau, 1268- 1288) bij de verpanding van het Slot ter Horst aan Jan heer van Cuyck. Watferus de Goy
e famulus verkoopt op 9 september 1277 aan de ridder Arnoldus de Amestelle, behoudens de goedkeuring van zijn leenheer, heer Johannes de Kuc, zijn gerecht, de cijns, het veerschip en de visserij van E
yteren, onder voorwaarde, dat heer Arnoldus de schuld van Walterus aan Gerardus de Vlete, gehuwd met de zuster van Walterus, vereffenen zal; zo nodig zal Giselbetus de Goye, broeder van Waterus, in de
ze arbiter zijn. De oorkonde zegt, dat het gerecht zich aan beide zijden van de IJssel uitstrekte. Nog steeds bezat dus het geslacht van Goye dat gerecht in de oude gouw Isla et Lake, waarover zijn vo
orouders met bisschop en keizer in strijd geweest waren, al was het nu dan ook als Cuyksleen (zie ook hiervoor onder jonkvrouw N. de Goye). De uitgifte van deze oorkonde is niet alleen de laatst beke
nde daad van Walterus geweest, het is ook tevens de laatste keer, dat hij wordt vermeld.
In de geauthentiseerde notariële kopie uit 1603 van een der handvesten van Nieuwpoort, van 29 april 1283 (T
elting: Oude rechten van Nieuwpoort. Versl. en Med Ter. t. Uitg. bronnen v/h Oud Vaderl. Recht, 4e deel (1903), pag. 17 sqq; zie aldaar ook de bijlagen en noten, oa. deze oorkonde), wordt Wouter genoe
md: heer Wouter van Langheraeck ridder. Aangezien hij in de bovengenoemde oorkonde van 9 september 1277 nog voorkomt als 'famulus', zou hij op het einde van zijn leven, uit welk tijdperk wij gegevens
omtrent hem missen, nog ridder geworden zijn.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com Familiesite: Dijkstra - Santman Web Site Stamboom: Joyce Maart 2012
Persoonlijke foto van Walterus Uten Goye Toegevoegd via een Photo Discovery™
Stamboom op MyHeritage.com Familiesite: van der Leeden Web Site Stamboom: van der Leeden