Jan Jans Droog, wonende binnen desen banne aan duijn weduwnaar van Duifie Dircx, bij welcke hij heeft geprocereeert drie onmondige kinderen als Maartie, Cornelis en Jan Jans Droog, ende verclaarde de voornoemde Jan Jans Droog aan sijne voornoemde kinderen tot haar moederlijke erfffenisse ofte goederen te bewijsen, en beloofen aan deselve als wanneer tot haar mondige jaren ofte huwelijcken staten sal sijn gecomen te sullem uijtrijcken, ijeder een somme van drie gulden drie stuijvers, item nog aan Pieter Pieters mede een somme van drie gulden drie suijvers, sijnde een naargelaten minderjarige soon en in eerder huwelijck verweckt bij Pieter jans en de voornoemde Duijfie Dircx ende overmindert de bovenstaande kinderen bij de voornoemde comparant en Duijfie Dircx verweckt te alimenteren en te boosien van kost en klederen
Inventaris gedaan
maacken bij ofte van
wegens Dieuwer Jans
weduwe van wijlen Jan
Janz Droogh, wonende
aan Heemskerkerduijn
mitsgaders Pieter Dircxks
wonende tot velsen, en
Jacob Pieters, regerendt
schepen deses dorps, in
qualite als aangestelde
vooghden over Maartie
Cornelis en Jan Janz Droog
minderjarige kinderen
van de bovengemelde
Jan Droogh in eerder
huijwelijk verwekt bij
Duijfie Dircx, van alle
de goederen soo roerende
als onroerende dewelke
bij de voornoemde Dieuwer Jans
en haar overledene man
in gemeenschap sijn
beseten geweest en in
haren boedel gevonden
ten overstaan van de
schout en twee schepenen
tot Heemskerk, en
bevonden als hier na
volgende is
Inthuijs toebehorende
de heer Pieter Pels, en
alwaar de selve weduwe
en kinderen wonagtig sijn
In de koeije stal
Een swarte kalff koe
een grijse dito
In de voornoemde koeijestal
twee roode kalff koeijen
een grijs bonte dito
een witte vaarevaars
een swarte geldevaars
een grijse dito
twee pinken
een schimmelt paart
vijff wintervarkens
In de schuur
Een parthij hooij
op de dors
Een wagen
een kar
twee ploegen
een egh
een wan
op de voornoemde dors
Een stark
ploegh en wagetuijgen
twee graven
misvorken
een schop
een seeff
Int voorhuis
vier kassen
negen delftse koppen
vier tinne beeckers
drie kopere kandelaars
een blaacker
twee strijkijsers
drie aarde kannen
een tinne kan
drie racken
In het selve voorhuijs
sessendertich tinne lepels
twintigh stuck aardewerk
een spiegeltie
twee tafels
vier stoelen
drie doosen
een vat met vlees
Een kopere theeketel
In de grootste kas
ses bossies gaaren
twee stukjes voerlaacken
twee hembtrocken met silvere cnopen
een hoet
twee schoorsteen cleden
een parthij vrouweclederen
een lae met
enige rommelingh
In de voornoemde kas
dertigh soo geule laacken
als kusse slopen
twaalff Hembden
vier sacken
een schoorstein cleet
seven laackens
vierentwintigh soo tafellakens
als servetten
in een andere kas
twee strukjes garen
twaalff gortvals
tweeentwintigh tinne lepels
een bakje met linnen
drie servetten
een schoorsteen cleet
een swarte kaper
drie hemtrocken met silvere cnopen
In de selve kas
een broek met silvere knopem
twee lange rocken
twee korte dito
twee broecken
twee kaas setters
In een cleijn kassie
een parthij oud linnen
een hoet
een root luur
een kap luijer
een parthij kindere goet
een roode laackenen rok
een swart jak
een dito rok
een dito broek
een huijk
drievlootjes
In de keucken
1/4 lingh lijnsaat
twee paar schoenen met silvere gespen
twee bedden
twee geulens
ses kussens
vier laackens
twee geule dito
ses deeckens
aan dewant
negentsestigh stucx aardewerk
drie racken
twee ijsere kettingen
een etens kassie
negen stoelen
drie kussens
een clokje
een tangh
In de voornoemde keuken
drie kopere cransen
drie dito blaackers
twee dito schuijmspane
een dito lamp
een dito confoor
een tinne kom
een dito beecker
een dito treghter
een tafel
een spinnewiel
twee oude laackens
een dito hembt
twee soutvaten
twee theebossen
een tin schoteltie
twee bankies
een spigeltie
een schilderijtie
In de voornoemde keuken
Een bak
een muts
twee hoeden
twee broecken
een schort
een vat
een leij
een parthij garen
twee gordijnen
een val
twee stoven
een freest
In de kelder
twee potten met smeer
een vlees vat
een ijsere koeckepan
een koperre dito
In het opkamertie
ses kopere ketels
vier kussens
twee melk emmers
een parthij erten
een sch?tje
een hak mes
een kissie met groote bonen
een ijsere blaser
enige turcxe bonen
een staspel
een spinnewiel
op de solder
Een thien touw
aght stucken gerookt vlees
twee seijen spek
enige koeije cluijsters
drie koeije decken
op de solder voornoemd
Een vringh tobbe
een kassie
een kissie
een aggele
1/3 aggele
eem erreten planter
twee swingen
een tobbe
enige oude rommelingh
nogh in de koeijestal
Een bed
een peulen
twee kussens
twee laackens
twee slopen
twee deeckenes
een linne jurk en een wolle dito
Bij de voornoemde stal
vijff tinne lepels
een stangh ijser
enige potten, pannen en schotelwerk
een parthij rommelingh
Int huijsie
twaalf mouden
enige tackebossen
een parthij turff
een parthij hout
een kopere ketel
twee water emmers
vier melk emmers
een light
een ijsere pot
twee vorken
een waijer
een karn
in het selve huijsie
een schoffel
een sen
twee wastobbens
een vloot
twee tonnen
een roomvat
twee ver?tels vaten
twee braacken
een tafel
een kassie
een bankie
twee oude stoelen
twee bedden
een kussen
een oude deecken
twee gordijnen
een valletie
twee jucken
in het selve huijsie
een ijsere kuurpael
een roscam
drie henne
een haan
een ijsere pot
op de werff
een parthij wortelen
een parthij hout
enige tackebossen
een soutbank
een parthij mis
een cruijwagen
een vlonder
een paarde blok
verder
enige ouderommelingh
Volgende effecten
en vaste goederen
Een stukje hooijland
liggend onder de banne
van Castricum, genaamt
de stalsdoek, groot circa
1/2 mergen
Een obligatie onder
afstand, ten lasten van
Teunis Michielz, en
Agie Louris aan
Heemskerkerduijn, groot
capitael twee
hondert guldens, van
dato den 21 meij
anno 1729
In de kantlijn van folio 064r:
Solvit den 40 penning
en 1/10 verhoging f 1-15-4
Wij Johannis van Coevenhoven schout tot
heemskerck, Jan Sijmonsz Schuijt en mr. Pieter
Verhammen, schepenen aldaar oirconde en
kennen dat voor ons gecomen en verschenen
sijn, Jan Jansz Droog wonende binnen desen
banne voor 1/7 part, Dirck Vlasser als in
huijwelijck hebbende Griet Jans voor 1/7 part
Griet Jacobs weduwe wijlen Cornelis Jansz voor
1/7 part, Bartel Willemsz als in huijwelijck
hebbende Maartie Arijens voor 1/7 part
Trijntie Arijens voor 1/7 part, en Cornelis
Schoorl in qualite als armenvoogt deses
dorps mede voor 1/7 part, welcke laaste
1/7 part toegecomen hebbende de weduwe Hendrik
Droog, sijnde alle erffgenamen van Agie Cornelis
saliger alhier overleden, dewelcke bij desen bekende
vercogt quijtgescholden en tot een vrijen eij-
gendomme opgedragen te hebben, aan en ten
behoeve van Cornelis Blom wonende tot assum
6/7 parten in 1/3 part van een tuijn, gelegen
binnen desen banne, genaamt bij 't miente
laantie, groot dito 1/3 part 270 roeden be-
lent ten oosten de oosterweg , ten westen de
kerckweg, ten zuijden en noorden de kinderen
van Gijsbert Segersz, van welcke vercopinge
en opdragte sij comparanten bekende al wel
en ten vollen vernoegt voldaan en betaalt
te sijn, en dat mette somme van f 64-0-0
gereet gelt, stellende daaromme den voornoemde
coper in volcomen possessie en eijgendomme
vande voors 6/7 parten in 1/3 part van de
tuijn, belovende oock het selve ten allen
tijden te vrijen en te waren, van alle las-
ten, pagten, renten, evictien en creditien
daart selve voor dato deses enigsints mede
belast ofte beswaart mogte wesen, alles
naar regten van den landen en costume
van onsen dorpe, stellende daar voren ten
onderpande specialijck haare personen, en
generalijck alle haare goederen, roerende
en onroerende, present en toecomende
gene uijtgesondert, maackende alle
deselve subject voor alle regten, regte-
ren, en executien, t'oirconde dese bij mij
schout voornoemt, bezegelt en bij ons
schepenen geteeckent op den 16 september anno 1721
J.v. Coevenhoven
mr. Pieter Verhammen
Jan Simonsz Schuijt
in de kantlijn van folio 097v:
Solvit den 40 penning
en 1/10 verhoging f 30-5-0
Wij Johannis van Coevenhoven schout tot heemskerck
Jan Sijmonsz Schuijt, en Pieter Pietersz Kaassenbroot
schepenen aldaar, oirconde en kennen dat voor ons
gecomen en verschenen is, Jan Jansz Droog, wonende
binnen desen banne, aan duijn, dewelcke bij desen
bekende vercogt, quijtgescholden, en tot een vrijen
eijgendomme opgedragen te hebben, aan en ten
behoeve van de weledelen heer Pieter Pels
wonende tot amsterdam, een huijs, met een bogaartie
staande en gelegen binnen desen banne, groot dito
bogaartie 150 roeden, belent ten oosten 't volgende
stuck, ten suijden de rel, ten noorden Cornelis
Henneman, ten westen Bouwe Pietersz, Item een
stuckelants, gelegen alsboven, genaamt Gerrit
Nelen tuijn, groot 570 roeden, belent ten oosten
de schilpweg, ten noorden Cornelis Henneman, ten
westen 't voorgaande stuck, ten suijden de rel
Item een stuckelants, gelegen alsboven, genaamt
het quartelmansland, groot 1156 roeden, belent
ten oosten de luttickcie, ten westen de schilpweg
ten suijden de streng, ten noorden Teunis Michielsz
Item ee stuckelants, gelegen alsboven, op de geest
genaamt de canis croft, groot 2 morgen 75 roeden
belent ten westen de luttickcie, ten oosten
Teunis Michielsz, ten zuijden de stad haarlem
ten noorden de heeren Sauttijn, sijnde quartelmans-
land ende kanis croft, belast met vier duijten
thijns jaarlijcx te betalen op nieuwejaar tot
heemskerck, van welcke vercopinge en op-
dragte hij comparant bekende al wel en ten vollen
vernoegt voldaan en betaalt te sijn, en dat mette
somme van f 1100-0-0 gereet gelt, stellende daar-
omme den voornoemde heer coper in volcomen
possessie en eijgendomme van het voors huijs
erff en stuckelants, belovende oock deselve ten
allen tijden te vrijen en te waren, van alle lasten
pagten, renten, evictien, en creditien, daart selve
voor dato deses enigsints mede belast ofte beswaart
mogte wesen, alles naar regten van den lande
en costume van onsen dorpe, stellende daarvoren
ten onderpande specialijck sijn persoon en generalijck
alle sijne goederen, roerende en onroerende, present
en toecomende, gene uijtgesondert, maackende alle
deselve subject, voor alle regten, regteren en execu-
tien, t'oirconde dese bij mij schout voornoemt besegelt
en bij ons schepenen geteeckent op den 2e maart
anno 1723
J.v. Coevenhoven
Pieter Pietersz Kaasenbroot
Jan Sijmonsz Schuijt
In de kantlijn:
Solvit den 40 penning
en 1/10 verhoging f 5-10-0
Wij Johannis van Coevenhoven schout
tot Heemskerk, Dirck Teunisz en Barent Hendrikz
scheepenen aldaar, oirkondeen kennen dat voor ons
gekomen en verscheenen zijn, Jacob Blaauweboer
wonende tot Crommenie voor 1/4 part, Jan Jansz
Droogh wonende binnen desen banne aan duijn, meede
voor 1/4 part, en sulcx te samen voor de eene helft
erfgenaam van wijlen Cornelis Blom, en desselfs huijs-
vrouw Grietje Hendriks tot Assum overleeden, mids-
gaders nogh deselve Blaauweboer en Droogh, als last
en ordre hebbende van en innestaandeende rato ca-
verende voor alle verdere erfgenamen, wegens de
andere helft der voorsz boedel, dewelke bij desen
bekende vercogt quijtgescholden, en tot een vrije
eijgendomme opgedragen te hebben aan en ten behoe-
ve van de voornoemde Jacob Blaauweboer, en Cornelis Willemsz
de Jongh, van den dam, een stuk landt leggende bin-
nen desen banne genaamt de tuijn groot 810 roeden
belent ten zuijden Maartje Cornelis, ten noorden Gijsbert
Gijsbertz, ten oosten de oosterwegh, en ten westen de
kerkwegh, van welke vercoopinge en opdragte sij compa-
ranten bekende al wel en ten vollen vernoegt voldaan
en betaalt te zijn, en dat mette somme van 200 gld
gereet gelt, stellende daaromme de voornoemde coopers in
volkomen possessie en eijgendomme van het voorsz stuk
landt beloovende ook het selve ten allen tijden te vrijen
en te waren van alle lasten, pagten, renten, evictien en
creditien, daart selve voor dato deses enigsints meede
belast ofte beswaart mogte weesen, alles naar regten, van
den lande en costume van onsen dorpe, stellende daar
voren ten onderpande specialijk hare persoonen en
generalijk alle hare goederen roerende en onroerende
present en toecomende gene uijtgesondert, maakende alle
deselve subject, voor alle rechten, rechteren en executien
t'oirkonde dese bij mij schout voornoemt besegelt, en bij
ons scheepenen geteekent op den 5e april anno 1729
J.v. Coevenhoven
Dirck Teunisse
Barent Hendrickse
Wij ondergeschreven Schout en
schepenen der Heerlijkheijt heemskerk
hebben bij desen gestelt, gecommiteert
en geauthoriseert, sulcx wij doen bij dezen
de eersame Pieter Dircxen wonende
tot velsen, en Jacob Pieterz regerent
schepen alhier, tot vooghden over de
nagelaten drie minderjarige kinderen
van wijlen Jan Janz Droogh, geprocreert
bij Duijfie Dircx, genaam Maartie,
Cornelis en Jan Janz Droogh, voor soo veel
en verre de voornoemde kinderen reets sijn
opgestorven, door het overlijden van haar
voornoemde vader, met volkomen maght
omme deselve boedel te regeren, en
administreren, tot meeste nut ende proffijt
van de voornoemde minderjarige kinderen
mits dat de voornoemde vooghden gehouden
sullen sijn, en blijven van haare
administratie, aan schout en schepenen
deses dorps te doen, behoorlijcke reec-
keningh bewijs en reliqua
Actum ende ter ojrconde geteeckent
den 4e maart anno 1732
J.V.Coevenhoven
Barent Hendrickse
Cornelis Wagemaker
(1) Hij is getrouwd met Duijfje Dirckx.
Zij zijn getrouwd op 10 februari 1709 te Heemskerk.Bron 1
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Dieuwertie Jans.
Zij zijn getrouwd op 7 november 1723 te Heemskerk.Bron 1
Ze zijn in de kerk getrouwd op 7 november 1723 te Heemskerk.Bron 1
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Jan Janse Droog | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1709 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1723 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Dieuwertie Jans | ||||||||||||||||||||||||||||||||||