(1) Zij is getrouwd met Pieter DE PROOST.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
(2) Zij is getrouwd met Adriaen DE CNOCK.
Volgens verwerking wezenregister 16483 jolio 48, Zedelgem, akte van 17.10.1598 (zie detail bij Cathelijne Buuck).
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
I. Verwerking wezenregisters Brugse Vrije, Noordkwartier periode 1538-1595, register/folio: 16480, 358, Zedelgem, akte van 23-10-1574:
Franskin (daarboven: gehuwd), Pierkin (daarboven:b), Jacquemynkin (daarboven: gehuwd), Jannekin (daarboven: gehuwd) & Maykin (daarboven:+ gehuwd), k.v. De Proost Pieter uit zijn 1e huwelijk met Buuck Cathelyne (d.v. Jacob). Voogden: Hovare Roeland (vrijlaat in Loppem) & Kynd Rycquaert
(vrijlaat te …). Ze erven van hun vader. Als conquest van de ouders was er ... .
II. Verwerking wezenregisters Bruge Vrije, Noordkwartier periode 1596-1699, register/folio: 16483, 48 Zedelgem, akte van 17-10-1598.
Cornelis (23j), Adriaen (16j) & Tanneken (18j), k.v. De Cnock Adriaen (z.v. Cornelis) uit zijn 1e huwelijk met Buuck Cathelyne (d.v. Jacop). De moeder was eerst gehuwd met De Proost Pieter, en uit dit eerste huwelijk kwamen de maternele halfbroers en halfzusters van de wezen voort.
Voogden: Strymeersch Antheunis (z.v. Lenaerd, poorter van Brugge, wonend te Dudzele, aangetrouwde rechtzweer van de wezen) & De Proost Franchois (z.v. Pieter, vrijlaat in Gistel-ambacht “te Pitkens”, halfbroer van de wezen).
Ze erven van hun vader, + januari 1583 te Brugge in de “Zelve strate”. Er zijn diverse onroerende goederen. Zo bekwam de vader van de zijde van zijn ouders onroerende goederen te Zandvoorde, Ettelgem, Oudenburg, ‘Snellegherskercke’ in Camerlincx-ambacht, Snaaskerke, Westkerke, Snellegem, Loppem, Zedelgem, Aartrijke en Sint-Michiels (onder de heerlijkheden van Tillegem en Sijsele). Enkele familieleden:
• De paternele grootmoeder van de wezen was Verburch Pierynken (d.v. Michiel), eerst gehuwd met De Cnock Cornelis, daarna met Focquedeys Jacques.
• Victor en Jacques Focquedeys, k.v. Jacop Focquedeys bij Pierynken, halfbroers van de vader.
• Cathelyne De Cnock was een zuster van de vader. Zij was driemaal gehuwd met Vande Maire Jaspar (hieruit een kind: Pierken), Moysin Hercules (hieruit een kind: Maykin) en De Heere Rycquaert (hieruit een kind: Aernoudyne).
• De paternele grootmoeder van de wezen,Verburch Pierynken, had zelf onroerend goed geërfd van haar moeder De Heye Tanneken (d.v. Jacop) en van de genoemde De Heye Jacop (haar grootvader, dus betovergrootvader van de wezen).
• Het genoemde De Heye Tanneken had tweezusters: De Heye Janneken (gehuwd met Hovare Roelandt) en De Heye Pierynken (gehuwd met Kyndt Rycquaert).
• Verburch Pierynken had onroerend goed geërfd van haar zuster Pierynken (vrouw van Kyndt R.),wat erop wijst dat Pierynken kinderloos overleed.
Er worden verschillende pachters of bewoners genoemd van de onroerende goederen van de zijde van de vader, o.a. wijlen Focquedeys Jacop (waarschijnlijk de stiefvader van de vader) die op een hofstede te Oudenburg woonde, Roels Jan bewoonde een hofstede te Ettelgem, Baenst Passchier junior pachtte grond te Snellegherskercke “voor den loop”, Werrebrouck Jooris pachtte grond te Snellegherskercke “voor den loop”, Castelyen Boudewyn bewoonde een hofstede te Snellegem, …
Er is ook onroerend goed van de zijde van de moeder van de wezen te Loppem, Zedelgem en Aartrijke. In dit verband is sprake van Buuck Jacop (wellicht grootvader van de wezen) die eerst gehuwd was met De Heye Janneken, en die laatst gehuwd was met … Tanneken (Janneken?).
Er is ook ‘conquest’ van de ouders te Zedelgem en Aartrijke.
De moeder als bezitster.
Cathelijne BUUCK | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Pieter DE PROOST | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Adriaen DE CNOCK | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.