Hij is getrouwd met Anna BICKER.Bron 2
Zij zijn getrouwd op 30 juli 1667 te Amsterdam, hij was toen 33 jaar oud.
Kind(eren):
SYPESTEYN (Jan van), zoon van Cornelis en van Geertruid van den Corput,geb. te Hillegom 1633, gest. te Amsterdam 1669, was kanunnik ten dom te Utrecht. Hij trad in militairen dienst als ‘soldaet onder de compaignie gardes van de Heeren Staten van Hollandt ende Westvrieslandt in 's Gravenhaege’ gelijk hij voorkomt op de door Johan de Witt samengestelde en bewaard gebleven lijst van genoodigden bij gelegenheid van diens huwelijk met Wendela Bicker (1655). Eenigen tijd later werd hij tot cornetbevorderd. In 1656 maakte hij als edelman à la suite van den nederlandschen ambassadeur Govert van Slingelandt (dl. V, kol. 747) een reis naar het hof van koning Karel X van Zweden. Tijdens die reis bleef hij in briefwisseling met zijn oom, den raadpensionaris de Witt. Deze drong erin zijn antwoord op aan hem trouw te berichten ‘wat er in de hofhoudinge van de meergemelte Heeren Ambassadeurs al ommegaet, hoe dese onderlinge met malcanderen al accorderen’. Toen tijdens deze ambassade het soldatenhart van den attaché weer boven kwam en hij zich op het oorlogspadwou begeven, ontried zijn oom het hem ten sterkste ‘aengesien in dien oorloch, die wilt ende woest is, niet veel valt te leeren, gelijk wel bij anderen, daer het stuk van fortificatiën beter gepractiseert wort. Daerenboven vermits onse natie aldaer, insonderheyt in dese conjuncture van tijt, odieus is, soude UEd. met de schouders aengesien worden ....’. Het plan is dan ook niet tot uitvoering gekomen. Hij bleef in nederlandschen dienst en dong bij zijn oom in 1661 naar een opengevallen kapiteinsplaats. Deze antwoordde, dat hij eerst minstens 5 of 6 jaar officier diende geweest te zijn en oordeelde het ongeraden de Staten daarover ‘importuyn te vallen, om geen rechtvaerdige blasme ende invidie op den hals te haelen’. Niet hem, maar den schoonzoon van den amsterdamschen burgemeester Vlooswijk, Robert Honywood, viel de ritmeestersplaats ten deel. Toen na diens dood weer een compagnie vacant kwam, werd ditmaal Jan van Sypesteyn aanbevolen, maar de meerdere aanspraken van den luit. dier compagnie Robert Raveschot, neef van van Beverningk, deden dezen verkiezen (1667). Bij de eerstvolgende vacature werd van Sypesteyn benoemd (resol. Holl. 12 Maart 1668). Theodoor Brasser volgde hem na zijn dood in 1669 op.
Hij was gehuwd met Maria van Harencarspel, dochter van Jacob v.H., schepen van Amsterdam, en van Margaretha de Vlaming van Oudtshoorn, bij wiehij geen kinderen had. Na haar overlijden in 1665, hertrouwde hij in 1667 met Anna Bicker, zuster van Jacob B. geh. met Cath. v. Wisselt, en achternicht van Wendela. Uit dit huwelijk sproot een dochter Geertruid,later gehuwd met haar neef Cornelis Ascanius v. Sypesteyn, heer van Hillegom, baljuw van Beierland, zoon van Corn. Asc. (1).
Zijn door een onbekend kunstenaar geschilderd portret is bij jhr. C.H.C.A. van Sypesteyn te 's Gravenhage.
Zie: Fruin, Brieven van J. de Witt I-III (Amsterd. 1906-1912); Balen, Beschr. der stad Dordrecht; Holl Mercurius (1656); Kernkamp, H. Bontemantel. De regeeringe van Amsterdam 1653-72 (Amsterd. 1897).
Johan van SYPESTEYN | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
1667 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Anna BICKER | ||||||||||||||||||||||||||||||||||