Kind(eren):
Noot: het Surinaamse geslachtdraagt deze naam sinds de vrijmaking van 1 vii 1863, die ws. werd bepaald door de toenmalige eigenaar A. Benjamin Elias. Wat opvalt is dat een aantal van de vrijgemaakten ambachtelijk waren geschoold zoals kuiper of visser. Het gslacht ontwikkelde zich snel en had tegen het eind van de 19e eeuw al enkele tientallen naamdragers. In 1921 werden 17 naamdragers geteld, waarvan 12 in Paramaribo, 4 in Marowijne en 1 in Beneden Para.
Pas op - verwarring is mogelijk:
- Premiere*of Adjuba* was moeder van Catrijntje*[*±1801] en dus ws. geboren voor 1785; zij werd op 29 augustus 1834 gekocht [van A. J. J. de J. de Mesquita] , op 7 nov 1835 aan J G Meijer verpand en op 16 april 1836 verkocht door E[lias?] Nahar aan J.[ohannes] F[ranciscus.Meijer Sr. verkocht, waar zij overleed voor 25 xi 1838
- een Premiere*/ Primiere* was 'meisje' gekocht door de Wed. B.Elias "Den 14 Junij 1838 Gekocht van Elias Benjamin" en met uitschrijfdatum 1838 [!] [dit was de dochter van genoemde Catrijntje; de namen sequentie is dus Premiere/Adjuba [(/1785]-> Catrijntje [1801]->Premiere/Primiere [*1829-†1860].
Mogelijk werd door sommige eigenaren een onderscheid gemaakt tussen de twee naamgenotendoor de oudste een dubbele naam te geven die later als werd weergegeven.