https://gw.geneanet.org/edouardb?lang=nl&pz=jean&nz=boutmy&p=adriaan&n=wiltens : "beroep: in Suriname 1695, Raad van Politie en Criminele Justitie 1704, Raad van C iviele Justitie 1709-1713 en 1725-1728, Raad Fiscaal 1727-1735, plantage -eigenaar
https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/index/nt00342/7c51935c-71c1-102d-a0ea-005056a23d00?searchTerm=wiltens
Hij is getrouwd met Catharina Tobiassen.
Zij zijn getrouwd op 10 september 1698 te Plantage Waterland, Surinamerivier, Suriname, hij was toen 28 jaar oud.Bron 3
Kind(eren):
Gebeurtenis (Religion) op 22 december 1718 in Paramaribo, Paramaribo, Suriname : NG lidmaten.Bron 4
Noot: voor een handgeschreven genealogie zie University of Melbourne , Correspondence of the Hayward family regarding business in Surinam: "Trees" showing pedigrees of A M C Hayward on both her fathers (Wiltens Andree) and mothers (Lemmers) side. [2011.0031 Unit 0002]
https://gw.geneanet.org/edouardb?lang=nl&pz=jean&nz=boutmy&p=adriaan&n=wiltens [waaruit diverse gegevens in deze biografie zijn overgenomen ]
https://suriname.nu/surinamenieuws/groot-chatillon/:
Nico Eigenhuis Groot Chatillon
Van een aantal van de eerste kolonisten bleven de nazaten in Suriname lange tijd als planters actief. Zo stond in Commewijne suikerplantage Andrea’s Gift begin 19e eeuw op naam van de erven Mr. P. Wiltens Andree. Laten we bij het begin beginnen.
Adriaan Wiltens (1669-1736) kwam in 1694 naar Suriname, waar hij als secretaris van gouverneur van Scharphuizen fungeerde.
Hij trouwde er in 1698 met Catharina Tobiasse, met wie hij meerdere kinderen kreeg. Haar zus Geertruid Tobiasse trouwde in 1712 in Suriname met Albertus Lippert (1680-1767) eigenaar van plantages Arnhem en Vlucht & Trouw, waarna de beide mannen zakenpartners werden.
In 1704 was Wiltens in het bezit gekomen van plantage Groot Chatillon, die was gesticht door de eerste gouverneur namens de Societeit van Suriname,Van Aerssen van Sommelsdijck, heer van Chatillon, destijds een grote suikerplantage, waarop begin 20-ste eeuw de gelijknamige leprozerie werd gevestigd.
Nadat in 1712 de Fransman Cassard Suriname was binnengevallen en zich met 300 man op Meerzorg had gevestigd tekende Adriaan Wiltens met Paul Amsincq, Willem Pedy en Abraham Kinkhuizen voor de door hem afgedwongen ‘brandschatting’ waarmee de planters zwaar werden belast. Nadien was er in de omgeving sprake van marronage, en het gezin van Wiltens verhuisde in 1718 van de plantage naar Paramaribo. In 1729 kwam het tot een gewelddadige inval door de marrons op Groot-Chatillon waarbij Wiltens ter nauwe nood wist te ontkomen.
De nazaten van Wiltens bleven in Suriname wonen en werden o.a. actief als administrateurs en plantageeigenaren. Zo werd de administratie van Hatterman’s ‘coffiegrond Wolffenbuttel aan het reypad’ verzorgd door Wiltens Andree. Een andere plantage waarvan de administratie door Wiltens werd verzorgd was Reynsdorp, dat later bekend werd onder de naam Bakkie."
Adriaan Wiltens | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1698 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Catharina Tobiassen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||