Kind(eren):
Gebeurtenis (Ondertrouw) op 20 juni 1748 in Paramaribo, Paramaribo, Suriname .Bron 5
https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/index/nt00342/7aad6d58-71c3-102d-a0ea-005056a23d00
"Suriname: Gereformeerden,
Periode: 1688 1792
Familienaam man Dandiran
Familienaam vrouw Desloges
Datum ondertrouw 1748-06-20
Datum huwelijk 1748-01-01
Tekst register 1748 op heeden den 20 junij zijn ten overstaan van de Edele Achtb: heer Louis Chardavoine Raad in den Ed: Hove van politie en Crimineele Justitie door mij ondergesz: secrets: deeser colonie na behoorlijcke ondervraagingh tot den huwelijcken staat in en aangeteeckent de volgende persoonen als : 1. den Ed: Achtb: Heer Elias van der Gaegh jongman van de gereformeerde religie geboortig tot Rotterdam geadsisteerd met den Ed: Achtb: heer Hendrick Talbot junior en desselfs huijsvrouw vrouwe Jacoba Bedloo,"
Gebeurtenis (Boedelscheiding) op 17 september 1784 in Utrecht, Utrecht, Nederland : door Not. J H Gobius; verleners Isak Hoogenberg, wonende te Amsterdam, k.
Philip Dikland, 'plantage Guineesche Vriendschap aan de rivier Suriname ' [Tapatalk 2004]
"De Goede Buurt was een kleine suikerplantage met slechts 35 slaven. Dat is veel te weinig om een suikerplantage goed te draaien. Er werd ook kost verbouwd, en dat zal wel het hoofdmiddel van bestaan zijn geweest.
1770 - de Goede Buurt - Mos. Isidro (kaart Lavaux, 1770)
De kaart van Lavaux editie 1770 bevat veel fouten. De kaart werd in Nederland gedrukt op basis van informatie die vanuit Suriname werd aangeleverd. En in Suriname werd de informatie niet nauwkeurig bijgehouden. Ook de informatie over "de Goede Buurt" is niet correct. Moses Isidro was reeds lang overleden, en de plantage omstreeks 1764 verkocht aan David Francois Dandiran, blijkens een grondbrief uit dat jaar. De naastliggende plantage Behersaba stond in 1770 op naam van Jan Jacob Mauricius.
David Francois Dandiran uit Geneve was in 1748 gehuwd met Johanna Catharina Desloges. Uit dit huwelijk zijn 2 zonen en 3 dochters bekend. Dandiran was tevens eigenaar van de koffieplantage Nooitgedagt aan de Commewijne (thans Ellen), en de plantage Beekvliet aan de Cottica. Hij was raadsheer van Hof van Politie en Criminele Justitie, en bekleedde een tijdlang de functie van ontvanger. Hij vertegenwoordigde in Suriname het handelshuis Jan van der Poll uit Amsterdam.
Bij zijn dood in 1774 werd het plantagebezit onmiddelijk onder sequestratie geplaatst ; blijkbaar was het met hypotheek bezwaard. Dandiran werd begraven op zijn plantage Nooitgedagt aan de Commewijne, naast zijn vrouw, die een jaar daarvoor was overleden. Hun graven zijn verloren gegaan."
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen